Wandelend door de tekening

Hoe prachtig Space Drawings ook is samengesteld, de inhoud blijft te oppervlakkig.

Tekenen is het helemaal. Of was schilderkunst dat? Video en film dan, dat was iedereen zat, en kijk nu eens afgelopen weekend op Art Rotterdam: bewegend beeld rules. Sculptuur, hmm, beetje stil, maar fotografie! De beeldende kunst doet niet onder voor de modewereld qua paringsdans van uit en in. En de kunstenaar, hij ploegde voort.


Kunsthal KAdE neemt het op voor de tekening, zoals - inderdaad - de afgelopen tien jaar meer gebeurde. De tekening, zeggen de samenstellers van de huidige expositie Space Drawings, verheugt zich al tweehonderd jaar in 'stijgende autonomie'. Gestage doorgroei van de tekening als registratiemiddel en voorschets naar echt zelfstandig werk - je merkt het ook aan de markt en de prijzen. In Nederland werd onder andere door het Stedelijk Museum Amsterdam een speciale tekeningen-aankooptentoonstelling georganiseerd in 2007. In 2011 volgde in Schiedam een inhaalslag met een overzicht van tekenkunst vanaf 1960 en vorig jaar zag Amsterdam Drawing het licht, een beurs voor 'klein werk op papier'.


KAdE wil een stap verder: de tekeningen verlaten het platte vlak en groeien de ruimte in. Als je het woord 'drawing' weglaat, zie je hier tien installaties staan (beetje vergeten, maar nu...!). Het 'tekenachtige' moeten we zien in het lijn- en schetsmatige van de installaties, die door elf kunstenaars ter plekke zijn opgebouwd. Inderdaad: touwtjes, raamwerken, latten, bewegende onderdelen, stripachtige lijnen.


Gastcurator Jantine Kremer en directeur Robbert Roos laten de installaties prachtig door het pand, met zijn open structuur van halfopen verdiepingen en vides, woekeren. Dat werkt voor sommigen fantastisch: Chiel Kuijl(1971) haalde snoeihout en gekapte boomstammen uit het Amersfoortse Randenbroekerbos en zet ze over drie vloeren neer, met elkaar verbonden door touwtjes en contragewichten. Trek aan een touwtje en een rilling trekt door de hele constructie. Aam Solleveld (1969) maakt een metershoge, loeistrakke tekening van zwart tape op de witte muur die heen en weer flitst tussen twee en drie dimensies. Inderdaad, de kracht zit in de lijn.


Er zijn vijf grote kaders waar je doorheen kunt stappen van Marije Vermeulen (1976, haar werk werd via een competitie gekozen), met een knipoogje naar Sol Lewitt. Er is een tere, spookachtige constellatie van spin- en vleermuisachtige wezens van Karin van Dam, die er vanaf een verdieping hoger weer totaal anders uitziet. Het is allemaal oogstrelend opgesteld en KAdE laat wederom zien een goede hand van inrichten te hebben.


Alleen, zoals vaker in het bijna driejarige bestaan van de kunsthal, is het als totaal nogal oppervlakkig. De curatoren lijken zo gegrepen door hun idee de tekening ruimtelijk te maken dat bij hun keuze de vorm vaak genoeg was. Alleen de hevig kriebelende en krassende Marisa Rappard (1979) weeft wat historische afbeeldingen door haar werk, een suggestie van landkaarten, de zilvervloot, hier een molensteenkraag en daar een exotisch dier. En misschien dat de Duitse Katharina Galland (1980) met haar op hoge latten staande ruiterstandbeeld van papier iets over macht zegt - het zou kunnen. Twee vermoedelijke statements op elf met zorg uitgezochte kunstenaars is een beetje weinig. Kom, inhoud is nooit uit.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden