Vier vragen over Bezuinigingen NPO

Waarom stopt de NPO niet met amusement of sport in plaats van Brandpunt+?

De Tweede Kamer gaat in debat met minister Slob over de publieke omroep, die flink moet bezuinigen. Hoe zeker is het dat journalistieke programma’s sneuvelen? Vier vragen.

Foto ANP XTRA

Waarom moeten publieke omroepen bezuinigen?

Tot voor kort betaalden adverteerders een kwart van het budget van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) via de Ster. Omdat adverteerders massaal vertrekken naar Amerikaanse bedrijven als Google en Facebook, kelderen de  reclame-inkomsten van veel radio- en tv-zenders. Daardoor ontstond in 2019 een tekort van 62 miljoen euro op het NPO-budget van 800 miljoen.

Dit jaar is er ook al een gat, maar minister Slob (media, basis- en voorgezet onderwijs) vangt dat op uit een spaarpot, de Algemene Mediareserve. Volgend jaar moeten de omroepen dit zelf oplossen, Slob wil niet snijden in zijn onderwijsbudget. Hij heeft de steun van een Kamermeerderheid.

De ingreep komt boven op eerdere bezuinigingen van de kabinetten Rutte I en Rutte II van 160,8 miljoen euro. De rek was er al uit, volgens de NPO, het overkoepelend bestuur van de omroepen.

In hoeverre gaat dit ten koste van programma’s?

De NPO schreef recentelijk aan Slob dat 10 tot 20 miljoen euro kan worden bezuinigd op ‘niet-programmatische’ kosten. Simpel gezegd door efficiënter te werken. Het budget voor tv- en radioprogramma’s kan 30 à 40 miljoen euro omlaag, maar dan gaat iedere kijker het merken en is ‘een ontslaggolf’ onvermijdelijk.

Volgens Slob is er nog geen reden voor paniek. De omroepen ‘hebben aardig wat reserves op de plank liggen’, liet hij weten. Komend jaar kan de NPO daarmee ten minste 24 miljoen euro bijpassen – dat moet, op grond van de Mediawet. Als omroepen bezuinigen op organisatiekosten kan de programmering in stand blijven, redeneert de minister.

De NPO stelt dat ‘de eenmalige inzet van reserves’ onvoldoende is om het tekort aan te vullen. Zeker op langere termijn. Zolang de discussie woedt, is onduidelijk hoeveel omroepen precies moeten bezuinigen. Dat blijkt rond Prinsjesdag.

Eerder lekte uit dat Brandpunt+ zal verdwijnen van tv en dat wordt gekort op Andere Tijden, Tegenlicht en Zembla. Hoe zeker is dat?

Voor Brandpunt+ ziet de toekomst er somber uit, al putten de makers hoop uit berichten over miljoenen op de bankrekeningen van omroepen. De actualiteitenrubriek, die 59 jaar bestaat, trekt steeds minder kijkers: gemiddeld 327 duizend op dinsdagen en 205 duizend op donderdagen. Dat is te weinig voor NPO2, waarop dit programma te zien is. De publieke verontwaardiging is er niet minder om. Acties op sociale media, ook van rubrieken als Andere Tijden, krijgen bijval.

Formeel is niets beslist, het gaat om conceptplannen van de NPO die worden besproken met omroepen en redacties. Daarin staat ook dat de publieke omroep wil investeren in nieuwe programma’s. Per saldo wordt niet bezuinigd op journalistiek.

Slob gaat zich er ook mee bemoeien, mede op verzoek van Kamerleden. De minister bepaalt niet wat op tv komt, Nederland heeft geen staatsomroep. Hij beroept zich op ‘prestatieafspraken’, waarin de NPO onder meer belooft garant te staan voor ‘een onafhankelijke, pluriforme, betrouwbare nieuws- en opinievoorziening’. Zulke publieke waarden mogen niet in gevaar komen, vindt Slob.

Waarom stopt de NPO niet met amusement of sport?

De NPO ziet ‘mensen verbinden’ als belangrijkste taak. In een interview met NRC Handelsblad beklemtoonde tv-directeur Frans Klein zaterdag dat amusement ook publieke waarde heeft. ‘De groep kijkers die van Tegenlicht houdt, wordt al zeer goed bediend door de publieke omroep en komt voldoende aan zijn trekken.’ Met het WK voetbal en talkshows als Jinek verbindt NPO 1 volgens hem alle generaties en lagen van de bevolking met elkaar. Investeringen daarin verdienen zich deels terug via reclame.

De NPO kijkt in principe naar het algemeen belang van de publieke omroep, individuele omroepen en redacties hebben ook oog voor hun eigen belang en dat van hun achterban. De EO dreigt nu met een rechtszaak om forse ingrepen in levensbeschouwelijke programma’s te voorkomen. Vorig najaar stapte Avrotros naar de rechter, over de programmering van NPO Radio 1.

In het Mediapark woeden loopgravenoorlogen. Omroepen hebben steeds meer macht afgestaan aan de NPO. Daardoor is de publieke omroep als geheel slagvaardiger en efficiënter maar soms minder transparant. Door de verdeeldheid slagen omroepen en de NPO er niet goed in te lobbyen tegen bezuinigingen.

NTR-directeur Paul Römer stelde zaterdag in het Algemeen Dagblad voor omroepen nog minder zeggenschap te geven, en de NPO meer. Dat zou het mogelijk maken stevig te bezuinigen zonder te snijden in programma’s. Het wordt interessant te zien hoe de Kamer op zijn plan reageert. 

Meer over