Vier redenen

Waarom stemmen we in 2021 nog niet met stemcomputers of digitaal?

Door de coronacrisis hebben we geleerd zo’n beetje alles op onze thuiscomputers te doen. Kan het stemmen inmiddels niet elektronisch en digitaal? Vier redenen waarom we voor de Tweede Kamerverkiezingen toch met een rood potlood in een stemhokje staan.

null Beeld Vincent van Petten
Beeld Vincent van Petten

1. Papier is echt anoniem

Een veilige verkiezing begint met het principe dat elke stem geheim is. Dat betekent dat niet te herleiden mag zijn wie wat gestemd heeft. Maar dat staat haaks op een andere eis: dat je zeker moet weten dat iemand die haar of zijn stem uitbrengt stemgerechtigd is en in Nederland woont. Het stembureau moet dus in eerste instantie zeker weten dat jij het bent, en vervolgens alles van je vergeten. Daarom lever je een stempas in, moet je je identificeren en krijg je vervolgens een papieren stemformulier dat onherleidbaar is.

Zou je stemmen per computer, dan is een onherleidbare stem niet te garanderen. Zelfs al slaat de computer niet op wie een stem uitbrengt, dan zou je bijvoorbeeld de volgorde van de mensen die zich melden bij het stembureau naast de volgorde van uitgebrachte stemmen per computer kunnen leggen en zo achterhalen wie wat stemt. Er ligt altijd wel iets vast.

2. Dat je gaat stemmen en het tellen is te zien in een stembureau

Kiezers moeten om dat stemgeheim te garanderen alleen het stemhokje in. Die regel garandeert ook dat niemand een stem kan afdwingen. Daarop op afstand controleren is vrijwel onmogelijk. Bij het tellen van de stemmen is juist transparantie belangrijk; iedereen moet daar als toeschouwer bij kunnen zijn. Dat kan niet als de stemmen in een computer zitten.

3. Elke computer is te hacken

Komt nog bij: computerwetenschappers en informatici waarschuwen dat elke computer in principe te hacken is. Het is in elk geval niet uit te sluiten dat het niet gebeurt. En ook al is het toezicht op de computers op verkiezingsdag in orde, op dagen dat er geen verkiezingen zijn moet je ook kunnen garanderen dat er niets met de machines gebeurt. Stemmen digitaal opslaan is daarnaast een probleem omdat die vergeleken met stemmen op papier achteraf veel makkelijker te manipuleren zijn.

Dit zijn allemaal fundamentele bezwaren die niet exclusief in Nederland gelden. Toch worden de risico’s kennelijk in sommige landen voor lief genomen. In de Verenigde Staten wordt gebruik gemaakt van stemcomputers, in Frankrijk, op de Filipijnen en in België ook. Estland biedt haar inwoners de mogelijkheid via internet te stemmen met een digitaal burgerschapsbewijs, vergelijkbaar met onze DigiD. Ook al toonden onderzoekers van dat Estse systeem al eens aan dat het systeem gehackt kan worden.

Minister Ollongren op bezoek bij een stembureau, om te praten over de organisatie rond het stembureau.  Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Minister Ollongren op bezoek bij een stembureau, om te praten over de organisatie rond het stembureau.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

4. Ook waar wel software wordt gebruikt, wordt handmatig gecontroleerd

Het is niet zo dat er helemaal geen software wordt gebruikt bij onze verkiezingen. Per stembureau wordt de uitslag op papier naar het gemeentehuis gebracht, waar de uitslag door twee verschillende mensen een optelprogramma wordt ingevoerd. Alleen als die twee mensen dezelfde uitslag opgeven, telt die uitslag – en zo zijn er meer waarborgen rond het optellen, zegt een woordvoerder van de Kiesraad.

De kritiek van de stichting Tegen Hackbare Verkiezingen is dat de uitkomsten van die optelsoftware vervolgens niet blind vertrouwd kunnen worden en onafhankelijk of handmatig moeten worden gecontroleerd. Bij deze verkiezingen wordt voor het eerst een handmatige steekproef gedaan.

De Kiesraad ziet voorlopig geen reden voor herinvoering van stemcomputers. Wat wel kan gebeuren is dat computers via een scanner de uitgebrachte stemmen vast gaan tellen, waarna er handmatig wordt nageteld. Alles met de hand doen is immers een tijdrovend proces. Zo ongeveer wat de stichting Tegen Hackbare Verkiezingen bepleit. De organisatie is niet tegen machines maar vindt dat we het tellen en uitbrengen van stemmen daar niet alleen aan moeten overlaten. Daarvoor is het proces te kostbaar voor onze democratie. ‘De computer moet de mens controleren, de mens de computer.’

Maar we hadden toch stemcomputers?

Stemmachines en later -computers werden sinds 1966 in Nederland gebruikt. Een klein deel van de apparaten, van fabrikant Sdu, werd in 2006 afgekeurd omdat de beveiliging niet op orde was. De actiegroep onder de naam Wij vertrouwen stemcomputers niet, spande een rechtszaak aan om aan te tonen dat veilige en geheime verkiezingen niet mogelijk zouden zijn met de computers van fabrikant Nedap die nog in gebruik waren. De rechter gaf de actiegroep gelijk. Sinds 2009 stemmen we dus overal met potlood en papier. Sindsdien werden er geregeld voorstellen ingediend om te onderzoeken of elektronisch stemmen, of op zijn minst stemmen tellen, niet toch kan. Dat heeft niet geleid tot veel meer dan plannen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden