Waarom St. Paul de beste dj van Nederland is

Tien jaar geleden benaderde Willem van Zeeland, toen programmeur bij het Utrechtse Tivoli, me. Hij wilde een wekelijkse dansavond in Utrecht beginnen gericht op studenten. Een beetje zoals de Noodlanding in Paradiso maar toch anders en natuurlijk beter. Of ik daar zin in had. Hij had ook al iemand in het oog die dat met mij zou gaan doen. Deze Paul kwam uit Nijmegen, en was weliswaar meer dan tien jaar jonger, maar ergens had Van Zeeland het idee dat we goed bij elkaar zouden passen.

Ik was in die tijd vast zaterdagavond dj in De Melkweg, en draaide wel eens een enkele keer in Tivoli, waar ik Van Zeeland ook van kende. Het leek me een leuk idee, en ik was natuurlijk reuze benieuwd naar deze St. Paul uit Nijmegen. Om elkaar te leren kennen had Van Zeeland iets aardigs bedacht. Met z'n drieeen een keer op donderdag uitgaan zodat we meteen konden hoornemen wat onze aanstaande concurrentie deed.

Die avond waarbij we een rondje disco's deden wier namen ik niet eens meer weet, zal ik nooit vergeten. Het was echt alsof ik eindelijk iemand had getroffen die muzikaal precies dezelfde ideeen had. Of we het nu hadden over dance, soul, pop of rock: we hadden dezelfde favorieten. En we hadden vooral aan dezelfde dingen een hekel. Lompe bigbeat, nu-metal, trance en zeg maar de Tupac kant van hiphop.

Toen we in juni 1998 uiteindelijk samen achter de draaitafels stonden hoefden we elkaar ook niks uit te leggen. Ik stond meteen al versteld van de enorme technische kwaliteiten van Paul. Hij kon toen al mixen zoals ik niemand dat voor hem en na hem heb horen doen. Hij op zijn beurt genoot weer van mijn brede voorkeur voor soulvolle popdeunen.

Op ons werkbezoek hadden we al bepaald dat een dansavond waarop je niet California Dreaming van de Mama's And The Papas naast Lauryn Hill en Underworld kon draaien, een mislukte avond was. En vanaf de eerste avond Pop-O-Matic zoals de nieuwe donderdag-dansavond genoemd werd, brachten we dit meteen in praktijk.

Er was veel skepsis over de nieuwe avond. Tivoli-veteranen, mensen die je nog maar een keer per jaar zag als Dead Moon of de Cosmic Psychos kwamen spelen, wisten het zeker: een dansavond op donderdag dat ging niet lukken, want was al zo vaak geprobeerd.

Ze hadden ongelijk. Er waren de eerste week 250 man en wekelijks liep het aantal op. Het balkon moest open en ergens in 1999 waren we voor het eerst uitverkocht. Het succes kwam behalve door de muziek die we wel draaiden, heb ik altijd gedacht misschien ook wel door de dingen die we niet draaiden.

Geen Metallica, Foo Fighters en System Of A Down dus, want nummers waar drie mensen als een gek vooral lomp op staan springen, en de rest dekking kan zoeken, kwamen er niet door. Niet de door Paul als spuuglelijk omschreven Fat Boy Slim remix van Cornershop maar het origineel van Brimful Of Asha, geen Kylie met I Just Cant Get You Out Of My Head en al helemaal geen door Paul verafschuwde Eminem.

Hits maakten we zelf: zoals Boy With The Arab Strap van Belle And Sebastian. En een belangrijke dansmotor waren ook de uitgekiende hiphopselecties van Paul. Die platen van A Tribe Called Quest, Blackalicious en Gang Starr ook nog eens voortreffelijk kon mixen.

Een jaar of vier bleef ik hem bijstaan, maar in de zomer van 2002 vond ik het mooi geweest. Ook in de Melkweg was ik al gestopt omdat ik steeds minder tijd had of wilde hebben voor die nachtelijke sessies. Ik had genoten, maar het was genoeg zo.

Paul is nu al zes jaar alleen het gezicht van Pop-O-Matic de tien jaar geleden tot mislukken gedoemde dansavond, en dat werd de afgelopen weken gevierd met drie onvergetelijke dansavonden.

De festiviteiten rond 10 jaar Pop-O-Matic kende drie verschillend gekleurde avonden, woensdag hip, met The Gossip, Lefties Soul Connection en ondergetekende die samen met het feestvarken de avond afsloot. Donderdag was er een 'gewone' Pop-O-Matic met korte optredens van GEM en de Opgezwolle rappers, voorafgegaan door een hartverwarmend samenzijn van en toespraken door betrokkenen, en een popkwis.
Er kwam die avond een recordaantal van 1300 man op de Pop-O-Matic die St. Paul de set van zijn leven hoorde draaien. Alle genres kwamen voorbij en op de manier waarop Paul ze verwerkt lijkt het echt alsof de Ting Tings en Jusitice tot dezelfde familie behoren.

Vrijdag volgde een weergaloos optreden van The Bees. Waarom die band nooit echt is doorgebroken is me een raadsel. Zij brachten precies die mengeling van soul, pop, funk, ska en rock die past bij de Pop-O-Matic, zoals de Rotterdamse Madd daarna sixties beat op z'n aller vrolijkst presenteerde. De dj-set van Chris en Richard uit Belle And Sebastian was allervermakelijkst en schoot met Hot Butters Popcorn, Once In A Lifetime van Talking Heads en New Big Prinz van The Fall alle kanten op.

Hoe feestelijk ook, ook deze kant van het draaien wat de door Paul verafschuwde term eclectisch draaien eigenlijk impliceert, beheerste Paul zelf nog veel beter, wat hij bewees in het laatste uurtje van zijn jubileum feest.

Het waren drie onvergetelijke dagen, met drie keer een ander maar steeds fantastisch publiek. De enige dj die me eerder zo in extase kon krijgen was ooit Eddy de Clercq. Ook dan keerde je boordevol nieuwe muzikale impulsen naar huis terug. Je had de Pepclub op zaterdag, de Roxy op Vrijdag en er is nog Pop-O-Matic op donderdag.





Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden