Waarom rukte iemand Libans ogen uit in Brussel?

Achter een gruwelijke mishandeling in nachtelijk Brussel blijkt een genadeloze politieke machtsstrijd schuil te gaan tussen groepen uit Djibouti. Ze vechten in België hun twisten uit.

Beeld Aurélie Geurts

'Ik geef niet op', zegt Liban Moustapha Hassan in zijn ziekenhuisbed. De jonge Djiboutiaan heeft een zwachtel rond zijn hoofd die enkel zijn mond en ringbaardje zichtbaar laat. Hij lacht zijn bruine tanden bloot. 'Ik heb zwaar geïnvesteerd in de oppositie, ik heb mijn twee ogen gegeven, maar ik zal de vruchten van mijn investering plukken. De strijd gaat door. Meer nog, de strijd zwelt aan.'

Er hangt een vreemde sfeer in zijn ziekenhuiskamer, in het Sint-Pieterhospitaal in Brussel. Rond zijn bed zitten zes bezoekers, op de gang wachten er nog meer. Ze luisteren aandachtig als Moustapha Hassan praat, vullen soms zinnen aan, maar willen niet vertellen wie ze zijn. Familie? Vrienden? Politieke medestanders? 'Leden van de Djiboutiaanse gemeenschap', meer willen ze niet kwijt. Een van hen treedt op als bewaker van Moustapha Hassan. Je weet maar nooit.

Vorige maand werd Liban Moustapha Hassan (33) slachtoffer van een van de gruwelijkste misdaden ooit in Brussel. De jonge militant, actief in de Djiboutiaanse oppositie, werd 's nachts op straat aangevallen. De dader sloeg hem met een hamer op zijn hoofd, vertelt het slachtoffer geëmotioneerd, werkte hem tegen de grond, beet zich vast in zijn linkerhand en rukte met blote handen zijn ogen uit hun kassen. De politie, gewaarschuwd door een langsrijdende taxichauffeur, vond Moustapha Hassans twee oogbollen naast hem op de stoep.

Een dag later werd de vermoedelijke dader opgepakt: Valeri I. A., een 33-jarige Djiboutiaan uit Nederland. Valeri I.A., een politieke tegenstander van Moustapha Hassan, gaf toe met het slachtoffer gevochten te hebben, maar 'kon zich niet herinneren diens ogen te hebben uitgerukt', aldus het Openbaar Ministerie. Hij is aangeklaagd voor opzettelijke slagen en verwondingen, foltering en onmenselijke behandeling.

De barbaarse gebeurtenis heeft de Djiboutiaanse gemeenschap in België grondig door elkaar geschud. De kleine gemeenschap - iets meer dan 1.200 personen - leeft al langer in spanning, door een vaderlandse dictatuur die zijn invloed tot in Brussel doet gelden, en een versnipperde oppositie. In het ondoorzichtige wereldje gonst het van de geruchten, intriges en complottheorieën.

Nu de politieke strijd tot geweld heeft geleid, is het hek van de dam. Voor een deel van de Djiboutiaanse diaspora is Liban Moustapha Hassan een martelaar, slachtoffer van een politieke afrekening. Voor anderen is hij een overloper, een pion van het regime. Zijn gruwelijke behandeling zou een uit de hand gelopen privéconflict geweest zijn, uitvergroot om politieke tegenstanders in diskrediet te brengen. Op sociale media vliegen de beschuldigingen heen en weer.

Het zijn uitlopers van een conflict dat 7.000 kilometer verderop speelt: in Djibouti, in de Hoorn van Afrika. De dictatoriale president Ismaïl Omar Guelleh - in de volksmond 'IOG' - gooit er zijn tegenstanders in de cel en buit zijn bevolking uit. De werkloosheid bedraagt 60 procent, 80 procent leeft onder de armoedegrens en qua persvrijheid staat Djibouti 172ste op een lijst van 180 landen. Omdat Frankrijk en de VS militaire bases hebben in het strategisch gelegen Djibouti blijft westerse kritiek op IOG meestal uit.

De Djiboutiaanse oppositie is grotendeels naar Europa gevlucht, vooral naar Brussel: je kunt er Frans praten, net als in Parijs, maar de Djiboutianen voelen zich er meer op hun gemak dan in Frankrijk, hun voormalige kolonisator. Brussel is ook al jaren de uitvalsbasis van de belangrijkste Djiboutiaanse oppositieleider: Daher Ahmed Farah, beter bekend als 'DAF'. Hij wordt als spilfiguur genoemd in het bloederige drama.

Ismaïl Omar Guelleh bij de Verenigde Naties. Beeld ap

Krottenwijk

Liban Moustapha Hassan kwam in 2015 naar België. Hij groeide op in Balbala, een krottenwijk in de hoofdstad Djibouti. Zijn moeder verkocht snacks op straat, het gezin kwam nauwelijks rond. Dat werd iets beter toen Moustapha Hassan een baan kreeg als brandweerman in de haven, een staatsbedrijf onder leiding van de broer van de president. 'Maar ik engageerde mijn autootje in de strijd', zegt hij in gekunsteld Frans. 'Ik reed naar een betoging van de oppositie. Toen ik betrapt werd, werd ik ontslagen en ben ik naar België gevlucht.'

Daar sluit Moustapha Hassan zich aan bij de politieke jongerenbeweging Mouvement des Jeunes de l'Opposition (MJO Europe). Hij ontmoet er Valeri I. A., zijn latere vermoedelijke aanvaller. Oude vrienden en medestanders zwijgen over I. A., maar hij zou zo'n vijftien jaar geleden naar Nederland zijn gevlucht en zich als Somaliër hebben voorgedaan om asiel te krijgen. Acht jaar geleden verhuisde hij naar Brussel. Zijn advocate doet geen mededelingen zolang het onderzoek loopt.

Onderling geweld

Politieke en religieuze verschillen kunnen ook onder andere migrantengroepen stevig uit de hand lopen. Vooral tussen Turkse stromingen. Na de mislukte staatsgreep half juli maakten aanhangers van de Turkse geestelijke Fettulah Gülen melding van intimidaties en doodbedreigingen door sympathisanten van president Erdogan. Spanningen tussen Koerden en nationalistische Turken broeien continu. Ook herdenkingen van de Armeense genocide zijn een bron van onrust.

Aanhangers van de Eritrese dictator Isaias Afewerki grijpen stevig in bij negatieve uitlatingen over het land van herkomst. En uit de Somalische gemeenschap komen signalen van onderlinge vechtpartijen.

Bij MJO Europe sluiten Djiboutiaanse jongeren zich aan om meer kans te maken op politiek asiel, als oppositielid. Als de verblijfsvergunning er is, komen ze niet meer opdagen. Op groepsfoto's zie je elk jaar andere gezichten. De leiding lijkt er niet zwaar aan te tillen, zolang de jonge leden maar opdraven bij de vele Brusselse betogingen tegen het regime.

MJO Europe is aanvankelijk gelieerd aan oppositieleider DAF. Die is jarenlang de grote held van de Djiboutiaanse oppositie, maar valt in april dit jaar bij een deel van de oppositie in ongenade. Liban Moustapha Hassan breekt met DAF, terwijl Valeri I. A. hem trouw blijft. Op een bijeenkomst van de MJO krijgen de twee slaande ruzie. Een paar uur later zoeken ze elkaar in de straten van Brussel op en gaan ze op de vuist, met gruwelijke gevolgen voor Moustapha Hassan.

Volgens het slachtoffer en zijn aanhang is het duidelijk: dit is een politieke afrekening, in opdracht van oppositieleider DAF, die zijn greep op MJO Europe niet wilde verliezen. De vermoedelijke dader, Idriss Awaleh, is volgens hen een neef van DAF, al kan dat in het 'land van de neven' een verre verwantschap zijn. 'De laatste weken heb ik DAF bekritiseerd', zegt Moustapha Hassan. 'Ik wist dat hij boos zou reageren, maar geweld had ik niet verwacht. Ik ben heel bang voor wat hij nog meer zal doen.'

'Pure propaganda', zegt Dimitri Verdonck, Afrikaspecialist, voorzitter van mensenrechtenorganisatie APC en toegewijd verdediger van oppositieleider DAF, met wie hij een hechte band heeft. Daher Ahmed Farah zelf mengt zich liever niet in de controverse. Volgens Verdonck is in Djibouti niets wat het lijkt: oppositieleden spelen er vaak onder een hoedje met het regime, uit angst voor repercussies of in ruil voor baantjes. 'Er zijn aanwijzingen dat Liban Moustapha Hassan contact had met de ambassade. Hij wordt gemanipuleerd om DAF, de enige opposant die de dictatuur echt in gevaar kan brengen, zwart te maken.'

Verrader

Dit soort uitlatingen is volgens Moustapha Hassan net de reden waarom hij met de voormalige oppositieheld brak: 'Als je een kritische vraag stelt, word je als spion of verrader afgeschilderd. DAF strijdt tegen de dictatuur, maar hij is zelf een dictator geworden.'

Verdonck wil de beschuldigingen weerleggen, maar er eigenlijk geen aandacht aan besteden. 'DAF voert al dertig jaar oppositie, denk je dat hij zich bezighoudt met twee jonge ruziemakers? Als je DAF kent, weet je dat de beschuldigingen absurd zijn: hij is de vreedzaamheid zelve. Hij is ontelbare keren in de gevangenis gegooid, maar hij laat zich altijd gewillig meevoeren. Geweld gebruiken staat volledig haaks op wie hij is.'

Wie gelijk heeft, is onmogelijk te achterhalen. In de Djiboutiaanse gemeenschap circuleren stiekem gemaakte video's en transcripties van telefoongesprekken, maar die zijn niet te verifiëren. 'Ik weet niet meer wie ik kan vertrouwen en wie niet', zegt voormalig MJO Europe-voorzitter Elmi Miguil. 'Maar de spanning loopt op. Ik heb zelf al doodsbedreigingen gekregen.'

Een ding is zeker: het grootste slachtoffer is Liban Moustapha Hassan. Hij is voor altijd blind. 'Fysiek ben ik gesloopt', zegt hij. 'Maar mentaal ben ik sterk. Ze hebben mijn zicht afgenomen, niet mijn visie. Ze hebben mijn ogen verwond, maar mijn mond zijn ze vergeten.'

Dit artikel is gebaseerd op uitvoerige gesprekken met zeven Djiboutiaanse activisten, afkomstig uit verschillende kampen van de oppositie.

Een betoging tegen het geweld op oppositieleden.

Verdeeldheid in de Djiboutiaanse oppositie

Oppositieleider Daher Ahmed Farah (DAF) bestrijdt de Djiboutiaanse dictatuur al decennia vanuit Brussel. In 2013 boekt hij voor het eerst succes, als hij in aanloop naar de parlementsverkiezingen zeven oppositiepartijen weet te verenigen. Het bondgenootschap bemachtigt enkele zetels in het parlement, en dictator Ismaïl Omar Guelleh (IOG) belooft hervormingen door te voeren.

Omdat het bij loze beloften blijft, besluit DAF de presidentsverkiezingen van april 2016 te boycotten. Dat besluit valt slecht bij de andere oppositiepartijen, en het bondgenootschap valt uit elkaar. Sindsdien richten de vele oppositiepartijen hun pijlen niet alleen meer op dictator IOG, maar ook op elkaar.

Ook in België verbrokkelt de Djiboutiaanse oppositie, en jongerenbeweging MJO Europe deelt in de klappen. Liban Moustapha Hassan richt met een tiental medestanders het nieuwe Forces Progressistes pour le Changement (FPC) op, dat zich tegen oppositieleider DAF kant. Valeri I. A. wordt lid van het nieuwe Démocrates Djiboutiens de l'Extérieure (DDEX), dat DAF steunt. De splitsing in nieuwe groeperingen verloopt vaak langs clanlijnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden