Analyse

Waarom Mathieu van der Poel het geel wel/niet kan behouden

Mathieu van der Poel zegt het, zijn ploegleider zegt het en iedereen zegt het ze na: dit weekeinde gaat Van der Poel na een week zijn gele leiderstrui verliezen, want de Ronde van Frankrijk is bij de bergen aanbeland. Maar na de etappe van vrijdag is alles anders. Drie redenen waarom hij het geel toch behoudt. Of, ook drie redenen, inderdaad verliest.

Mathieu van der Poel in de gele trui en Ide Schelling in de bolletjestrui voor de start van de vierde etappe. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Mathieu van der Poel in de gele trui en Ide Schelling in de bolletjestrui voor de start van de vierde etappe.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Geel: ruimere voorsprong

Van der Poel en zijn ploegleider Christoph Roodhooft waren er donderdag van overtuigd dat het in de bergen einde verhaal zou zijn als het om de gele trui ging. ‘We moeten wel realistisch blijven’, zei Roodhooft poëtisch, ‘de bergen rekenen zelf.’ Die rekensom is na de etappe van vrijdag anders. De Nederlandse klassementsleider heeft in die langste etappe in 21 jaar (249 km), na een monsterontsnapping van 215 kilometer met een groep van 29 man, flink afstand genomen van gekende klimmers zoals Pogacar (3 minuten en 43 seconden), Carapaz (5.19) en landgenoot Kelderman (5.31). Zijn eeuwige rivaal Wout van Aert is nu zijn naaste bedreiger, met 30 seconden achterstand, en kan zaterdag een gele poging wagen. Maar ook Van Aert is geen pure klimmer.

Geen geel: te zwaar gebouwd

Mathieu van der Poel is voor een wielrenner met 1,84 meter een grote man en daar hoort een gewicht bij van 75 kilogram, volgens de officiële opgave. Of dat exact klopt is nooit zeker. Renners doen graag geheimzinnig over hun gewicht, omdat het informatie is waarmee de concurrentie kan rekenen. Vooral om de eerlijkste vergelijking te maken: het vermogen dat een renner per kilo lichaamsgewicht kan trappen. Van der Poel liet op woensdag in een onverwacht sterke tijdrit zien dat het met zijn wattages wel goed zit. Maar dat zegt niet alles. Wie 100 kilo weegt en 200 watt trapt, gaat niet zo hard als de renner die hetzelfde vermogen op de pedalen zet, maar 60 kilo weegt. Om pakweg de 66 kilo lichte Tadej Pogacar bij te houden, moet Van der Poel langdurig meer vermogen uit zijn benen halen dan de Sloveense favoriet voor de eindzege.

Geel: bergritten geoefend

Van der Poel heeft maar een paar serieuze bergritten gereden dit seizoen. Hij eindigde daarin rond plek 100. Overtuigd van het ontbreken van klimmerscapaciteiten liet hij die etappes al snel lopen. Er stond ook niets op het spel in zijn ogen. Zaterdag is dat anders: een gele trui is elke dag een hoofdprijs. Bovendien blijkt Van der Poel helemaal niet zo’n slechte klimmer als hij er zijn zinnen op zet. Op trainingskamp in 2020 besloot hij de snelste tijd aan te vallen op de Col du Petit Saint-Bernard, een 24 kilometer lange Alpenklim. Van der Poel zette de Franse, vederlichte klimgeit Warren Barguil (61 kilo), die het record al jaren in bezit had, met een tijd van 51 minuten op 5 minuten achterstand.

Geen geel: explosieve rijstijl

Een berg op rijden is een langdurige, gestage en al met al constante inspanning. De kracht van Van der Poels rijstijl is juist het tegenovergestelde: felle, explosieve uithalen, gevolgd door korte momenten van herstel. Denk aan een veldrit: op en af, gas geven en ‘rust’. Zo pakte hij met succes de tijdrit aan. Het profiel van het parcours daarvan noemde hij ook op-en-af. Een berg is alleen op. En in één tempo malen. Zijn explosiviteit kan de huidige man in het geel niet goed kwijt op een berg.

Geel: chronische zelfonderschatting

Na de tijdrit van woensdag is duidelijk: Van der Poel kan veel meer dan hij zelf in het openbaar zegt dat hij kan. Hij reed zelden een tijdrit en als het ertoe doet, behoort hij tot de besten in een voor hem nieuwe discipline. Zijn ploeg had wetenschappelijk verantwoord gepland hoe hard hij waar moest rijden, maar Van der Poel volgde zijn gevoel en kwam tot een sneller dan geplande gemiddelde snelheid van ruim 50 kilometer per uur.

Voor de tijdrit zei Van der Poel ervan overtuigd te zijn dat hij het geel zou verliezen. Niet dus. Net zo stellig is hij over het aanstaande verlies van geel in de bergen. Dat zegt kennelijk niet zoveel, al bleef Van der Poel er vrijdag, na weer een dag truibehoud, hardnekkig níét in geloven. ‘Vandaag moest ik diep gaan om het geel nog één dagje te kunnen dragen en morgen zien we wel verder.’

Geen geel: geen ploeg voor de bergen

Alpecin-Fenix, de ploeg van Van der Poel, debuteert in de Tour en beleeft dankzij hun kopman een grote gele droom. Maar de ploeg is niet samengesteld voor de bergen. Het is vooral een sprintploeg die voor ritwinst in vlakke etappes is gekomen. En voor de gele trui om de schouders van Van der Poel na de eerste of tweede etappe. In de bergen zou de ploeg vooraan moeten rijden om hun kopman bij te staan. Het is waarschijnlijker dat de sprinters zich gaan nestelen in ‘de bus’, de grote groep niet-klimmers die uitsluitend de opdracht hebben op tijd over de finish te rollen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden