Waarom is Oeganda zo blij met alle vluchtelingen?

's Werelds grootste vluchtelingenkamp ligt in Oeganda, er verblijven Zuid-Soedanezen in hutten, ze hebben er eigen akkertjes en scholen. De Oegandezen profiteren mee van de hulp en voorzieningen. Een voorbeeld voor andere landen, maar nu het kamp vol raakt, ontstaan spanningen. En wat als hulporganisaties de geldkraan dichtdraaien?

Vluchtelingen uit Zuid-Soedan verbouwen een stukje gegeven grond. Beeld Frederic Noy

Patrick Mawa (20) staat naast zijn akkertje van een paar vierkante meter met pas ingezaaide plantjes van de groente amarant. Mawa vluchtte met zijn ouders en zeven broers en zussen uit Zuid-Soedan. Ze kregen een stukje grond hier in Bidi Bidi in Oeganda. De familie woont in twee hutten van leem en stro, met een zonnepaneeltje voor de mobiele telefoons. Een blauw muskietennet tussen houten paaltjes beschermt hun akkertje tegen zwiepende stofstormen. Mawa: 'Wij zijn blij dat Oeganda ons een plek geeft.'

Mawa's gezin is niet alleen. In Bidi Bidi leven meer dan een kwart miljoen Zuid-Soedanezen. De vluchtelingenopvang is uitgegroeid tot de grootste ter wereld sinds de opening in augustus vorig jaar. Hutten en tentjes van VN-vluchtelingenorganisatie Unhcr strekken zich uit tot zo ver het oog reikt.

Gezondheidszorg, onderwijs en land

Oeganda heeft een bijzonder opvangbeleid: het geeft alle vluchtelingen grond waarop ze kunnen bouwen en gewassen mogen bewerken. Zelfredzaamheid en fysieke ruimte voor de nieuwkomers zijn het doel. Vluchtelingen hebben ook recht op gratis basisonderwijs en gezondheidszorg.

'Tegen Oeganda zeg ik: dank jullie', verklaart Elias Kandus (42) achter zijn bureau met daarop een berg mappen en een goudkleurige schoolbel. Kandus is hoofd van de Koro Highland Primary School, één van dertig basisscholen in Bidi Bidi. Kandus was leraar in Zuid-Soedan voordat hij naar Oeganda kwam. Zijn nieuwe school is met bijna drieduizend leerlingen bomvol. De Unhcr betaalt. Naast de deur van Kandus' kantoortje liggen de pijlen en boog van de nachtwaker van de school.

Een kapsalon in het vluchtelingenkamp. Veel vluchtelingen zijn zelfredzaam. Beeld Frederic Noy

Opvallend aan Oeganda's vluchtelingenbeleid is ook de vuistregel van '70/30'. Die houdt in: voor iedere zeventig Zuid-Soedanezen aan wie diensten worden verleend, moeten ook dertig Oegandezen profiteren. Het beleid moet zorgen voor economische ontwikkeling en draagvlak onder de lokale bevolking. Oegandezen uit de omgeving van Bidi Bidi mogen hier handel drijven en gebruikmaken van de waterpompen, scholen en klinieken.

De Oegandese Fahima Bako (20) ploft na een voettocht van drie uur neer op een bankje bij een kliniek in Bidi Bidi. Bako verkoopt elke dag mango's aan de vluchtelingen. Op haar hoofd draagt ze een blauwe teil vol vruchten en op haar rug haar baby Faisel. Vandaag wil Bako eerst een medicijn want haar lichaam doet pijn. Bij de kliniek die ze bezoekt, van de Unhcr, wacht een rij Oegandese vrouwen, zij aan zij met Zuid-Soedanezen. Bako: 'Oeganda's overheidsklinieken hebben nooit medicijnen. We zijn blij dat we gebruik kunnen maken van de kliniek in Bidi Bidi.'

Emmanuel Kandus (42) was leraar in Zuid-Soedan en geeft nu les op de school van het vluchtelingenkamp. Beeld Frederic Noy

Dorpsleven

Bidi Bidi is niet afgebakend, de plek dient zich gewoon aan na de laatste Oegandese hut. Talloze akkertjes zijn er ingezaaid met maniok, uien en tomaten. Gele en rode kiosken voor mobiele geldtransfers staan naast provisorische winkeltjes met shampoos, crèmes voor een lichtere huid en hangslotjes. De tondeuse van kapperszaak God Bless draait op zonne-energie terwijl verderop Morris Logulomo zijn uit Zuid-Soedan meegebrachte satellietschotel installeert op een filmzaaltje van tentdoek. 'Premier League voetbal kijken kost hier straks 500 shilling', zegt Logulomo.

In Bidi Bidi ontkiemt zo het zaadje van het Afrikaanse dorpsleven. Van the village, zoals dat in Oeganda heet.

In Bidi Bidi krijgen vluchtelingen uit Zuid-Soedan een eigen stukje grond van Oeganda om een hutje op te bouwen. Beeld Frederic Noy

De eerwaarde Jephania Ezibon (39) uit Zuid-Soedan trekt het witte priesterboord boven zijn zeegroene overhemd recht, gaat zitten in de schaduw van een tamarindeboom en schraapt zijn keel. 'Oegandezen zijn gastvrij.' Ezibon kwam naar Oeganda met zijn vrouw, hun acht kinderen en zijn ouders. Zijn Anglicaanse kerk in Bidi Bidi is een geraamte van houten stokken zonder overkapping tegen de zon en zonder bankjes. In de stronk van de tamarindeboom is wel een kruis gekerfd. Ezibon: 'In elk geval kunnen we hier bidden. Mijn kerkdiensten trekken ook Oegandezen die in Bidi Bidi werken namens hulporganisaties. We leven samen.'

Oegandezen verhuren stukjes grond aan vluchtelingen die er winkeltjes neerzetten. Beide groepen hopen zo wat te verdienen. James Leni (35) bouwt met een kapmes en een schep een stalletje van zand, leem en hout. Uit Zuid-Soedan bracht hij een geit mee die hij verkocht voor 30 duizend shilling (7,50 euro). Van het geld kocht hij een slof sigaretten en een doos kauwgom. 'Met de opbrengst uit de verkoop hiervan wil ik mijn handel opbouwen zodat ik mijn Oegandese huurbaas kan betalen', zegt Leni.

Voor 13 eurocent de Premier League kijken. Beeld Frederic Noy

Barstjes

Toch dringen zich vragen op over de houdbaarheid van Oeganda's toelatingsbeleid. Per dag arriveren bijna tweeduizend vluchtelingen. Bidi Bidi is al vol. Elders in Noord-Oeganda verrijst alweer het volgende opvangkamp. Zuid-Soedanezen zijn dankbaar voor het veilige heenkomen maar klagen over gebrek aan werk. Patrick Mawa laat zich smalend uit over zijn akkertje met amarant. 'Dat is eigenlijk niet meer dan tijdverdrijf. De grond hier is niet erg vruchtbaar en in dit gebied valt weinig regen.' Volledige zelfredzaamheid van de vluchtelingen lijkt een wensdroom; voedselverstrekking en andere hulpverlening blijven voorlopig nodig.

Oegandezen zijn blij met de nieuwe voorzieningen maar hadden meer banen verwacht, zo blijkt uit gesprekken. De voorzieningen komen onder druk te staan door de vluchtelingenstroom. Er ontstaan spanningen met Zuid-Soedanezen. Francisco Akimu (31) zegt eerst dat hij geen probleem heeft met de nieuwkomers. 'Wij als lokale bevolking maken ook gebruik van de klinieken in Bidi Bidi en we sturen onze kinderen er naar school', verklaart hij bij zijn hut pal naast Bidi Bidi. Maar Akimu heeft ook bezwaren jegens zijn bijna driehonderdduizend nieuwe buren. Vluchtelingen hakken bomen om. Akimu: 'Er blijven steeds minder bomen over voor onszelf om te verbranden voor houtskool die we verkopen.' Dat de waterput van hem en zijn dorpsgenoten beschikbaar moet worden gesteld aan de vluchtelingen, bevalt Akimu al evenmin, zo legt hij uit terwijl Zuid-Soedanese kinderen met jerrycans vol water langslopen.

Naast de vluchtelingenkinderen uit Zuid-Soedan profiteren ook kinderen van de Oegandese bevolking van het onderwijs in Bidi Bidi. Beeld Frederic Noy

Donoren

Een Oegandese medewerker van een Europese hulporganisatie zegt dat de spanningen meevallen, maar hij vreest voor de toekomst. 'Het aantal vluchtelingen is overweldigend. Er zijn meer vluchtelingen dan Oegandezen. Er komt een moment waarop donoren zeggen: dit is voortaan Oeganda's probleem. Wat dan?'

Het geheim van vluchtelingenopvang in Oeganda

De foto's van 's werelds grootste vluchtelingenkamp van fotograaf Frederic Noy zijn in dit scrollverhaal te zien.

De donoren en hulporganisaties, zegt de medewerker die anoniem wil blijven, houden de boel draaiende met geld, kennis en mankracht. Bouwen zij hun activiteiten af dan komt er meer verantwoordelijkheid bij de Oegandese regering. Dan daalt mogelijk het niveau van de voorzieningen, die zo belangrijk zijn voor het tevreden houden van zowel Zuid-Soedanezen als Oegandezen.

De Oegandese leraar Agu Asiku (37) verruilde een Oegandese school voor een vluchtelingenschool in Bidi Bidi, omdat de Unhcr hem drie keer zoveel betaalt. Van zijn leerlingen zijn er ook zo'n tweehonderd Oegandees, schat hij. 'Zij komen naar Bidi Bidi omdat hun staatsscholen niet functioneren.' Als de donoren vertrekken, vreest Asiku dat hij zijn pasverworven vooruitgang weer verliest. Hij weet: Oeganda's machthebbers komen uit het zuidwesten van het land en hebben zich nooit overdreven bekommerd om het welzijn van het achtergestelde gebied ten noorden van de Nijl.

Mark Schenkel is onze nieuwe correspondent in Afrika, standplaats Kampala. Dit is zijn eerste bijdrage.

Waarom is Oeganda zo gastvrij?

Sommige Oegandezen verklaren hun bereidheid om Zuid-Soedanezen welkom te heten door er op te wijzen dat zijzelf, of hun families, ooit vluchtelingen waren. Bidi Bidi ligt in het gebied waar de Oegandese ex-leider Idi Amin vandaan kwam. De lokale Oegandezen werden begin jaren tachtig, na Amins val, slachtoffer van vergelding door tegenstanders van Amin, waarop ze wegvluchtten. 'Mijn ouders vertelden me hoe onze familie naar Zuid-Soedan ging en daar goed behandeld werd. Nu moeten wij de Zuid-Soedanezen goed behandelen', zegt de 31-jarige Francisco Akimu.

De Oegandese regering voert het vluchtelingenverleden van Oegandezen graag aan ter verklaring van de ruimhartige opstelling jegens de huidige vluchtelingen uit Zuid-Soedan. Een hulpverlener meent dat de houding van Oeganda's president Yoweri Museveni ook andere redenen heeft. Museveni wil westerse landen te vriend houden zodat hij kritiek op zijn stevige optreden tegen bijvoorbeeld de binnenlandse oppositie kan pareren, stelt de hulpverlener. Dat zou ook een reden zijn waarom Museveni zijn leger inzet tegen moslimextremisten in Somalië. Dat de zorg van de regering om de toestand in het noorden van Oeganda zo zijn grenzen kent, zou blijken uit een schandaal van 2012, toen de huidige vluchtelingencrisis nog niet bestond. Meer dan 10 miljoen euro aan donorgeld voor het noorden werd gestolen via een complot in het ministerie van Financiën, de centrale bank en het kantoor van de premier. Eén boekhouder werd de zondebok.

De coördinator namens de overheid in Bidi Bidi, Robert Baryamwesiga, houdt vol dat Oeganda vluchtelingen opvangt uit medemenselijkheid. 'Oeganda huisvestte al vluchtelingen ver voordat Museveni president werd', zo stipt hij aan. 'Oeganda neemt nu een rol op zich in de internationale gemeenschap. Het is oneerlijk als de wereld de Zuid-Soedanese vluchtelingen aan ons overlaat. We concurreren qua fondsen met de crisis in Syrië. Donoren moeten het geld leveren dat ze toezeggen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden