Waarom iets goed doen heel averechts kan werken

Het Westen kan het maar niet laten: iets goeds doen. Ook al weten we dat dit averechts kan werken. De Volkskrant sprak ontwikkelingseconoom Angus Deaton in 2013 over 'de hulpillusie'. In 2015 werd bekend dat Deaton de Nobelprijs voor de Economie ontvangt.

Beeld afp

Geef een corrupt land ontwikkelingsgeld en de kans dat de regering het gebruikt voor publieke diensten als onderwijs en zorg is nihil. Wat wél gebeurt: de regering kan zijn eigen machtspositie versterken en zich zo permitteren de noden van de bevolking verder te negeren.

Angus S. Deaton (67) is ervan overtuigd: ontwikkelingshulp is niet alleen zinloos, de drang van het Westen om 'goed te doen' werkt vaak juist averechts. De ontwikkelingseconoom aan de universiteit van Princeton schetst in zijn nieuwste boek The Great Escape: health, wealth, and the origins of inequality een ontluisterend beeld van de hulp.

Foute leiders zijn om de verkeerde redenen in het zadel geholpen. En andere regeringen zijn lui gemaakt door donorgeld. Gevolg: ze hebben verzuimd zelf een adequate publieke infrastructuur op te bouwen.

De Schot Deaton, die in de jaren tachtig grote bekendheid verwierf met zijn studies naar het gedrag van huishoudens in ontwikkelingslanden, is naar eigen zeggen 'op een leeftijd gekomen die erom vraagt' een helikopterblik te werpen op de effecten van internationale hulp. 'Ik ben al zo lang bezig met meten, hulp en zorg. Die kennis wilde ik in dit boek eens bij elkaar brengen voor een groter publiek', zegt hij in zijn kamer op de lommerrijke campus van de prestigieuze Princeton University in New Jersey.

Het rijke Westen is volgens hem verstrikt geraakt in de eigen 'hulpillusie'. De zogenoemde 'hydraulische benadering' - je pompt ergens geld in en het komt er aan de andere kant uit - deugt niet. In 2011 besteedde de internationale gemeenschap 133 miljard dollar (98 miljard euro) aan ontwikkelingshulp. Dat zou genoeg moeten zijn om de nood van de een miljard mensen onder de armoedegrens van 1,25 dollar per dag enigszins te ledigen. Maar economische groei en welvaartsstijging blijkt in de meeste landen amper in relatie te staan tot internationale geldstromen (zie grafiek). Armoede, concludeert Deaton, is niet louter het gevolg van gebrek aan middelen, maar vooral van slecht bestuur, giftige politiek en niet-functionerende instituties.

Het Westen is na de industriële revolutie en dankzij de wetenschap ontsnapt aan een leven van ziekte en armoede. U stelt dat rijke landen er ongewild aan bijdragen dat arme landen niet aan hun uitzichtloze bestaan kunnen ontsnappen. Hoe zit dat?
'Verschillen in gezondheid laten het best zien hoe groot de ongelijkheid in de wereld is. De ontdekking in de 19de eeuw dat bacteriën en virussen ten grondslag liggen aan infectieziekten en worden overgedragen door mensen was een doorbraak in de geschiedenis. Dankzij de daarna opgebouwde kennis over hygiëne, vaccins en gezondere leefomstandigheden is de levensverwachting in het Westen omhoog geschoten. Als die kennis er is, hoe kan het dan dat elders in de wereld nog steeds duizenden kinderen per dag sterven aan te bestrijden infectieziekten als cholera en difterie? Hoe is het mogelijk dat nog steeds een kwart van de wereldbevolking geen toegang heeft tot schoon water of sanitair?

'Dat komt niet alleen door gebrek aan middelen, maar vooral door gebrek aan toegang tot kennis in combinatie met slecht bestuur. De aidsepidemie is afgeremd dankzij kennis van het virus, toegang tot medicijnen en de wetenschap dat de ziekte seksueel overdraagbaar is. Maar in Zuid-Afrika werden nog honderdduizenden nieuwe slachtoffers gemaakt omdat toenmalige president Mbeki weigerde te geloven dat het om een virus ging.'

Ontwikkelingshulp was juist bedoeld om de achterstand in te lopen. Waarom is dat dan niet gelukt?
'Ontwikkelingshulp is gegeven om de verkeerde redenen. Om schuldgevoel over de sociale ongelijkheid in de wereld af te kopen, om een goede handelsrelatie met voormalige koloniën in stand te houden. Frankrijk is daar goed in. Of om goedgezinde regeringen om geopolitieke redenen te begunstigen, zoals bijvoorbeeld Mubarak in Egypte.

'Uit de cijfers blijkt dat landen die het meeste geld hebben ontvangen, de minste welvaartsstijging hebben laten zien. Landen als China, India en Brazilië die wel economische groei hebben doorgemaakt, hebben dat vooral op eigen kracht gedaan. Volg je de geldstromen richting Zimbabwe, dan moet je concluderen dat Mugabe dit geld vooral heeft gebruikt om zijn eigen machtspositie te versterken. Kenia ontvangt weer donorgeld, ondanks een hardnekkige geschiedenis van corruptie en wanbeleid. Het land zette met succes de noden van zijn bevolking in om geld af te troggelen, maar hebben we bewijs dat Kenia het geld nu wel goed besteedt? De neiging goed te doen onderdrukt helaas de behoefte om te begrijpen wat er eigenlijk nodig is in een land.'

Beeld afp
Voedselhulp voor vluchtelingen in Zuid-Soedan. Beeld ANP

Bent u niet bang dat u donoren afschrikt met uw boodschap of voeding geeft aan populisme?
'Ik zeg niet dat ontwikkelingshulp niet nodig is, zeker als het gaat om humanitaire rampen. Ik vind het zelf onverdraaglijk hoe oneerlijk de wereld verdeeld is; dat miljoenen kinderen onnodig sterven aan behandelbare ziekten omdat ze toevallig in het verkeerde land zijn geboren. Het gaat erom dat hulp anders moet. Neem de Europese Unie. Met de ene hand geven ze miljarden aan ontwikkelingshulp weg, en met de andere hand werpen ze torenhoge handelsbelemmeringen op voor boeren in armere landen. De Amerikanen doen hetzelfde met hun landbouwsubsidies, waarmee ze de katoenprijzen in Afrika naar beneden drukken. Dat werkt dus averechts.'

U bent niet de eerste die zegt dat hulp niet helpt. Waarom gaan we er nog mee door?
'Dat is die gewraakte hulpillusie: men wil gewoon 'iets goeds' doen. De donoren en de ontvangende landen houden elkaar in gijzeling over de hoofden van de bevolking van arme landen. De gevers hebben er geen belang bij om aan hun belastingbetalers of gulle donoren te vertellen dat hulp niet werkt, en de ontvangende landen hebben er geen belang bij om het aan de kaak te stellen.'

Er is toch wel een verschuiving gaande? Van traditionele hulp naar meer duurzamer investeringen. De bekende hengel om te vissen.
'Ja, of mobiele telefoons voor vissers zodat ze de dagprijzen kennen als ze aan wal komen. Prima idee, maar daar is geen hulp voor nodig maar een markt. Het punt dat ik wil maken is dat er zonder contract tussen burgers en overheid geen instituties kunnen worden opgebouwd. We kunnen wel van bovenaf van alles willen opleggen, maar daarmee heb je nog geen functionerende systemen van onderwijs, zorg, politie, justitie of infrastructuur. Je kunt een land wel enige verlichting bieden als je er een aidskliniekje bouwt, maar daarmee bevrijd je feitelijk de overheid van zijn taak structurele gezondheidszorg op te bouwen. Bovendien beroof je publieke ziekenhuizen van hun dokters en verpleegsters, waarvan er al structureel te weinig zijn. Overheden moeten door hun burgers zelf worden gedwongen tot het leveren van diensten. Bemoeienis van bovenaf leidt vaak tot verkeerde beslissingen.'

In zijn boek beschrijft Deaton nauwkeurig hoe The Great Escape uit armoede heeft plaatsgevonden. Economische groei en wetenschappelijke vooruitgang hebben geleid tot toegenomen welvaart en welzijn. In het Westen gaan mensen niet meer dood aan infectieziekten maar aan chronische ziekten als gevolg van welvaart; de aging of death. Maar economische groei was tevens de drijvende kracht achter inkomensongelijkheid.

De leefomstandigheden van arbeiders in het 19de-eeuwse Londen waren even verschrikkelijk als die van textielarbeiders in Bangladesh nu. Maar waar Britse arbeiders konden ontsnappen aan een leven van armoede en ziekte, zo schrijft Deaton, bleven de burgers in voormalige Europese koloniën in Azië, Afrika en Latijns-Amerika achter met economische en politieke instituties die hen veroordeeld hebben tot eeuwen van armoede en ongelijkheid.

U schrijft dat economische groei niet automatisch leidt tot meer welvaart en zelfs de ongelijkheid vergroot.
'Vooruitgang is duidelijk niet voor iedereen weggelegd; sommigen ontsnappen, anderen niet. Dankzij handelsbelemmeringen profiteren arme landen niet mee van globalisering, maar werkt het zelfs tegen ze. Inclusieve groei, waar iedereen tegenwoordig de mond vol van heeft, is dus gewoon onzin. Niet iedereen profiteert van welvaartsgroei en dat komt door de combinatie van slecht bestuur, gebrek aan middelen en het ontbreken van mondige burgers.'

Kennis is volgens u de sleutel tot vooruitgang. Waarom profiteert niet iedereen daarvan?
'Het duurt een tijd voordat kennis voor iedereen beschikbaar is en ervan kan profiteren. Eind jaren zestig was al bekend dat roken slecht voor je is, maar het duurde decennia voordat het tot het grote publiek doordrong. En nu zie je nog dat het vooral hoogopgeleiden zijn die stoppen met roken. Kennelijk hebben zij de middelen om ander vertier te zoeken. Na de ontdekking dat vies water de bron van veel ziekten was, duurde het nog ruim een eeuw totdat riolering en waterleiding waren aangelegd in Europese steden.'

Toch hebben nog steeds 2,5 miljard mensen op deze wereld geen toegang tot schoon water. Hoe kan dat?
'Dat is dus een kwestie van slecht bestuur. Iedereen weet hoe belangrijk schoon water is voor de gezondheid, toch investeert geen land in waterleiding. Waarom? Omdat je de leidingen niet alleen moet aanleggen, maar ook moet onderhouden. De meeste arme landen hebben die overheidscapaciteit niet of hebben verzuimd die op te bouwen.'

Daar hadden de hulporganisaties toch op kunnen hameren?
'Dat is dus niet gebeurd, of in elk geval onvoldoende. Daarom is het proces van democratisering en mobilisering van burgers zo belangrijk. Regeringen hebben er belang bij sociale ongelijkheid in stand te houden, of ze hebben geen zin om het te veranderen. Die weerstand zie je zelfs hier in de Verenigde Staten. Rechts Amerika heeft gewoon geen zin om mee te betalen aan een publiek stelsel voor gezondheidszorg.'

Moeten we de bevolking in landen met incapabele of corrupte regeringen dan maar aan hun lot overlaten?
'Het is een duivels dilemma. Nu hebben burgers ook niets aan hulp. President Mugabe van Zimbabwe bijvoorbeeld heeft al het donorgeld gebruikt om tegenstanders om te kopen in plaats van te investeren in zijn land. Maar in die landen leven wel de mensen die hulp het hardst nodig hebben.'

Wat moet er dan wel gebeuren?
'Het is niet zo dat we niks kunnen doen, maar we moeten de goede dingen doen, zoals een vaccin tegen malaria ontwikkelen. Gebruik die 133 miljard dollar aan donorgeld liever om de industrie te helpen medicijnen en vaccins voor tropische ziekten te ontwikkelen. Je kan van commerciële bedrijven niet verwachten dat ze miljarden aan onderzoek uitgeven die ze nooit kunnen terugverdienen. Doe iets aan handelsbelemmeringen en ontwapening en andere economisch of politiek ontwrichtende factoren. Laat de Wereldbank haar kennis delen. Er is veel expertise maar die is gekoppeld aan hulp. Ik denk dat veel landen vooral gebaat zijn bij goed advies. Wat gebeurt er als ik mijn waterbedrijf privatiseer of juist nationaliseer?'

En dan komt het wel goed?
'Ik ben heel optimistisch over het democratiseringsproces van burgers. Door technologische ontwikkeling zijn de voordelen van globalisering toegankelijker geworden. Een analfabete moeder in India kan nu op tv zien dat haar dochter bij een Brits callcenter kan werken of filmster kan worden; dat haar dochter een beter leven kan krijgen. Zo begint de bewustwording dat het anders kan.'

Beeld afp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden