Analyse AOW-leeftijd

Waarom het pensioenakkoord niet alleen de minister geld kost

Eerder stoppen met werken kan zomaar duizend euro pensioen per jaar schelen. Daar was bij alle vreugde over het pensioenakkoord eerder dit jaar weinig oog voor. 

FNV-voorzitter Han Busker (rechts) krijgt half juni in Apeldoorn applaus nadat bekend is geworden dat de leden in het referendum van de vakbond voor het pensioenakkoord hebben gestemd. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Het was een knappe prestatie van de vakbonden. Nederland beleefde afgelopen voorjaar de lente van de pensioenstakingen. In maart en in mei gingen tienduizenden werknemers de straat op om te demonstreren voor ‘66’. We kunnen niet meer, zeiden de mensen, de eindstreep blijft maar opschuiven en we vrezen voor onze gezondheid.

Niemand had het er tijdens die demonstraties over dat eerder stoppen ook geld kost. Ja, publiek geld, daar moest de minister voor zorgen. Daar hadden de mensen recht op, zo klonk het. Maar die andere, individuele kosten, in de vorm van een kleiner aanvullend pensioen, daar ging het niet over. 66 moest het worden, en geen dag langer. Sommige demonstranten droegen zelfs borden met 65 erop, verlangend naar een getal dat nooit meer terugkeert.

In zo’n tien jaar tijd is de AOW-leeftijd veranderd van een onwrikbaar anker in een rap wegdrijvende boei. Vroegpensioenregelingen verdwenen, 65 ging naar 67, eerst in kleine, toen in grote stappen. De zekerheid werd losgelaten: de AOW-leeftijd groeit voortaan mee met de stijgende levensverwachting. 

Het was dan ook niet verwonderlijk dat de vakbonden met de belofte van ‘66' zoveel mensen de barricaden op kregen. En de demonstraties hadden succes. Begin juni lag er een akkoord tussen werkgevers, vakbonden en kabinet: een plan op hoofdlijnen over een nieuw pensioenstelsel en, het meest concrete onderdeel, een wijziging van de AOW-leeftijd. 

De bonden hadden weliswaar geen harde 66 binnengehaald, maar voor zestigers lag er toch een klinkend resultaat. Zij kunnen dankzij het akkoord drie tot elf maanden eerder stoppen – dat laatste geldt voor mensen die in de eerste helft van 1955 zijn geboren. 

Bovendien zit de AOW-leeftijd nog wel met een touwtje aan de levensverwachting vast, maar trok dat touwtje minder hard. Het tijdpad zag er ook voor volgende generaties gunstiger uit.

Prachtig resultaat

FNV-voorman Han Busker, pensioenonderhandelaar Tuur Elzinga en hun campagneteam praatten in zaaltjes de blaren op de tong om uit te leggen dat een tijdelijke bevriezing op 66 jaar en vier maanden een prachtig resultaat was. En kijk ook naar al het andere moois: eerder stoppen voor zware beroepen, een grotere kans op indexatie, minder kans op kortingen, een eerlijker pensioenopbouw voor jongeren. De FNV-leden moesten worden overtuigd, want zij mochten stemmen over het akkoord. 

Eén aspect kwam in de discussie amper aan bod: het effect van eerder stoppen met werken op de hoogte van het aanvullend pensioen. De uitruil tussen eerder stoppen en daardoor minder pensioen opbouwen is tijdens die informatieavonden wel besproken, zegt FNV-vicevoorzitter Elzinga terugblikkend. 

‘Een deel van de leden vond dat het resultaat niet goed genoeg was. Zij wilden dat de AOW-leeftijd permanent wordt bevroren. Ik heb tijdens die bijeenkomsten gezegd dat het pensioen onbetaalbaar wordt als we het eeuwig vastzetten op 65 of 66, terwijl we allemaal ouder worden.’ Uiteindelijk stemde driekwart van de FNV-leden voor het akkoord en nog dezelfde maand werd het AOW-plan aangenomen in het parlement. 

AOW-leeftijd later omhoog. Beeld de Volkskrant

Nieuwe prognoses

Tijdens de extreem hete julimaand sleutelden medewerkers van pensioenfondsen in gekoelde kantoorruimtes aan de informatie op hun websites. Veel oudere werkenden die de afgelopen weken op de website van hun pensioenfonds ­keken, zagen plots nieuwe financiële prognoses in hun dossiers. Iemand die twee keer modaal verdient en acht maanden eerder stopt, kan zomaar duizend euro per jaar minder pensioen ontvangen straks. 

Ambtenarenfonds ABP paste onlangs de persoonlijke berekeningen aan en kreeg sindsdien veel vragen, zegt een woordvoerder. Ook Pensioenfederatie, de koepel van pensioenfondsen, bevestigt dat de AOW-wijziging ‘effect heeft op de hoogte van je pensioen’. De woordvoerder benadrukt dat het moment van stoppen een individuele keuze is. ‘Werknemers kunnen hun voorkeuren bepalen en daarover in gesprek gaan met hun werkgever.’ Wie langer doorwerkt ontvangt meer pensioen, wie eerder stopt minder.

Maar die keuzevrijheid is in de praktijk beperkt. In de meeste cao’s is afgesproken dat de arbeidsrelatie eindigt wanneer de werknemer de AOW-leeftijd bereikt, zegt een woordvoerder van werkgeversvereniging AWVN. Een werknemer kan onderhandelen met zijn werkgever over langer doorwerken, maar dat is eerder uitzondering dan regel. Werkgevers nemen doorgaans graag afscheid van hun dure oudere werknemers zodra de AOW-leeftijd wordt bereikt en de ontslagbescherming vervalt.

‘Bewuste keuze’

Voor vakbondsleden kan de lagere pensioenprognose geen ‘grote verrassing’ zijn, zegt FNV’er Elzinga. De bond heeft een ‘bewuste keuze’ gemaakt. ‘Wij willen eerder stoppen, dat was een duidelijke wens van de vakbeweging. De consequentie is dat het een beetje opbouw scheelt.’ Hij kan zich voorstellen dat ‘mensen die het op een afstand hebben gevolgd’ er wel door worden overvallen.

Toch melden zich ook leden met vragen bij de bond, ruim honderd tot nog toe. Op verzoek van het ledenparlement verschijnt binnenkort een pagina met ‘veelgestelde vragen’ over het pensioen­akkoord op de site van FNV, zegt Elzinga. ‘Als er naar aanleiding van de informatie van de pensioenfondsen meer vragen binnenkomen over de eigen prognoses, komt dit onderwerp ook in het rijtje.’

In een eerdere versie van dit artikel stond per abuis dat zestigers dankzij het pensioenakkoord drie tot acht maanden eerder kunnen stoppen met werken. Het is: drie tot elf maanden eerder.

De AOW-leeftijd was > De AOW-leeftijd wordt

2019: 66 jaar en 4 maanden > 66 jaar en 4 maanden

2020: 66 jaar en 8 maanden > 66 jaar en 4 maanden

2021: 67 jaar > 66 jaar en 4 maanden

2022: 67 jaar en 3 maanden > 66 jaar en 7 maanden

2023: 67 jaar en 3 maanden > 66 jaar en 10 maanden

2024: 67 jaar en 3 maanden > 67 jaar

2025: de AOW-leeftijd stijgt mee met de levensverwachting, 1 jaar langer leven, wordt 8 maanden langer werken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden