Interview Gert Kuiper

Waarom de Ikon-moorden nu ineens wel aandacht van de Nederlandse regering krijgen

In 1982 werden vier Nederlandse journalisten in El Salvador door het leger gedood. Nederland spant zich echter pas sinds kort in voor waarheidsvinding. Waarom nu ineens wel?

Demonstratie voor het Amerikaanse consulaat op het Museumplein naar aanleiding van de vier vermoorde Nederlandse Ikon journalisten in El Salvador Beeld ANP

Het is een oude zaak die deze week opnieuw onder de aandacht van het publiek werd gebracht: de moord op vier Nederlandse journalisten door Salvadoraanse militairen op 17 maart 1982. De redactie van het actualiteitenprogramma Zembla traceerde de vermoedelijke dader, voormalig kolonel Mario Adalberto Reyes Mena (79), in Virginia. Verder bleek deze week dat het Openbaar Ministerie al vijf jaar doende is met een onderzoek naar de toedracht van de meervoudige moord. Daardoor nam ook de betekenis toe van de aangifte die Gert Kuiper, de 64-jarige broer van slachtoffer Jan Kuiper (1942-1982), in februari heeft gedaan tegen de verantwoordelijke militairen. Illusies over hun berechting, bij voorkeur in Nederland, koestert hij niet. Maar hij hoopt op zijn minst iets dichter bij een antwoord te komen op de vragen die hem, en andere nabestaanden, al 36 jaar bezighouden: ‘Waarom is dit gebeurd, en – met name – heeft Reyes Mena gehandeld in opdracht van anderen?’

Hoe gaat dat in zijn werk, aangifte doen tegen een ander land?

‘In februari ben ik met een uittreksel van het geboorteregister van Assen, waaruit blijkt dat ik de broer ben van Jan Kuiper, naar de ambassade van El Salvador getogen. Daar werken drie mensen, geloof ik. Een van hen legde mij ter ondertekening een akte voor waarmee ik twee lokale mensenrechtenorganisaties machtigde om het OM in El Salvador te vragen het onderzoek naar de moorden te heropenen. Ik ben vriendelijk ontvangen door de ambassadeur, die benadrukte er voor álle Salvadoranen te zijn. Maar je bent toch altijd enigszins op je hoede, want je weet niet precies waar zo’n man in het politieke spectrum staat.’

Vertegenwoordigt u op uw beurt de andere nabestaanden?

‘Ik heb de families van de andere slachtoffers – Koos Koster, Joop Willemsen en Hans ter Laag – wel benaderd. Maar in beginsel handel ik namens mijn eigen familie. Daar kunnen de anderen zich bij aansluiten. Dat scheelt weer eindeloze consultaties.’

Gert Kuiper Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het lijkt of u uit ervaring spreekt.

‘Door de moord waren de families tot elkaar veroordeeld, maar de onderlinge verschillen waren groot. Aanvankelijk trad mijn in 1994 overleden broer Jaap op als belangenbehartiger van allen. Dat deed hij heel consciëntieus. Maar een van de andere families verweet hem particuliere belangen te dienen en stuurde op een zeker moment zelfs een advocaat op hem af. De verschillen van inzicht kwamen tot uiting bij herdenkingen: doen we dat apart of gezamenlijk? En bij de rechtsgang, als die er komt: wie doet wat? Er waren onderling nogal eens discussies en irritaties. Sommigen hadden de neiging zich te profileren, zonder dat ik namen wil noemen, en daar stoorden anderen zich weer aan. Het gaat om een materie met heel veel gevoeligheden.’

En de zaak kreeg ook nog eens een sterke politieke lading.

‘Zeker. We werden publiek bezit. Anderen gingen met de slachtoffers en hun veronderstelde boodschap aan de haal. Dat voelde ik ook sterk bij de kruisen met de namen van de slachtoffers die bij het Amerikaanse consulaat werden geplaatst. De aanblik emotioneerde en ontroerde me en ik was onder de indruk van de betrokkenheid van mensen die de slachtoffers niet hadden gekend, maar ik voelde tezelfdertijd ook een grote afstand. Alsof die Jan Kuiper op dat kruis niet mijn broer was.’

Spande de Nederlandse overheid zich destijds voldoende voor de waarheidsvinding in?

‘Van Jan-Willem Bertens, de ambassadeur in Midden-Amerika, had ik altijd wel een goede indruk. Maar uit de reportage van Zembla bleek dat hij veel minder heeft gedaan dan hij wilde doen geloven. Hij was een aardige man, maar hij heeft niet doorgevraagd. Hij heeft zich door het regime laten inpakken. Zeer teleurstellend was ook de houding van minister van Buitenlandse Zaken Hans van den Broek. Die schreef mijn broer op 16 december 1983, anderhalf jaar na de moord, dat de Nederlandse overheid zich niet kon inzetten voor de belangen van de onderdanen in het buitenland. Toen begrepen we wel dat we op onszelf waren aangewezen.’

Hoe kwam dat zo?

‘De Nederlandse regering was mogelijk zo passief omdat ze de verhouding met de Verenigde Staten niet wilde belasten met een onderzoek waaruit medeplichtigheid van de Amerikanen zou blijken. De plaatsing van middellangeafstandsraketten hing al als een donkere wolk boven de bilaterale betrekkingen en ook op andere terreinen was veel gedonder en gezeur. De Nederlandse regering had geen belang bij nóg een heikele kwestie.’

Nu heeft ze minder last van dit soort bedenkingen.

‘Kennelijk. Het OM zet sterk in op deze zaak en de huidige ambassadeur in Midden-Amerika, Peter Derrek Hof, is er zeer mee begaan. Mogelijk speelt daarbij MH17 een rol: het engagement dat de regering daarbij aan de dag legt, schept ook morele verplichtingen tegenover oudere zaken, zoals die van de vermoorde journalisten.’

De rechtsgang na de moorden van 1982

-De toenmalige Nederlandse ambassadeur in Midden-Amerika, Jan-Willem Bertens, doet in 1982 onderzoek naar de toedracht van de moord op de vier Nederlandse journalisten. Volgens hem kan niet worden vastgesteld of de vier het slachtoffer zijn geworden van een confrontatie tussen guerrillastrijders en militairen, of dat zij door militairen in een hinderlaag zijn gelokt.

-Een Salvadoraanse onderzoeksrechter die zich in de toedracht van de zaak verdiept, wordt bedreigd, en moet het land ontvluchten.

-In 1993 stelt een onderzoekscommissie van de VN vast dat de vier journalisten in koelen bloede door soldaten van het regime zijn vermoord. De daders worden niet berecht omdat hetzelfde jaar een amnestiewet wordt afgekondigd voor militairen die zich tijdens de burgeroorlog (1979-1992) aan misdrijven hebben bezondigd.

-Na het aantreden van de progressieve president Mauricio Funes in 2009 overweegt Gert Kuiper, broer van de vermoorde Jan Kuiper, de zaak te heropenen. Na advies bij verschillende deskundigen te hebben ingewonnen, ziet hij daar toch van af.

-Sinds 2013 verzamelt het Nederlands OM informatie over de moord en financiert het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken onderzoek van Salvadoraanse mensenrechtenorganisaties ter plaatse. In 2016 wordt de amnestiewet ongrondwettig verklaard.

-In februari 2018 machtigt Gert Kuiper twee Salvadoraanse ngo’s om het OM in El Salvador namens hem te vragen het onderzoek naar de moorden te heropenen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden