Waarom de ECB de rente historisch verlaagt: 0,15 procent

De Europese Centrale Bank (ECB) heeft het belangrijkste rentetarief, de herfinancieringsrente, verlaagd van 0,25 procent naar 0,15 procent. Daarmee staat de rente die banken aan de ECB moeten betalen als zij geld opnemen, op een historisch laag niveau.

Het gebouw van de ECB in Frankfurt.Beeld ap

Het verlagen van de rente, het favoriete beleidsinstrument van de ECB, is de afgelopen jaren behoorlijk bot geworden. De ECB heeft zijn drie rentetarieven namelijk al meerdere keren verlaagd. Dat gebeurde voor het laatst in november vorig jaar. Die renteverlagingen hadden geen of slechts een tijdelijk effect op de kredietverlening van de banken, de inflatie en de wisselkoers van de euro.

De depositorente ging ook omlaag, van 0 procent naar min 0,1 procent. De depositorente is het rentetarief dat de ECB aan banken betaalt die hun geld bij het Frankfurter instituut in bewaring geven. Dat tarief stond sinds november op 0 procent. Banken ontvingen dus al geen rente over het geld dat ze bij de ECB stalden. De verlaging naar min 0,1 procent betekent dat financiële instellingen moeten gaan betalen om hun geld bij de ECB te stallen.

Alleen de centrale banken van Denemarken en Zweden hebben tot dusver geëxperimenteerd met een negatieve depositorente. De Deense Nationalbank greep in 2012 met succes naar dit instrument om de Deense kroon te verzwakken. De strafrente zette de Deense banken echter nauwelijks aan tot extra kredietverlening, dus het is de vraag of de ECB haar doel bereikt nu het bestuur voor dit middel kiest. In Zweden had de maatregel überhaupt geen meetbaar effect.

Deflatie
Volgens de ECB bestaat er groot gevaar voor een nieuwe economische inzinking in Europa, vandaar dat ECP-president Mario Draghi de maatregelen aankondigde om de inflatie aan te wakkeren, de euro te verzwakken en de Europese banken aan te zetten tot meer kredietverlening.

De inflatie in de eurozone blijft maar dalen. De ECB heeft de verwachtingen voor de inflatie in de eurozone verlaagd en verwacht nu een inflatie van 1,4 procent in 2016. In maart werd nog gerekend op 1,5 procent. De centrale bank streeft naar een inflatiegemiddelde van net onder de 2 procent. Het voorlopige inflatiecijfer over mei is 0,5 procent, tegen 0,7 procent in april.

De ECB ziet zulke geringe prijsstijgingen als probleem omdat bedrijven en consumenten dan meer sparen en minder uitgeven. Bij structurele prijsdalingen (deflatie) loont het uitgaven en investeringen uit te stellen. Als iedereen euro's oppot, lijdt de economie schade. Deflatie is daarom een nachtmerriescenario dat de ECB koste wat het kost wil vermijden. Een inflatie van 0,5 procent komt daar angstwekkend dichtbij in de buurt.

ECB-president Mario DraghiBeeld AP

Wegwerken
Lage inflatie heeft nog een nadeel: schulden smelten dan minder snel weg. Sinds 2008 zijn zowel de particuliere schulden als de staatsschulden in de eurozone sterk toegenomen. Er zijn twee manieren om schulden weg te werken: door inflatie of door te bezuinigen (en af te lossen). Bezuinigingen zijn politiek heel moeilijk te verkopen. Veel eurolanden, vooral landen die in een noodhulpprogramma zaten, zijn bezuinigingsmoe en verlangen naar hogere inflatie.

De inflatiedaling wordt versterkt door andere tendensen. De ECB leent banken geld tegen een afbraaktarief, maar de banken sluizen dat geld niet door naar het bedrijfsleven. Integendeel: de bancaire kredietverlening aan bedrijven blijft maar krimpen. Banken brengen steeds minder geld in omloop. Omdat de geldhoeveelheid grotendeels de inflatie bepaalt, werkt dit inflatieverlagend.

Een dalende inflatie jaagt ook de wisselkoers van de euro op (de euro daalt immers minder snel in waarde dan valuta van landen waar de inflatie hoger is, zoals de VS). Een sterke euro maakt import goedkoper en export duurder. Een stijging van de exportprijzen verslechtert de internationale concurrentiepositie van Europese bedrijven: slecht voor de economie. Lage importprijzen drukken het prijspeil van geïmporteerde goederen die in Europa worden verkocht. Inflatiedaling leidt dus tot een sterkere euro, en die leidt weer tot lagere inflatie. Deze spiraal probeert de ECB al een jaar te doorbreken met renteverlagingen. Die hebben niets geholpen. Dus moet er weer een kanon aan te pas komen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden