Column

Waarom 'aan jezelf werken' helemaal niet slim is

Psycholoog Svend Brinkmann vindt gevoelens niet meer relevant.

Svend Brinkmann.

Svend Brinkmann is hoogleraar psychologie in Denemarken, het gelukkigste land ter wereld, en daar schreef hij een zwartgallig boek, dat nu een bestseller is: Standvastig. Een aansprekend pamflet voor notoire tobbers, dat het luidruchtige moderne optimisme tot zwijgen wil brengen.

Er waren eerder tekenen dat de dictatuur van het optimisme zijn einde nadert, maar misschien juichte ik zeven jaar geleden iets te vroeg. Toen publiceerde de Amerikaanse journalist Barbara Ehrenreich, altijd al goed in het vroegtijdig opmerken van maatschappelijke veranderingen, haar boek Bright-sided: How the relentless promotion of positive thinking has undermined America. Ehrenreich wees als eerste op de valse belofte die positieve leuzen als 'vechten' en 'winnen' in zich dragen. Wie aan kanker lijdt, heeft helemaal niets te winnen. En hoezo kun je vechten voor je baan als je werk naar lage lonenlanden verhuist?

Fragment van boekcover Brightsided.

Ik bel Svend Brinkmann in Denemarken. Hij ziet er op de foto een beetje uit als een intellectuele Arie Boomsma, of nee, hij ziet er gewoon helemaal uit als Arie Boomsma. Ik vraag of hij zelf een narcist is. Hij is geboren in 1975, zegt Brinkmann: 'Wij hadden minder last van de druk te moeten presteren dan de jonge mensen nu, die zichzelf daarom voortdurend monitoren.' Brinkmann noemt dit 'compulsief narcisme', veroorzaakt door een maatschappij die mensen dwingt perfect te zijn.

Dat wil iedereen vast graag horen, zeg ik. Dat al dat navelstaren niet hun eigen schuld is. Mensen hebben eigen verantwoordelijkheid, zegt Brinkmann, maar we zijn echt doorgeschoten in het wijzen naar het individu. Hij verwijt dat vooral zijn eigen business, de psychologie. 'Psychologen hebben grote sociale en maatschappelijke vraagstukken echt verwaarloosd.' De wereld blijkt toch wat groter dan ons buikgevoel.

Standvastig betoogt dat 'aan jezelf werken' daarom helemaal niet slim is. Zet vooral de hakken eens wat vaker in het zand. 'Wortelschieten' noemt Brinkmann dat. Dit als tegenwicht van de alomtegenwoordige windvaan, ook wel 'verandermanager' geheten.

Svend Brinkmann.

We mogen het individu niet langer verantwoordelijk stellen voor zaken die het helemaal niet kán controleren, betoogt Brinkmann. Neem de bankencrisis. Wie daardoor zijn baan verloor, kan daar echt niets aan doen. 'En wij maar aan onszelf werken. Dat leidt de aandacht handig weg van veel complexere problemen die we moeten oplossen.'

Misschien, zeg ik, geeft doorgeschoten individualisme de 'boze burger' ook wel extra brandstof. We hebben een naam bedacht voor hén ('boze burger') en niet voor hun situatie. Daar is Brinkman het mee eens. 'Daarom trekken ze naar extreme partijen. Want hoe onbehouwen ook: díé partijen geven nog systeemkritiek.'

Maar zo staat het niet in Standvastig. Dat is easy reading in de vorm van een ironisch zelfhulpboek over stoïcisme. De oude stoïcijnen konden zichzelf weliswaar uitstekend relativeren door stug aan de dood te denken; ook zij waren toch teveel individualist om de wereld ook eens als geheel vooruit te helpen. Niettemin waren de stoïcijnen heel goed in één vaardigheid die de moderne mens verleert: het onderdrukken van gevoelens.

Gevoelens doen er niet zo toe, betoogt Brinkmann koeltjes. De vraag 'Ben ik gelukkig?' is minder relevant dan de vraag 'Vervul ik mijn plicht?'

Zelfhulp tegen het optimisme.


In een voorheen calvinistisch land als Nederland vinden mensen dat al snel een heel enge vraag, zeg ik. Maar hier in Denemarken, pareert hij, zaten vooral lutheranen. 'Die hebben de plicht al veel eerder weggedaan.' Wat hij er zelf mee bedoelt, is dat je eigen geluk lang niet altijd goed is voor een ander. Zijn we dus wel om de júíste redenen gelukkig? 'Houden we als gelukkig land bijvoorbeeld genoeg rekening met minder gelukkige oorden?'

Die vraag stellen geluksonderzoekers nou nooit. Juist als inwoner van het gelukkigste land ter wereld heeft Brinkmann dan ook niets met die uitkomst. In Denemarken is de druk om individueel te presteren door die nummer-éénpositie alleen maar extra groot.

In relatief gelukkig Nederland (nummer twaalf) vind je wetenschappelijk geluksonderzoek al op de economische faculteit, zeg ik. Daar meten ze 'rendement' van geluk.

Die manier van denken maakt het op den duur dus onmogelijk om maatschappelijke problemen op te lossen, betoogt Brinkmann: 'We zijn toch zo gelukkig? Dan móét het wel aan onszelf liggen.'

m.oostveen@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden