Waarheen met het water in het nieuwe hoosbuienklimaat?

Na de extreme regenval luiden experts en waterschappen de noodklok. Vier manieren om het water beter af te voeren.

Kinderen spelen in een ondergelopen straat in Boxmeer, waar begin juni binnen enkele uren 100 mm regen viel.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

In Boxmeer spreken ze van 'een dubbele wolkbreuk': twee hoosbuien kort na elkaar die het Brabantse dorp begin deze maand onder water zetten. In enkele uren tijd viel meer dan 100 millimeter water. De parkeergarage onder supermarkt Jan Linders liep helemaal vol, waardoor zes auto's werden verzwolgen. Een minder mobiel persoon moest door de brandweer uit de garage worden geholpen.

Twee woonhuizen werden zelfs onbewoonbaar verklaard, omdat ze begonnen te verzakken nadat het zand onder de fundering was weggespoeld. Tijdens het wegpompen van het water sprongen de scheuren in de muren. De bewoners moesten uitwijken naar vervangende woonruimten elders.

Van 68 naar 120 mm regenval

Het is een van de vele voorbeelden van ernstige wateroverlast waar Nederland de afgelopen weken mee te kampen had. Niet eerder was klimaatverandering zo duidelijk zichtbaar, zeggen de waterschappen. 'In sommige gemeenten zagen we de afgelopen weken piekbuien van 60 tot 80 mm binnen een halve dag. Zoiets was eigenlijk pas voorspeld voor na 2050', zegt bestuurder Ernest de Groot van het waterschap Aa en Maas (Noordoost-Brabant).

Hij doelt op voorspellingen van het KNMI, dat op basis van de gemiddelde temperatuurstijging van de aarde schat dat het aantal extreme buien deze eeuw verder zal toenemen. Nu al is het aantal overlastgevende buien in de zomer twee keer zo groot als in 1950.

Experts en waterschappen luiden de noodklok over de capaciteit om al dat water op te vangen. Als de waterhuishouding niet snel verbetert, zullen meer weilanden, huizen en wijken overstromen, zo waarschuwde waterschap Peel en Maasvallei vorige week in een evaluatie. Volgens het waterschap zijn 'nieuwe visies op het watersysteem' noodzakelijk. 'Het hele systeem wankelt door deze zware piekbuien', zegt De Groot.

Hoe maken we de waterhuishouding klimaatbestendig, oftewel hoosbuibestendig? Daarover verschillen de meningen. Een voor de hand liggende optie is om de rioleringspijpen te verbreden. Deze zijn gemaakt om een neerslag van 20 tot 35 mm op te vangen. Dat verbreden gebeurt al, maar het hele netwerk aanpassen is een kostbare operatie. Bovendien lost het niet alle problemen op, want het water moet ook weer ergens heen. Maar wat dan wel?

De tekst gaat verder onder de illustratie.

1. Ontzie het riool met een waterplein

Om te voorkomen dat het riool door al het regenwater snel volloopt, leggen veel gemeenten een aparte rioolbuis aan voor enkel het vuile afvalwater. Nu loopt het regenwater via dezelfde buis als het afvalwater uit de huizen naar de zuiveringsinstallaties.

De riolering kan dit niet altijd aan. Bij een hoosbui kan het regenwater vermengd met het vuile water omhoogkomen en op straat blijven liggen, met stank en gezondheidsrisico's tot gevolg. Of het vuile water komt buiten de bebouwde kom terecht in sloten, waardoor gewassen vervuild raken en de boer zijn oogst kan weggooien.

Ook op andere manieren kan het riool worden ontzien. Zo hebben steden als Rotterdam en Den Haag 'waterpleinen' aangelegd, bassins waar het regenwater (tijdelijk) wordt opgevangen. Als het droog is, kunnen de bassins bijvoorbeeld gebruikt worden om te skaten of te basketballen. Rotterdam heeft een van de grootste waterpleinen van de wereld: onder het Bentheimplein kan 1,7 miljoen liter water worden opgevangen.

Het aanleggen van dit soort parallelle systemen is overigens duur. Volgens Jos Moorman, hydroloog bij het waterschap Aa en Maas, is een alternatief dat gemeenten bij dreigend extreem weer de riolering alvast leegpompen zodat er meer ruimte is voor het regenwater.

2. Doe het zelf en haal die tegels weg

'Zaag die regenpijp door en laat het water in de tuin stromen of nog beter in een regenton, dan kun je er bij droog weer de planten mee begieten', adviseert voorzitter Peter Glas van het waterschap De Dommel in Zuidoost-Brabant aan alle burgers met een tuin. Want op veel plekken wordt de regen via dakgoten en regenpijpen direct op het riool geloosd. Maar de capaciteit van dat riool is beperkt, waardoor bij extreme neerslag de putdeksels eraf vliegen.

Ook zijn veel tuinen en opritten van huizen betegeld. 'Onderhoudsvriendelijk', heet dat. Maar die verstening belemmert de afvoer van water. 'Beter één tegel in de hand dan tien in de tuin', is het motto van de Boxmeerse wethouder Jeu Verstraaten. 'We proberen de bewoners te stimuleren hun tuinen en opritten meer te vergroenen. Alles wat niet door het riool gaat, is meegenomen. Daarmee kan worden voorkomen dat een hele stortvloed bij de waterzuiveringsinstallatie aankomt.'

Daken met sedum of andere beplanting kunnen eveneens helpen om regenwater langer vast te houden. Een groen dak ziet er leuk uit en heeft ook een isolerend effect. Alle beetjes helpen, meent Verstraaten.

Ook watergraaf Glas vindt dat burgers een eigen verantwoordelijkheid hebben. 'Ze kunnen niet steeds zeggen: overheid, regel dat even voor ons.' Hij gebruikt de metafoor van 'de stad als spons': als het hard regent, moet de stad water opnemen, terwijl dat water in hete zomers juist voor verkoeling kan zorgen.

3. Vang het water op in een 'wadi'

Leg verlaagde stukken grasland aan tussen of langs straten om de regen op te vangen. Het hemelwater kan dan vanaf straat of erf naar het grasland stromen en in de bodem zakken. Vooral in nieuwbouwwijken, zoals in vinexwijk Leidsche Rijn, worden zulke 'wadi's' aangelegd. De benaming verwijst naar de Arabische naam van een droogstaand rivierdal, maar is ook een acroniem: water afvoer door infiltratie.

Ook de gemeentewerf van Boxmeer heeft een wadi. 'Ook dat is eigenlijk het principe van de ouderwetse regenton', aldus wethouder Verstraaten. 'Het is een groot reservoir om water op te vangen, waarmee in droge tijden ook het groen weer wordt besproeid.'

Ook bij de aanleg van kantoren- en bedrijventerreinen, die eveneens bijdragen tot een verdere verstening van het land, moet volgens watergraaf Glas meer gekeken worden naar de opvang van regenwater. 'Bouw voldoende waterberging in', benadrukt de watergraaf (die geen dijkgraaf wordt genoemd, omdat zijn waterschap geen dijken heeft).

Het waterschap voert een watertoets uit bij stedelijke projecten. Maar dat advies is, tot verdriet van Glas, niet meer bindend. 'We missen de stok achter de deur', aldus de watergraaf. 'We hebben geen middel om projecten tegen te houden die onze watertoets niet doorstaan.'

4. Stem het lozen beter op elkaar af

Begin juni stroomde tijdens een hoosbui het riool in Someren over, terwijl op hetzelfde moment de omliggende boeren op het land last hadden van een piekbui. Doordat beide gebieden het overtollige water tegelijk probeerden af te voeren, kreeg het nabijgelegen beekdal de problemen op zich afgewenteld.

'Als we op een van die twee plekken de afvoer nou hadden kunnen vertragen, bijvoorbeeld door extra bovenstroomse opslag, waren de problemen minder groot geweest', zegt waterschapsbestuurder De Groot.

Gemeenten en waterschappen moeten de waterafvoer beter afstemmen, is ook de boodschap van Remko Uijlenhoet, hoogleraar hydrologie en kwantitatief waterbeheer aan de universiteit van Wageningen. Gemeenten zijn voor hun afvoer afhankelijk van omliggende landerijen, maar in tijden van veel regen is de capaciteit daar beperkt. De waterbeheerders moeten dus eerst overleggen voor ze het water afvoeren, zegt Uijlenhoet. 'De timing is essentieel. De gemeente kan niet altijd lozen als ze dat wil, de waterschappen moeten het water soms tijdelijk vasthouden in een overloopgebied.'

Maar ook wanneer beide partijen over buffers beschikken waar het water tijdelijk kan worden opgevangen, is overleg belangrijk, meent Uijlenhoet. 'Ook buffers zijn eindig. Je moet dus goed begrijpen wanneer je die moet inzetten. De verleiding is groot om dat meteen te doen, om klachten van burgers te voorkomen, maar dan kun je later in de problemen komen.'

Ook De Groot van waterschap Aa en Maas pleit voor een betere samenwerking, maar benadrukt dat alle partijen dan ook moeten werken aan buffers. Dat betekent dat gemeenten soms grote bergingsbuffers aan de rand van de stad zullen moeten bouwen. 'Iedereen moet zijn eigen broek even kunnen ophouden.'

Uijlenhoet pleit ervoor dat waterbeheerders ook beter gebruik maken van weermodellen en neerslagmetingen om te voorspellen waar en wanneer hoosbuien zich voordoen. 'Als het nodig is kun je burgers dan ook tijdig weren van kwetsbare plekken, zoals festivalterreinen.'

Ook met buffers en radarsystemen zal het onmogelijk zijn om op elke situatie te anticiperen, denkt De Groot. 'De hoosbui boven Boxmeer begon ook als een klein oranje vlekje op de kaart.' Ook bij de gemeente zelf hebben ze zo hun twijfels of natte voeten in de toekomst altijd voorkomen kunnen worden. 'Bij zo'n dubbele wolkbreuk is er geen beginnen aan, tenzij je het hele dorp op terpen bouwt', aldus Gemeentewoordvoerder Antoinette Verstegen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden