waar / niet waar

Wat werd onlangs beweerd? Elke euro ontwikkelingshulp die Nederland uitdeelt, verdient het volledig terug aan export. Wat zegt de wetenschap? Lees eerst de algemene voorwaarden.

Om de zoveel tijd mag de vraag weer gesteld worden: waarom nog geld pompen in Afrika? Voor wie barmhartigheid niet genoeg reden is, komt minister Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking met een reden die zelfs egoïsten moet aanspreken: 'Een euro uitgegeven aan ontwikkelingshulp levert voor Nederland een euro bruto aan extra export op.'

Die uitspraak deed ze in een weekendeditie van Het Financieele Dagblad. In hoeverre heeft ze gelijk?

In principe klopt het idee, zegt Bart Verspagen, hoogleraar ontwikkelingseconomie aan de universiteit van Maastricht. Geldsteun aan een arm land met de hoop dat het producten of diensten van je afneemt, levert inderdaad enige exportwinst op. 'We zien dit verband in de cijfers terug voor verschillende landen en tijdsperiodes', zegt hij aan de telefoon. 'Daar twijfelt geen econoom aan.'

Maar is het echt één euro heen, één euro terug? 'Nederland is nog maar enkele jaren bezig met bilaterale hulp die ook gericht is op exportkansen voor Nederlandse bedrijven', zegt Verspagen. 'Het zou me verbazen als we nu al precies weten hoeveel extra export Nederlandse bedrijven draaien dankzij dit soort afspraken. En bovendien: het rapport waar Ploumen zich op baseert, is nog niet uit. Ik weet dus niet hoe ze er precies bij komt.'

De vraag is of het getal realistisch is. In theorie kan het kloppen, blijkt uit een kleine rondgang langs economische studies naar bilaterale hulp. De onderzoeksgroep waar Ploumen naar verwijst, publiceerde er eerder over in het tijdschrift German Economic Review. Voor elke euro Duitse steun kwam tussen de 1,40 en 2,33 euro aan bruto export terug, rekenden ze na. Omgerekend naar de Nederlandse situatie levert elke euro hulp inderdaad 1 euro aan extra exportinkomsten op.

Maar slechts eenderde van de Nederlandse hulp wordt als bilaterale hulp verstrekt, vult hoogleraar ontwikkelingseconomie Erwin Bulte van de universiteit van Wageningen aan. Het resterende deel gaat via grotere organisaties zoals de Wereldbank of Oxfam naar arme landen. 'Nederland is als donerend land dan helemaal onzichtbaar', zegt Bulte. 'Bij zulke grote projecten hebben boeren in Ethiopië heus geen idee dat wij ook een deel van de hulp hebben betaald. Ploumens idee dat ze zo uit goede wil bij ons kunstmest kopen, gaat dan niet op.'

Bulte vermoedt daarom dat het getal in werkelijkheid lager zal uitvallen dan die ene euro. 'Daarnaast is een euro extra exportomzet niet hetzelfde als een euro winst voor Nederlandse bedrijven. Onderzoek wijst uit dat dit netto misschien 50 eurocent is.' Verspagen denkt ook dat de winst minder spectaculair is. Hij wijst op andere studies die een veel lagere exportopbrengst melden: 0,10 tot 0,40 euro extra exportwinst per uitgegeven ontwikkelingshulpeuro is niet ongewoon. De minister is dus misschien iets te enthousiast.

Uiteindelijk, zeggen beide ontwikkelingseconomen, ontbreekt keihard bewijs. Elke studie naar exportwinst dankzij hulp is een zoektocht naar statistische verbanden. Dat wil zeggen: om de stelling te onderzoeken, nemen wetenschappers de cijfers van import, export en ontwikkelingshulp van verschillende landen en tijdstippen, en vissen naar een verband. Dat er dan zo'n verband opduikt, wil niet zeggen dat de hulp en exportwinst altijd iets met elkaar te maken hebben.

Bulte: 'Je zou eigenlijk een experiment moeten doen, waarbij verschillende landen elk op een andere manier bilaterale hulp bieden in verscheidene ontwikkelingslanden. Dan kun je direct meten of arme landen vanwege de hulp meer producten en diensten uit het donorland gaan afnemen.'

Verspagen is licht sceptisch over het nut van ontwikkelingshulp die erop gericht is de exportwinst van een rijk land te doen groeien. 'Je moet je afvragen voor wie die hulp het best is: voor het donorland of het ontwikkelingsland?'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden