Waar kunstminnend publiek is, daar is Straatman

In 1919 betaalde Marcel Duchamp zijn tandarts, Daniel Tzanck, met een tekening van een cheque ter waarde van 115 dollar....

In 1962 kieperde Yves Klein zestien stukken goud in de Seine, en verbrandde vervolgens het bonnetje, om zichzelf als kapitalist, als iemand die de produktiemiddelen in handen had, te manifesteren. De performance werd Immaterial Pictorial Sensitivity Zone No.1 gedoopt.

In dezelfde tijd vervaardigde Andy Warhol zijn Dollar-Bill-Paintings: zeefdrukken van Amerikaanse bankbiljetten, die door het makkelijke productieproces tot het einde der dagen vermenigvuldigd konden worden, zonder dat inflatie optrad.

En dan is daar ook nog de Braziliaanse kunstenaar Cildo Meireles, die, gedreven door de sociale ongelijkheid in zijn land, in de jaren zeventig en tachtig biljetten en munten van nul dollar en nul cruzeiro liet maken.

Veel kunstenaars hebben zich in de loop der tijd bezig gehouden met geld en grootkapitaal, met het toenemende consumentisme, de sky high gerezen waarde van objecten die allang niet meer overeenkomt met de oorspronkelijke waarde.

De van oorsprong Spaanse kunstenaar Angel Vergara (1958) woont en werkt al jaren in Brussel. Ook hij bekritiseert de economische aspecten van de hedendaagse kunstwereld, niet door de aanval te kiezen, maar louter door te observeren en die observaties te vertalen in kunstwerken. Hij past in het rijtje kunstenaars die (letterlijk) willen afrekenen met het marktsysteem waarin een door een bekende kunstenaar gesigneerd tientje op een veiling makkelijk het honderdvoudige kan opbrengen.

In deze traditie bedacht Vergara de Nanard, een nieuw bankbiljet. In 1995 doopte hij het Franse grensstadje Revin om in Nanardville. Alle banken, winkels, het postkantoor, het stadsbestuur en de handelaren maakten gebruik van het nieuwe geldsysteem. Bij het wisselkantoor kreeg je Nanards voor je geld, waarmee je in de hele stad kon betalen. Had Vergara zijn geld als kunstwerken verkocht, dan hadden ze waarschijnlijk meer opgeleverd.

Dit project is vergelijkbaar met de acties van Duchamp en Meireles. Maar niet voor niets werkt Vergara in Brussel; dit is de stad van de surrealist René Magritte (Ceci n'est pas une pipe), en ook van de conceptualist en dichter Marcel Broodthaers (die in navolging van Magrittes beroemde schilderij een van zijn werken vergezeld liet gaan van de titel This is not a work of art). Deze twee kunstenaars hebben Vergara, bewust of onbewust, beïnvloed.

In het Museum voor Hedendaagse Kunst in Antwerpen (Muhka) toont de Spaanse kunstenaar op dit moment oud en nieuw werk onder de titel Straatman cometh!, dat past in een weloverdacht oeuvre. Hij maakt, net als Broodthaers, kunst over kunst, over de kunstenaar, de kunstwereld en het kunstpubliek.

Oorspronkelijk is hij schilder, maar Vergara verkreeg vooral bekendheid door zijn performances. In 1988 dook hij voor het eerst op als zijn alter ego Straatman, tijdens de Biennale van Venetië. In het Belgische paviljoen, ingericht door Guillaume Bijl, scharrelde een figuur rond, verscholen onder een stuk wit schilderslinnen, die zonder enig commentaar dingen aanwees. Zijn zonderlinge verschijning en zijn al even eigenaardige gedrag wekten zowel fascinatie als irritatie op; Straatman werd weggestuurd, maar kwam even later weer ergens anders tevoorschijn.

Dit was de geboorte van een publieke figuur: overal waar zich kunstminnend publiek verzamelt, bij openingen of culturele manifestaties, maar ook gewoon op straat - daar is Straatman. Zwijgend, en altijd bedekt door het witte schilderslinnen, is hij onzichtbaar, als een geestverschijning, maar tegelijkertijd sterk aanwezig.

Soms verschijnen plotseling twee armen vanonder het laken vandaan, die een melodietje op de piano pingelen. Of ze delen schetsen uit die Straatman in zijn 'tent' maakt bij het schijnsel van een zaklamp, naar aanleiding van de gesprekken die hij om zich heen opvangt.

Met de performance van Straatman wil Vergara het romantische beeld in twijfel trekken van de schilder die altijd maar in de eenzaamheid van zijn atelier aan het werk is - een enigszins verouderde visie, die niettemin volgens Vergara nog altijd bestaat.

Veel van zijn performances verwerkt Vergara tot schilderijen, die als kritische banieren in de ruimte van het Muhka hangen. Vaak zijn het vage foto's waaroverheen geschilderd is. Prijslijsten uit een café bijvoorbeeld, met drankprijzen die afhankelijk zijn van de soort dorst die je hebt: Soif Claire, Soif Sombre, Soif Obscure of Soif Noire.

Of er duikt een diffuus beeld van Nanardville op, met winkelende mensen in een drukke straat, waaroverheen Vergara pijlen zette, die verwijzen naar getallen en kreten uit de wereld van de consument.

Een ander doek toont een supermarkt die alleen appels verkoopt, erotische en spirituele vruchten volgens Vergara, die hij inzet in de strijd tegen de economische krachten die de kunst dreigen te vernietigen.

En op bijna alle werken komt Straatman voor, half doorzichtig of weggestopt in een hoekje, maar altijd herkenbaar.

Soms neemt Vergara zijn witte laken af, maar alleen om een andere metamorfose te ondergaan. Zo liet hij zich voor een performance (zoals te zien is op drie video's) buitengewoon treffend schminken als de Belgische koning Albert, die een onzinnige redevoering houdt en afsluit met de cryptische woorden: Ach! Was het mij maar gegund om, zoals ieder van jullie, eenvoudigweg een kunstwerk te zijn'.

En als Vlaamse Black (een naam die uiteraard verwijst naar de extreemrechtse Belgische partij Vlaamse Blok) is hij een zwarte man met alle stereotiepe kenmerken: hij draagt een masker met enorme rode lippen, een platte neus en uitstekende witte tanden, hij heeft lange armen en grote handen, en een lycra trainingspak met opgezette capuchon.

In deze outfit vertoont Vergara zich wederom op openingen om aan het, overwegend witte, publiek folders uit te delen en handen te schudden, of om toespraken te houden, die zo'n smekende en onderdanige toon hebben ('Wij vragen om uw hulp, zodat wij zoals u kunnen worden'), dat het schaamrood je op de kaken staat. En weer roept hij fascinatie op, maar ook boosheid en zelfs angst.

Zo beweegt Vergara zich door de moderne wereld, die er voor de maatschappelijk geëngageerde kunstenaar misschien niet leuker op is geworden, maar waarvan hij - Vergara althans - de alledaagse realiteit wél weet om te zetten in kunst die, om maatschappij-kritisch te zijn, de mystiek niet de rug hoeft toe te keren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden