Waar komen religieuze kleding-voorschriften vandaan?

Waar komen religieuze kleding-voorschriften vandaan? Regisseur en journalist Bahram Sadeghi vroeg het aan enkele gelovigen.

Bahram Sadeghi: 'Het was 1981, twee jaar na de Islamitische Revolutie in Iran en we vierden Nowroez, de 13de dag na het Iraanse Nieuwjaar. Volgens traditie gaan Iraniërs die dag de deur uit om het ongeluk (13!) voor de rest van het jaar te ontlopen. Ondanks de uitgelaten stemming voelde iedereen aan het wel eens een van de laatste dagen zou kunnen zijn dat vrouwen zonder hoofddoek de straat op konden. En inderdaad: dat jaar kregen de fundamentalisten hun zin en werd de hoofddoek wettelijk verplicht.

Vijf jaar later belandde ik in Nederland, gevlucht voor de oorlog tussen Irak en Iran. Maar elke keer als - weer! - de discussie over hoofddoek, nikab en boerka oplaait, denk ik aan die dag en vraag ik me af hoe het met die hoofddoek zit. Waar en hoe staat het in de Koran dat vrouwen hun haren moeten bedekken? Staat het er wel? Zijn er ook kledingvoorschriften voor mannen? En waarom hebben veel religies een obsessie met het gezichts- en hoofdhaar? De joodse man draagt een keppel en waar de sikh zijn haar niet mag afscheren, loopt de boeddhistische monnik juist met een kaal hoofd rond. En wat is het verschil tussen kledingvoorschriften van mennonieten en amish? Simpele vragen waarachter een wereld van identiteiten en eeuwen van religieuze twisten schuilgaan. Bij de voorbereiding van mijn boek over religieuze kledingvoorschriften besloot ik alvast een paar aanhangers van verschillende religies in Nederland naar de kledingregels van hun geloof te vragen.'

Sikhisme

Amrik Singh (53), Harjaspreet Singh (7).

'Als vrome sikhs houden we ons aan de 5 K's, vijf kledingregels die in het Punjabi met de letter K beginnen: kirpan, een kromme dolk; kesh, ongeknipt haar; kara, een metalen polsband, kangha, een houten kam en kachera, het ondergoed. Zowel mannen en vrouwen houden zich aan die regels.

Ik kan me herinneren dat rond mijn 23ste mijn hoofdhaar zo lang was dat als ik naar voren bukte mijn haar de grond raakte. Of het nou om baard, snor, schaamhaar of okselhaar gaat, we knippen ons haar niet want we zien de schepping zoals die ons toebedeeld is als volmaakt en zullen niet op kunstmatige wijze proberen er iets aan te 'verbeteren'. Ik was mijn haar wel twee keer per dag, 's ochtends en 's avonds en het kammen zorgt er ook voor dat je haar schoon en fris blijft.

Mijn zoon Harjaspreet is eens in vol ornaat volgens de sikh-traditie naar school geweest. Iedereen vond het prachtig. Maar sinds de aanslagen van 9/11 krijgen we steeds vaker met discriminatie te maken doordat veel mensen ons voor radicale moslims aanzien. Maar wat wil je: we hebben een tulband, lange baarden en een dolk. Buiten India mogen sikhs geen kirpan mee in het vliegtuig nemen. Maar iemand die zich een beetje in het sikh-geloof heeft verdiept, weet dat de kirpan uitsluitend een defensieve functie heeft; alleen als je aangevallen wordt óf als je wilt opkomen voor iemand anders die aangevallen wordt, mag je je kirpan gebruiken. Zo heeft ieder van de 5 K's een bepaalde betekenis.'

Koptisch-orthodoxe kerk

Twadrous Louka (32)

'Ik was een jaar of 12 toen ik mijn kruis-tatoeage op mijn pols liet zetten. Zo'n tatoeage op die plek is heel gebruikelijk, maar geen verplichting bij de Egyptische kopten. Het kruis moet op je rechterarm gezet worden, want daarmee verrichten de meeste mensen handelingen. Het is een soort moreel kompas aan je rechterpols en het teken van de verbondenheid van het individu met Christus. Je draagt de Heer altijd bij je.

Als je het kruis goed bekijkt, zie je dat het geen klassiek kruis is (een lange verticale lijn en een korte horizontale lijn), maar vierkant en symmetrisch. Elke hoek telt drie punten die de Heilige Drie-eenheid symboliseren en ze vormen samen twaalf punten; het aantal discipelen. Met het kruis laten we zien dat we trots zijn op ons geloof. Natuurlijk kun je ook een ketting dragen om te laten zien dat je christelijk bent, maar een tatoeage is permanent. Niemand kan het je afnemen. Vergelijk het met een ander typisch Egyptisch fenomeen, de piramides: ook permanent, je kan ze niet makkelijk kapot maken.

Al is mijn polstatoeage relatief klein, ze levert geregeld stof tot gesprek. Ik zie er Arabisch en islamitisch uit en draag een christelijk teken op mijn lichaam. Hoe kan dat?, zie je mensen denken. Ik vertel dan over de achtergrond van mijn geloof. Want hoewel wij Egyptische kopten niet aan zending doen - heb je weleens een kopt gezien die op straat aan het flyeren was? - is het toch leuk om een gesprek over spiritualiteit met vreemden te hebben.'

Islam

Ikram Aqantos (22)

'Ik ben altijd al met mode en kleding bezig geweest. Het was zo rond mijn 15de dat ik steeds vaker meisjes zag die een hoofddoek droegen; ik vroeg me af wat de achtergrond daarvan was. Toen ben ik me daarin gaan verdiepen en ik besloot na een tijdje zelf ook een hoofddoek te gaan dragen. De eerste keer was heel spannend. Het was het Suikerfeest; ik had de hele dag met een vriendin in de stad rondgelopen en heel veel sjaals uitgeprobeerd. Uiteindelijk kwam ik met een, vind ik nu, afgrijselijk zijden niemendalletje thuis. Maar ik was zo trots! Eindelijk kon ik mijn geloof in de praktijk brengen. Ik had niets tegen mijn ouders gezegd want ik wilde me niet door hen laten beïnvloeden, positief noch negatief. Toen ze mij met hoofddoek zagen, waren ze blij verrast maar ook sceptisch: 'Weet je wel zeker dat je een hoofddoek wil dragen? Want het gaat wel om je geloof, hè? Het is geen spelletje.'

De volgende dag op school was ook spannend. Iedereen kende me van mijn lange bruine krullen en modieuze kleding en nu liep ik, weliswaar nog altijd modieus, maar toch zedig rond met mijn hoofddoek. Gelukkig reageerde iedereen positief, zowel moslims als niet-moslims. Maar sommigen dachten toen ook dat ik het niet lang zou volhouden. Om eerlijk te zijn, heb ik zo af en toe momenten van zwakte; dan zie ik een mooie jurk die ik zou willen dragen. Maar dat kan niet, want het gaat niet alleen om je hoofddoek; de rest van je kleding moet ook netjes, zedig en bescheiden zijn. Zo zou ik nooit mijn hoofddoek met een strakke jurk of skinny jeans combineren, waarbij de rondingen van je lichaam duidelijk zichtbaar worden.

Bij mij zie je wel mijn enkels. Eigenlijk mag dat ook niet, maar een broek waarbij je net mijn enkels ziet, is mijn stijl. Al sluit ik niet uit dat ik ooit mijn enkels zou bedekken. Je moet het zien als het beklimmen van een ladder: op de eerste trede ging ik me verdiepen in de islam, daarna ging ik een trede hoger en besloot ik een hoofddoek te dragen, daarna ook om andere 'verhullende' en simpele kledingstukken te dragen - dus bijna nooit prints en veel grijs, zwart en wit - en zo ga ik steeds verder met de ladder beklimmen en mijn geloof praktiseren. Toch zal ik nooit een boerka dragen, maar misschien steeds wijdere kleding.

In de afgelopen zeven jaar heb ik nooit gemerkt dat ik vanwege het dragen van mijn islamitische kleding gediscrimineerd werd. Ik volg een hbo-opleiding en werk daarnaast in de modebranche. Tijdens modeshows en de bijbehorende feestjes ben ik bijna altijd het enige meisje met een hoofddoek. Dat begint juist in mijn voordeel te werken. Tot de afgelopen maand: ik had een leuke stageplek gevonden, maar mijn stagebegeleider kreeg een telefoontje van de werkgeefster met een vraag over mijn achtergrond: 'Ze heeft een Arabische naam. Draagt ze ook islamitische kleding?' En toen mijn begeleider 'ja' zei, was het meteen afgelopen. Ik ga geen aangifte doen van discriminatie; ik laat mensen graag in hun waarde. Zolang je zelf maar weet wat je als persoon waard bent, komt het zeker goed.'

Jodendom

Zimri (links, 34 jaar), Liat (27). Achternamen bij redactie bekend. Zimri: 'Naast mijn keppel en baard draag ik ook de tsitsit, het gebedskleed met de kenmerkende witte 'draden' die bij de meeste orthodoxe joden onder de jas of het overhemd uitkomen. Maar deze zijn nu niet te zien, want ik draag mijn tsitsit onder mijn kleding. Ik heb ook donker haar met een donkere keppel en een bescheiden baard. Dus dat valt alles bij elkaar niet echt op. Orthodoxe joodse mannen mogen hun baard en de zijkanten van hun hoofd niet scheren. Maar over de lengte van de baard en de pijpenkrullen, pejes, verschillen de rabbijnen van mening. Donker pak, wit hemd en hoed zijn niet verplicht.'

Liat: 'Vanaf de eerste dag na mijn huwelijk draag ik een sjeitel, een pruik. In het begin voelde mijn sjeitel als een spijkerbroek die net uit de wasmachine kwam: het zat te strak. Maar ondertussen voelt het als een stuk van mijzelf. De gedachte erachter spreekt me aan en daarom draag ik het; de sjeitel straalt uit dat ik niet meer beschikbaar ben voor anderen en ook dat ik, nu ik als getrouwde vrouw intiem ben geweest met mijn man, geen natuurlijke bescheidenheid en onbevangenheid meer heb. De sjeitel is de compensatie voor het 'verlies' van die twee eigenschappen en symboliseert mijn innerlijke terughoudendheid als getrouwde vrouw. Daarnaast bedek ik mijn armen tot net over de ellenboog, draag ik een rok tot net over de knie, bedek ik mijn bovenlichaam tot en met het sleutelbeen en zie je mijn enkels niet.'

Zimri: 'De keppel maakt mij constant bewust van de aanwezigheid van G'd (orthodoxe joden spreken de naam van de Allerhoogste niet uit, red.) De tsitsit dienen als constante herinnering aan onze toewijding in het dienen van G'd. Tegelijkertijd zijn de tsitsit een waarschuwing en bescherming opdat we niet onze ogen en hart zullen volgen, of anders gezegd ons niet laten verleiden door aardse begeerten.'

Liat: 'Het lijkt alsof we een heleboel dingen moeten doen en laten om aan de kledingvoorschriften te voldoen, maar we doen dat in volle overtuiging en zonder dwang. Die voorschriften zorgen ervoor dat we ons op elk moment van de dag bewust zijn van onze verhouding tot de Schepper.'

Zimri: 'Hoewel misschien niet iedereen meteen zal zien dat ik joods ben, staat voor mij het dragen van mijn keppel samen met mijn baard symbool voor het uitdragen van mijn trots over mijn joods-zijn. Dat niet iedereen in de wereld daar zo positief tegen aankijkt, besef ik terdege, maar dat is voor mij geen reden om het te verbergen. Ik zou mijzelf in mijn kleding nog veel explicieter als joods kunnen profileren - met een donker pak, lange baard, opvallende pejes - maar aan die stap ben ik nog niet toe. Gelukkig kent het orthodoxe jodendom vele varianten. Daarvan zijn wij er één.'

Hare Krishna

Janakinatha Dasa (62)

'Als praktiserend aanhanger van de Hare Krishna-beweging draag ik bijna altijd de traditionele kleding. Maar het is geen verplichting. De devotionele kleding - kurta, een shirt; chadder, een sjaal en dhoti, een lap stof van 4,5 meter die op kunstige wijze rond het onderlichaam gedrapeerd wordt - draag ik bij presentaties, voordrachten of als ik anderszins onze traditie vertegenwoordig. Maar als het regent of koud is, zoals nu, ga ik even makkelijk zonder traditionele kleding op pad.

De mannen dragen twee kleuren: oranje en wit. Oranje betekent dat je ongetrouwd bent en celibatair leeft. Wit betekent dat je getrouwd bent of wilt trouwen. Oranje is in onze traditie ook de kleur van de dood, maatschappelijk dood. Daarom ben ik nu minder bij het maatschappelijk gebeuren betrokken dan voorheen, tenzij het op een of andere manier betrekking heeft op het uitdragen van ons gedachtegoed. De essentie van mijn bestaan is dan ook het vergaren, doorgeven en in de praktijk brengen van spirituele kennis.

Na het dagelijks bad breng ik met klei tekens aan op verschillende plekken op mijn lichaam. Je ziet nu alleen twee tilak-streepjes op mijn voorhoofd en een plekje op mijn neus, maar ook op mijn armen, buik, borst en rug breng ik de tekens aan. Indien de situatie het vraagt, kan ik ze ook met water op het lichaam aanbrengen. Verder scheer ik mijn hoofd kaal maar laat achterop een staartje zitten. Het kaalscheren zorgt voor frisheid en netheid. En met het staartje laten we zien dat we in één Allerhoogste God Krishna geloven. Op deze foto draag ik een tasje waarin een japamala, een kralensnoer zit. Japamala is vergelijkbaar met een rozenkrans bij de christenen en de moslims. Hiermee tel ik de mantra's tijdens het chanten, want bij de inwijding wordt er een gelofte gedaan om dagelijks een bepaalde hoeveelheid mantra's te reciteren. De japa-zak is zo gemaakt dat de wijsvinger door een gaatje naar buiten steekt. Rond mijn hals draag ik houten tulsi-kralen. Dhoti, kurta, chadder, japamala en tulsi maken ons herkenbaar als leden van een eeuwenoude spirituele traditie.

Mensen reageren vaak positief op mijn uiterlijk. Een paar weken terug kwam ik tegenover een moslima in de trein te zitten en die begon naar aanleiding van mijn kleding vragen te stellen over onze filosofie. Onze kleding zorgt ervoor dat we herkenbaar zijn als toegewijden van Heer Krishna. De uniforme kleding van agenten, verplegers, dokters, brandweerlieden en soldaten zijn een aanduiding van hun functie. En zo is dat ook bij ons.'

Deze reportage is mede mogelijk gemaakt door financiële ondersteuning van het Mondriaan Fonds.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden