Reportage

'Waar is het water gebleven?'

Droogte is schadelijker voor bossen dan gedacht, blijkt uit Amerikaans onderzoek. Daarmee zijn de klimaat­modellen mogelijk te optimistisch. En dat terwijl Indonesiërs dagelijks merken dat het al heel hard gaat.

Michel Maas
Een meisje haalt water bij een opgedroogd rivierbed van de Cipamingkis. Beeld Denny Pohan / Demotix
Een meisje haalt water bij een opgedroogd rivierbed van de Cipamingkis.Beeld Denny Pohan / Demotix

Het dorpshoofd ritst zijn broek dicht. Er is geen gêne. Er zijn geen toiletten en iedereen doet het hier waar iedereen het kan zien, dus waarvoor zou je je schamen. Je behoefte doe je achter een plastic zeiltje op de bodem van de beek. De beek heeft een diepe sleuf achter het dorpje uitgesleten, een klein ravijn waar de zon niet komt en waarin op de bodem altijd wel wat water kabbelt dat je behoefte meeneemt. Behalve nu.

De beek is zo droog dat je er dorst van krijgt. Uit de bodem zijn op sommige plaatsen een paar keien weggehaald zodat er gaten zijn ontstaan. Daar doe je het in. Ook als je het dorpshoofd bent. In een van die gaten staat nog een laagje water. Daar doet een van de vrouwen de afwas.

Normaal doet zij die boven bij haar huisje, zegt zij. Daar heeft zij een put met een emmer aan een touw. De emmer ligt werkloos naast de bakstenen put, waarvan je de bodem zes meter in de diepte kunt zien. Uit de put komt een smerige, rottende lucht. Het laatste water heeft zich vermengd met modder en is brak geworden. 'Het stinkt al', zegt de vrouw. Zelfs als het nu gaat regenen zal het een hele tijd duren voordat deze put weer kan worden gebruikt.

Geen water meer

'Alles is droog. Er is geen water meer. Waar is het gebleven?', zegt Herman, een boer. Op zijn schouder draagt hij een bamboe lat met aan elk uiteinde een jerrycan. Die gaat hij vullen met water. Het enige bruikbare water van Sukajaya vind je aan de andere kant van het dorp: daar ligt de Cipamingkis. Het rivierbed is tientallen meters breed, maar van de rivier is na vier maanden droogte niet meer over dan een sijpelend stroompje dat tussen de keien zijn weg zoekt. De weerkundigen voorspellen dat de droogte nog tot november kan duren. Als dat waar is, zal zelfs de machtige Cipamingkis droogvallen. Dan is er niets meer. Hoe het dan met Sukajaya moet weet niemand. Dat is iets waar Indonesiërs niet over nadenken tot het zover is. En dan zien zij wel weer verder.

Sukajaya ligt tussen Bogor en Bekasi, op een paar uur rijden van de hoofdstad Jakarta. Het is een van de dorpen in de regio Jonggol, een van de tientallen regio's die zijn getroffen door een ongekende droogte. De hele archipel met zijn duizenden eilanden heeft last van een chronisch gebrek aan regen. Rijstvelden zijn drooggevallen, rijstoogsten mislukt, en waterniveaus in stuwmeren die van levensbelang zijn voor irrigatie en stroomvoorziening zijn gezakt tot een alarmerend laag niveau.

El Niño

Het gebrek aan regen heeft te maken met 'El Niño' zeggen de weerkundigen. Dat weerfenomeen warmt het water van de Stille Oceaan op, en die temperatuurstijging verstoort het vaste patroon van droge en natte seizoenen. Daardoor is het boven de evenaar, in Thailand en Birma, extreem nat, terwijl het hier beneden in Indonesië extreem droog wordt. Tienduizenden hectaren rijst zijn al verloren gegaan of staan te verpieteren. Indonesië zal hierdoor opnieuw gedwongen zijn rijst te importeren, in het eerste jaar van president Joko Widodo, die heeft gezworen het land 'self-supporting' te zullen maken.

Asmaruddin, het dorpshoofd, wandelt een rijstveld in. De planten staan er nog, en lijken zelfs te leven, maar dat is schijn. De grond tussen de planten is gebarsten van de droogte. Een woestijnlandschapje met uitgehongerde rijstplanten. Asmaruddin trekt wat aren los en spreidt ze uit in zijn handpalm. 'Zij zouden vol moeten zitten met rijst. Dit zijn alleen maar lege hulsjes, kijk maar. Er is geen rijst.'

Bij de rivier is het gezellig. Vooral om een uur of vier 's middags. Dan is het wastijd en komt iedereen om in de poelen en plassen te baden, te wassen, af te wassen. Jongens kijken naar de meisjes en de meisjes houden de jongens in de gaten. 'Best gezellig', zegt Daeng, een van de bewoners. 'Maar ook triest. Omdat we geen water hebben.'

Dorpshoofd Asmaruddin heeft in zijn leven droogtes meegemaakt, zelfs droogtes die langer duurden dan deze, maar nooit eerder waren de gevolgen zo groot als deze keer. En dat, zegt hij, is niet de schuld van de regen, maar van de mensen zelf.

Een bewoner van het dorpje Sirnajati haalt water uit een put. Beeld Denny Pohan / Demotix
Een bewoner van het dorpje Sirnajati haalt water uit een put.Beeld Denny Pohan / Demotix

Erosie

'De mensen hier hebben geen weet van het milieu. Zij hebben de bomen op de heuvels daarboven gekapt. Toen ik klein was, stond het daar nog vol met bomen, en nu zijn die allemaal weg. En dan zijn er de stenen. Tientallen jaren halen mensen hier al stenen uit de rivier en verkopen die voor de bouw. Die bomen en die stenen hielden vroeger het water vast, maar doen dat niet meer.'

De gevolgen daarvan zijn funest, zegt Asmaruddin. De rivier droogt veel sneller op, en dat is niet alles. 'We hebben nu erosie. Als het regent, hebben we aardverschuivingen. Die hadden we vroeger nooit. Aardverschuivingen, droogte...'

Pogingen van de overheid om iets aan de problemen te doen hebben allemaal iets machteloos. De bomen bijvoorbeeld. Amaruddin: 'De vorige president, SBY (Susilo Bambang Yudhoyono, red.), beloofde 1 miljoen bomen te zullen planten. Daar is niets van terechtgekomen. Ik denk dat dat niet echt goed is geregeld, en niet is doorgedrongen tot de mensen in de dorpen. We hebben er nooit meer iets van gehoord.'

Slecht ontwerp

In de droge bedding van de Cipamingkis ligt een tastbaar bewijs van wat er verder zoal mis is met de Indonesische overheid: de resten van een irrigatiedam. Een deel van de dam is weggespoeld, een hoek van de dam is afgebroken en hangt scheef, een roestige sluisdeur is verkreukeld alsof het een stuk blik was. De rivier stroomt er gewoon omheen. Stukken metselwerk liggen verder stroomafwaarts, in de regentijd meegesleurd door de rivier toen die op z'n sterkst was.

De dam is niet oud. Hij is pas gebouwd in 2006, maar in 2012 begaf hij het al. Een gevolg van slecht ontwerp en vooral ook van geknoei met materiaal en met de cijfers, vermoedt Asmaruddin. 'Ze hebben zoveel kubieke meter zand, zoveel zakken cement, zoveel stenen op de rekening gezet. En van alles een beetje minder gebruikt.' Het verschil is vermoedelijk verdeeld tussen bestuurders, ambtenaren en de aannemer. 'Het is triest te zien hoe projecten die de bevolking zouden moeten dienen door de overheid en aannemers worden misbruikt', zegt Asmaruddin, 'dat maakt mij heel verdrietig'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden