ReportageJongerenparticipatie

Waalwijk volgt oproep van Rutte en zoekt het gesprek met jongeren over de knellende coronaregels

Burgemeester Nol Kleijngeld van Waalwijk heeft twintig middelbarescholieren (vierdejaars havo en gymnasium) uitgenodigd in de raadszaal van de gemeente.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Premier Rutte deed onlangs een oproep aan ‘opgehokte’ jongeren: bemoei je met het beleid in de anderhalvemetersamenleving. In Waalwijk regelde de burgemeester prompt een gesprek. ‘Als het maar geen fotomoment is.’ 

Als de burgemeester vraagt wie als eerst het woord wil, wijzen klasgenoten meteen naar Esmee Blankers (16). Na minieme aarzeling pakt zij, vierdejaars gymnasiast op het Dr. Mollercollege in Waalwijk, de microfoon vast om haar hersenkronkel uit de doeken te doen. Ze oppert een armbandensysteem in te voeren: jonge mensen dragen een wit exemplaar en ‘mensen in de risicogroep’ een blauw. ‘Als je dan in de supermarkt iemand met een blauw bandje ziet, kun je eromheen lopen of een ander pad nemen.’

Wat kan de gemeente doen om de anderhalvemetersamenleving voor een jongere dragelijk te maken? Burgemeester Nol Kleijngeld geeft het ruiterlijk toe: ‘Ik weet het niet.’ Dat is juist de reden waarom hij en wethouder Dilek Odabasi maandagmiddag twintig middelbarescholieren (vierdejaars havo en gymnasium) uit in de raadszaal van de gemeente. ‘Ik wil van jullie leren’, speelt Odabasi de jongeren toe. Kleijngeld: ‘Als een burgemeester het niet weet, moet je daarvan profiteren.’

Oproep Rutte

Het is de eerste van een reeks ontmoetingen tussen het Waalwijkse gemeentebestuur en jongeren, woensdag komen Kleijngeld en Odabasi bijeen met basisschoolleerlingen. Directe aanleiding is de oproep van Mark Rutte aan jongeren om zich op lokaal niveau met beleid te bemoeien, uitgesproken in de persconferentie vorige maand. ‘Wij hadden allebei na het kijken hetzelfde idee: dat gaan we regelen’, zegt Kleijngeld.

Maar jongeren en gemeentebeleid, dat was al voor de coronacrisis een fragiele combinatie. Een enquête uit 2016 onder 122 gemeenten toont dat een meerderheid doorgaans twee problemen ondervindt bij jongerenparticipatie op lokaal niveau: het is lastig om jeugd gemotiveerd en betrokken te houden en de stroperige besluitvorming van de politiek botst vaak met het kortetermijndenken van jonge mensen.

Ook in Waalwijk is het lastig de enthousiaste voorstellen van de jongeren meteen over te nemen. Na het armbandjesidee van Esmee countert burgemeester Kleijngeld dat zoiets ‘leeftijdsdiscriminatie’ zou zijn. ‘Komt er een doodskop op zo’n armbandje?’, vraagt hij zich af. Een klasgenoot valt Esmee bij. ‘Er zijn even dingen belangrijker dan dat.’

Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Niet hoopvol

Deelnemer Özlem Sahin (15) toont zich na afloop dan ook niet bijzonder hoopvol. ‘Het is leuk om hier het gesprek aan te gaan, maar meestal wordt er bij dit soort dingen niet veel met onze opmerkingen gedaan.’

Grofweg valt jongerenparticipatie op lokaal niveau in te delen in vier onderdelen: informeren, inspraak geven, raadplegen en het stimuleren van initiatief. De laatste twee gaan prima in Nederland, stelt de enquête uit 2016. Op het gebied van informeren en vooral inspraak geven valt echter een wereld te winnen.

Voor het uitleggen van beleid blijkt de ontmoeting in Waalwijk in ieder geval nuttig. Kleijngeld en Odabasi bespreken waarom vliegtuigen zo snel weer mogen vliegen (‘als de lobby sterk is, krijg je veel voor elkaar’), of we niet strenger moeten handhaven op de anderhalvemeterregel (‘we zijn in Nederland geen politiestaat’) en hoe de burgemeester het komende eredivisieseizoen voor zich ziet (‘alleen thuissupporters, ik ben voor’). Andersom leggen jongeren uit dat communiceren via sociale media misschien niet de beste manier is om de doelgroep te bereiken. ‘Ik ken niet veel mensen die de gemeente Waalwijk volgen op Instagram.’

Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Uurtje te kort

Maar om jongeren echt inspraak te geven bij lokale beslissingen, juist de vorm van jongerenparticipatie die Rutte wil, daarvoor is een uurtje keuvelen op het gemeentehuis simpelweg te kort. 

‘Mooi dat lokale bestuurders tijd vrijmaken om met middelbarescholieren in gesprek te gaan’, oordeelt Nationale Jeugdraad-voorzitter Floor Brands, ‘maar het gaat erom wat er met de input gedaan wordt. Gaan ze echt met de opmerkingen van jongeren aan de slag of zien gemeenten het als een soort van checkbox, een ontmoeting die vooral dient voor het fotomoment?’

Wethouder Odabasi opteert voor het eerste. Ze wil in Waalwijk ‘een jongerenpanel’ installeren. Geld moet vrijkomen om jongeren structureel bij lokaal beleid te betrekken. In september behandelt de gemeenteraad het voorstel.

Juist budget is nodig om jongeren een serieuze politieke rol op lokaal niveau te geven, benadrukt Brands. ‘Wij horen vaak dat gemeenten aan jongerenparticipatie willen doen, maar dat er geen geld voor vergoedingen of ondersteuning is vrijgemaakt. Dan wordt het een lastig verhaal.’

Als berichten via sociale media niet werken en de scholen dadelijk dicht zijn, ‘hoe kunnen we dan wel met elkaar in gesprek blijven?’, vraagt Odabasi in het gesprek. ‘Misschien een soort jongerenkoffieochtend’, antwoordt Özlem. Odabasi vraagt wie daarvoor in zou zijn. Een paar handjes gaan bescheiden de lucht in.

Aan het eind is die bescheidenheid  wel weg: van de twintig aanwezigen laten achttien hun naam en e-mail achter voor een vervolggesprek. Maar, zo laten de scholieren doorschemeren, bij successie alsjeblieft geen microfoons, meterslange vergadertafels en een portret van Willem-Alexander als kroonjuweel van de kamer. ‘Deze setting was nog iets te formeel’, glimlacht Odabasi na afloop. ‘De volgende keer gaan we op het terras zitten of halen we een ijsje.’

Lees verder

De jongerenrevolutie is begonnen. Althans, dat hoopt Coalitie-Y, een groep van elf organisaties die normaliter zelfstandig de belangen van jonge generaties verdedigen.

Tien jonge Volkskrant-lezers delen hoe zij de afgelopen maanden zijn doorgekomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden