'Waakhond Nout Wellink blaft een beetje te laat'

De wraakpoging van Nout Wellink, oud-president van De Nederlandsche Bank, maakt vooral duidelijk waarom het onder zijn bewind is misgelopen. Dat stelt econoom Rens van Tilburg.

© ANP. Nout Wellink (oud-president van De Nederlandsche Bank)

Afgelopen zomer vertelde Nout Wellink, bij zijn afscheid als president van De Nederlandsche Bank (DNB), vrede te hebben met het bestaan in de luwte dat hem wachtte. Tropendecennia aan de financieel-bestuurlijke top hadden geresulteerd in veel achterstallig onderhoud aan huis en tuin, aan familie en vrienden. In het verschiet lag een tijd van bijpraten onder het genot van een kop koffie of borrel, van geschilderde tuinhekjes en gesnoeide struiken. Het grote publiek zou van Nout niet meer horen. Hij zou zijn opvolger maar voor de voeten lopen.

Niemand was zich pijnlijker bewust van het verlies van menselijk kapitaal dat zijn vertrek betekende dan Nout zelf. Reeds als 34-jarige bekleedde hij de positie van 's lands schatkistbewaarder, één van de meest begeerde plekjes op de Haagse apenrots. Vanaf 1982 was hij lid van de directie van DNB, waar hij in 1997 het roer van Wim Duisenberg overnam. Als DNB-president vergaarde hij internationaal aanzien als voorzitter van het 'Bazels' genootschap, zeg maar de informele 'Wereld Centrale Bank'. In Frankfurt viel zijn naam als volgende president van de Europese Centrale Bank. Nout kon geschiedenis schrijven, de muntunie door zijn eerste beproeving heen leiden.

Het liep anders. Een dodelijke combinatie van hoogmoed (van Nout) en wraakzucht (van een getergde politiek en ambtenarij) maakte Wellink één van de meest prominente slachtoffers van de financiële crisis. CDA-partijgenoot De Jager blokkeerde een volgende termijn als DNB-president, schond daarmee Nouts blazoen en boorde zo diens kans op het ECB-presidentschap de grond in. Al wat Nout na zijn vertrek restte, was - met verfkwast en kop koffie in de hand - toe te kijken hoe de eurocrisis met elke volgende historische Eurotop verder escaleerde.

Zelfbeheersing
Maar aan alles komt een eind. Zo ook aan de zelfbeheersing van Nout Wellink. En dus verscheen hij afgelopen maandag, vanuit een goed onderhouden tuin, aan de lezers van het Financieele Dagblad. In het interview spuwde de man die 14 jaar chef-toezicht van de vaderlandse financi ele sector was, onder wiens wakend oog de Nederlandse banken en pensioenfondsen Griekse staatsobligaties kochten en massaal investeerden in de Spaanse en Ierse vastgoedbubbels, zijn gal over de 'zuidelijke landen'. Hij legde eveneens 'een zware verantwoordelijkheid' bij de noordelijke landen die de eerdere overschrijding van de euronormen door Duitsland en Frankrijk ongestraft hadden laten passeren.

Een moment dat helaas door veel beleidsmakers wordt gezien als de wortel van al het eurokwaad. Dat toenmalig eurozondaar Duitsland nu de euro rots in de branding is, doet daar blijkbaar niets aan af. Strengere naleving van de euronormen is daardoor een van de weinige terreinen waarop vooruitgang is geboekt. Schaars Europees politiek kapitaal is zo verspild aan wat feitelijk een ondergeschikte zaak is. De eurocrisis is namelijk niet veroorzaakt door spilzieke politici. De Spaanse en Ierse overheden hadden voorbeeldige overschotten.

Wat de huidige crisislanden bindt, waren buitensporige tekorten op de betalingsbalans. Er ging na invoering van de euro simpelweg te veel geld naar die landen. Geld dat bovendien slecht werd besteed door een private sector die zich verloor in consumptie en megalomane bouwprojecten. Geld dat vooral afkomstig was van Noord-Europese banken.

Waakzaamheid

Het Centraal Planbureau concludeert in zijn eurostudie dan ook terecht 'dat de Europese schuldencrisis eerder een bankencrisis is dan een crisis van overheidsschulden'. Het wijst op 'het tekortschietende toezicht op de financiële sector in heel Europa'. Het Nederlandse toezicht niet uitgezonderd. Van alle westerse landen moest alleen Ierland dieper in de buidel tasten dan Nederland om zijn banken overeind te houden. Een feit dat de toezichthouder van destijds noopt tot enige bescheidenheid, en de warme aanbeveling aan zijn opvolger vooral waakzaamheid te betrachten.

Verwacht van Wellink anno 2011 niets van dat al. Geen kwaad woord ook over 'zijn' banken, die toch in de eerste plaats zelf verantwoordelijk zijn voor de risico's die ze namen. Wellink wenst slechts 'dat wij wat aardiger over banken gaan praten. We hebben ze nodig.' Dat laatste is waar. Maar we hebben daarnaast vooral ook een waakhond nodig die blaft en bijt als de situatie daar aanleiding toe geeft. Wat dat betreft, biedt deze poging tot revanche van de voormalig toezichthouder vooral een treffende illustratie van wat er mis is gegaan.

Rens van Tilburg is econoom en columnist van vk.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden