VVD is niet bang voor Rita Verdonk en Geert Wilders

Anders dan Wilders en Verdonk is de VVD oplossingsgericht, optimistisch en niet bang voor leiderschap, betogen Mark Rutte en Joshua Livestro....

In zijn afscheidsrede waarschuwde de eerste Amerikaanse president, George Washington, voor wat hij ‘het verderfelijke effect van partijvorming’ noemde. De eindeloze reeks machtswisselingen zou ‘in periodes van wanorde en ongeluk bij mensen het verlangen opwekken naar de veiligheid en rust die alleen de absolute macht van een enkeling kan bieden. Vroeg of laat zal de leider van een of andere partij, die getalenteerder of gelukkiger is dan zijn tegenstrevers, dit verlangen gebruiken voor zijn eigen verheffing, tot het onheil van de publieke vrijheid’.

In het Nederlandse debat klinkt de laatste jaren steeds luider dezelfde waarschuwing. Het gevaar van de sterke man of vrouw zou op de loer liggen; van de partijleider die een om zijn of haar persoon gebouwde partij wil gebruiken als springplank naar de onbegrensde macht. Dit angstbeeld heeft ook een naam gekregen: ‘nieuwe politiek’. Om het gevaar van die nieuwe politiek in te dammen, zou volgens sommigen zelfs een radicale aanpak nodig zijn – bijvoorbeeld in de vorm van een cordon sanitaire.

De VVD doet daar niet aan mee. Een cordon sanitaire is een bange oplossing voor bange mensen. De VVD is bereid over ieder onderwerp met iedereen te debatteren en ziet niet in waarom we voor de nieuwe politiek een uitzondering zouden moeten maken. Er is ook geen reden om bang te zijn. Ja, de nieuw-politieke partijen zijn intern weinig democratisch georganiseerd. Zo omschrijven de statuten van de stichting Groep Wilders het doel van die partij als ‘het bevorderen en het uitdragen van de politieke en maatschappelijke standpunten, zoals deze door de heer Geert Wilders zijn uitgedragen en in de toekomst zullen worden uitgedragen’. Democratisch is anders. Maar als Wilders en Verdonk hun partijen op dergelijke autocratische wijze willen bestieren, dan is dat hun goed recht.

Het korte termijn gewin van deze ondemocratische organisatievorm weegt niet op tegen de gebreken op langere termijn. Discussies kunnen soms lastig zijn, maar ze scherpen wel de geest. Levendige discussies helpen ook bij het rekruteren van nieuw talent. Zonder vers bloed of nieuwe ideeën zullen de nieuw-politieke partijen wel erg afhankelijk worden van die ene sterke man of vrouw. Als die plotseling wegvalt, valt ook het fundament onder de partij weg. Tot welke chaos dat kan leiden, hebben we gezien bij wijlen de LPF.

De VVD is ook niet bang dat een sterke man of vrouw de huidige onvrede zou gebruiken voor een machtsgreep langs democratische weg. Het Nederlandse kiesstelsel, met zijn lage kiesdrempel en zijn grote verscheidenheid aan politieke smaken, maakt het buitengewoon onwaarschijnlijk dat één enkele partij een absolute meerderheid haalt. Berichten over het op handen zijnde overlijden van onze meerpartijendemocratie zijn dan ook sterk overdreven.

Dat wil niet zeggen dat de nieuwe politiek de gevestigde partijen niet voor een serieuze uitdaging plaatst. Iedere partij, en dus ook de VVD, wordt gedwongen bij zichzelf te rade te gaan. Wat voor partij wil de VVD eigenlijk zijn? Hoe onderscheidt de VVD zich daarbij van de nieuwe politiek? Het belangrijkste verschil tussen oude en nieuwe politiek is dat tussen vorm en inhoud. Gevestigde partijen wijzen graag op het belang van grondwettelijke beginselen, wetgevende kaders en inhoudelijke nuances. Voor de nieuwe politiek is dat allemaal Haags gedoe. Grondwettelijke beginselen knevelen de geest, wetten zitten alleen maar in de weg en aan details heeft de burger een broertje dood. Het gaat immers alleen maar om daadkracht. Media events, soundbites en photo opportunities moeten de indruk wekken dat kandidaat X of Y staat te trappelen om de Haagse Augiasstal eens even schoon te vegen.

Het gebrek aan inhoud wordt ondervangen door op basis van uitgebreid opinieonderzoek een koers uit te zetten die de kandidaat zo dicht mogelijk tegen de brede hoofdstroom van het electoraat doet aanschuren. ‘Links of rechts? Allebei!’, om Verdonk te citeren. Dit alles onder het motto van de Franse staatsman Ledru-Rollin: ‘Daar gaan mijn kiezers. Ik moet erachter komen waar ze naartoe gaan, zodat ik ze kan leiden.’

Zo’n aanpak levert ongetwijfeld prachtige plaatjes op. Maar zet het ook zoden aan de dijk? Zonder oog voor praktische beperkingen dreigt de nieuwe politiek immers te verzanden in voluntarisme. Als we het maar graag genoeg willen en hard genoeg roepen dan verdwijnen de problemen vanzelf wel, zo lijken de vertegenwoordigers van de nieuwe politiek te denken. Maar een hervormingspartij als de VVD weet uit ervaring dat de Haagse werkelijkheid weerbarstiger is. Wie werkelijk wil hervormen, moet bereid zijn verantwoordelijkheid te nemen. En hervormen is zwaar werk. Elke volgende stap in het hervormingsproces moet worden bevochten op de voorstanders van de status quo. Wie meent met een paar soundbites de wereld te kunnen veranderen, bedriegt niet alleen de kiezers maar vooral ook zichzelf.

Hervormen kan dus alleen van binnenuit. De outsiders zullen insiders moeten worden om werkelijk iets tot stand te brengen. Het maakt overigens weinig uit of een politicus zichzelf een insider of een outsider vindt. Wat wel belangrijk is, is dat politici problemen durven aan te pakken in plaats van er omheen te draaien. De werkelijk betekenisvolle tegenstelling is dus niet die van insider versus outsider, maar die van status quo versus hervormingsdrang.

Op dat punt vallen de VVD en de partij van Wilders ogenschijnlijk in dezelfde categorie. Beide partijen zijn bereid belangrijke problemen aan te kaarten, bijvoorbeeld de instroom van kansarme immigranten, zonder angst voor politiek incorrect versleten te worden. Over Verdonk valt niet veel te zeggen. Zolang zij zich niet in het debat durft te begeven, valt onmogelijk vast te stellen waar zij eigenlijk voor staat. En wie, zoals zij, roept dat de files met haar aan het roer ‘allang zouden zijn opgelost’, moet wel even aangeven hoe ze dat dan precies gedaan zou hebben.

Want met alleen het benoemen van problemen ben je er niet. Je zult ook oplossingen moeten aandragen. Op dat punt schiet Wilders tekort. Voor veel problemen biedt hij helemaal geen oplossingen – over het fileprobleem of de belastingdruk zul je hem niet snel horen. De oplossingen die hij wel biedt, zijn volstrekt onwerkbaar. De Koran verbranden, met scherp schieten op Marokkaanse relschoppers, de grenzen alleen voor moslims sluiten: het is volkomen losgezongen van de werkelijkheid. En kiezers weten dat ook. Het gebrek aan werkbare oplossingen zou hem op termijn wel eens kunnen opbreken. Door voortdurend te klagen over de problemen van ons tijdsgewricht, zonder ooit uitzicht te bieden op een betere toekomst, komt hij over als een aartspessimist. Als ze moeten kiezen tussen hoop en vrees, zullen de meeste kiezers uiteindelijk toch de voorkeur geven aan een partij die de problemen niet alleen durft te benoemen, maar ze ook nog weet op te lossen.

De VVD is dus niet bang voor de nieuwe politiek; niet in de laatste plaats omdat er tussen beide kampen ook wel degelijk overeenkomsten bestaan. Beide zijn gericht op het doorbreken van de status quo en zijn niet bang de dingen bij hun naam te noemen. Maar uiteindelijk overheersen toch de verschillen. De komende jaren zal er wat dat betreft in ons land een uniek experiment plaatsvinden. Voor het eerst zal op grote schaal worden getest waar kiezers nu eigenlijk de voorkeur aan geven: gelikte presentatie of goeddoortimmerde hervormingsvoorstellen, praten over problemen of werken aan oplossingen, een deprimerende klaagzang of een optimistische toekomstvisie. En uiteindelijk: volgerschap of leiderschap.

Mark Rutte is fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer. Joshua Livestro is lid van de VVD.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.