Vrouwen slechter af met districtenstelsel

Als argumenten de doorslag zouden geven bij de discussie over invoering van een gemengd kiesstelsel, zou D66 voor het bestaande proportionele systeem moeten zijn, concludeert Jantine Oldersma....

Als er een onderwerp is waaraan duidelijk valt te maken dat pragmatische politiek niet bestaat, dan is het wel de discussie over het kiesstelsel. Hans Anker en Erik van Bruggen (Forum, 23 december) memoreren dat het D66 al 37 jaar niet lukt om het proportionele kiesstelsel in Nederland om zeep te helpen en verheugen zich er op dat dankzij VVD-fractieleider Van Aartsen nu toch het districtenstelsel zal zegevieren. D66 waande zich al eens eerder dicht bij een overwinning en heeft toen het pleit verloren door toedoen van de Partij van de Arbeid. Het is verbazend dat twee socialisten nu opnieuw pleiten voor deze in zo ongeveer alle opzichten slechtste optie.

De discussie over een ander kiesstelsel kwam in 1989 in ernst op de politieke agenda dankzij de nederlaag van D66 bij de kabinetsformatie van Lubbers-III. Schuldgevoelens van vooral de PvdA leidden tot de commissie-Deetman die het hele bestuurlijke bestel onder de loep zou nemen. Het kiesstelsel werd ondergebracht bij een commissie onder leiding van CDA'er Jan de Koning. Ook toen al was D66 opgeschoven van een puur districtenstelsel naar het Duitse gemengde model. Echte districtenstelsels zijn namelijk zwaar in het voordeel van de grote partijen en betekenen voor D66 (en waarschijnlijk evenzeer voor de VVD) dus politieke zelfmoord.

De Koning vroeg indertijd aan de Leidse politicoloog Rudi Andeweg om verslag te doen van het wetenschappelijk onderzoek naar kiesstelsels: zou versterking van vertegenwoordiging naar regio er inderdaad toe leiden dat mensen zich beter vertegenwoordigd voelden en dat ze zich meer bij de politiek betrokken zouden voelen? Helaas voor D66 wees onderzoekuit dat zoiets zeker niet het geval was.

De Tweede Kamer kon het niet geloven en stuurde Andeweg nog eens terug naar de studeerkamer. Deze kon er ook in tweede instantie niets anders van maken: welke indicatoren ook werden genomen, een proportioneel stelsel scoorde beter.

Intussen is het onderzoek naar de voor-en nadelen van verschillende kiesstelsels nog eens over gedaan door Arend Lijphart, Nederlands' beroemdste Amerikaanse politicoloog. Ook hij kwam nu, meer dan veertig jaar na zijn aanklacht tegen de stroperigheid van de Nederlandse politiek en met behulp van een enorme vracht aan gegevens, tot de conclusie dat een proportioneel stelsel beter vertegenwoordigt dan een districtenstelsel en niet slechter regeert. Of je nu kijkt naar de werking van de democratie of naar de uitkomsten van het beleid, proportionele stelsels zorgen voor een 'vriendelijker, zachtaardiger soort democratie', volgens Lijphart.

Niet de argumenten van Andeweg gaven in 1996 echter de doorslag bij het afstemmen van de voorstellen van D66, maar de emancipatie-effectrapportage die was gemaakt door twee Nijmeegse onderzoekers. Toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Dijkstal liet het oor hangen naar een lobby van de Vereniging voor Vrouwenbelangen die vond dat het onderzoek naar de vertegenwoordiging van vrouwen een serieuze plaats moest krijgen in de discussies over verandering van het kiesstelsel.

Dat districtenstelsels slecht zijn voor de kansen van vrouwen en minderheden, of het nu gaat om etniciteit, taal of religie, was al lang duidelijk. Dat komt niet doordat de kiezers geen vrouwen of minderheden willen, maar doordat de plaatselijke afdelingen van partijen die kandidaten selecteren, als ze maar een persoon kunnen voordragen, liefst een blanke man nemen. Kleine districten, en winner takes all, zoals Van Aartsen, Anker en Van Bruggen willen, is desastreus voor ieder ander type kandidaat. Grote districten, zoals De Graaf wil, zijn iets minder erg, maar nog steeds niet gunstig. Zowel GroenLinks als de SP kozen en kiezen dan ook voor verlaging van de kiesdrempel, waardoor de kiezer zelf kan bedenken wat voor hem of haar de doorslag geeft bij het stemmen op een kandidaat.

In 1996 besloot de PvdA om deze reden zijn steun aan de kiesstelselhervorming in te trekken en daarmee was het pleit voor D66 beslecht.

D66 en het Duitse stelsel zijn nu echter opnieuw uit hun as herrezen. Met die negatieve gevolgen voor vrouwen zal het bij ons wel meevallen, stellen Anker en Van Bruggen. Ik vraag me af waar ze dat optimisme op baseren. Toen in Italië een districtenstelsel werd ingevoerd zakte het percentage vrouwen onmiddellijk. In gemengde stelsels zoals het Duitse en het Nieuw-Zeelandse, waarin een deel van de parlementsleden via districten en een deel via lijsten worden gekozen, komen de vrouwen typisch via de lijsten binnen.

In Nederland is, net als in de Scandinavische landen, de vertegenwoordiging van vrouwen op een zeer goed niveau gebracht doordat partijen vrijwillig quota invoerden. In een proportioneel stelsel is zoiets gemakkelijk te realiseren. In landen met andere typen stelsels is dat veel moeilijker. Vrouwen in die landen zijn dan ook zo desperaat, dat ze maatregelen eisen om bij wet vertegenwoordiging af te dwingen. Dat levert moeizame constructies op, bijvoorbeeld dat van iedere drie kandidaten van een partij in een bepaalde regio er een vrouw moet zijn. Vaak werken die constructies niet, omdat er teveel mogelijkheden zijn om ze te ontduiken.

In feite is een districtenstelsel ook een quotasysteem; het legt van bovenaf op dat ieder deel van het land een vertegenwoordiger heeft. Nederland heeft het tot nu toe heel goed kunnen rooien met vrijwillige quota, voor regio, voor sekse of voor etniciteit. Het voordeel daarvan is dat iedere partij kan kiezen waar het de nadruk op wil leggen. Liberaler en vooruitstrevender kan toch niet zou je zeggen.

Maar als in deze discussie argumenten zouden tellen, dan was D66 al lang voorstander van een proportioneel stelsel geweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden