Vrouw aan het hoofd van mannenbolwerk GM

 De machtigste autofabrikant ter wereld krijgt een vrouw aan het hoofd. Totaal onverwacht maakte General Motors (fabrikant van onder meer Chevrolet, Cadillac, Buick en Opel) dinsdag bekend dat de 51-jarige Mary Barra de nieuwe bestuursvoorzitter van het concern wordt.

AMSTERDAM - Het is voor het eerst in de geschiedenis dat een grote autofabrikant een topvrouw krijgt. Barra zal begin volgend jaar de huidige CEO Dan Akerson opvolgen. Hij maakte - eveneens totaal onverwacht - bekend eind januari met pensioen te gaan.

Barra komt uit een GM-nest en werkt al meer dan dertig jaar bij het concern. Ze is nu vicepresident en onder meer hoofd van de afdeling productontwikkeling, die met een budget van 15 miljard dollar per jaar opereert, en ze is verantwoordelijk voor kwaliteitscontrole. Vorige maand haalde Barra nog het nieuws met haar marketingoperatie 'No crappy cars anymore'.

De bestuurswisseling komt op een zeer belangrijk moment, omdat de Amerikaanse overheid maandag besloot zijn resterende belang in GM te verkopen. Barra zal nu alle vrijheid hebben om wereldwijd te concurreren met de Japanse, Duitse en Chinese auto-industrie. Daarnaast zal ze een boegbeeld zijn van de failliete stad Detroit, waar de blinkende kantoortorens van GM vaak een schril contrast vormen met de troosteloze straten.

Barra zal behoren tot een exclusief gezelschap van vrouwen die aan de top staan van Fortune 500-concerns. Daartoe behoren ook Ginni Rometty van IBM, Indra Nooyi van PepsiCo, Marissa Mayer van Yahoo, Meg Whitman van Hewlett-Packard en Ursula Burns van Xerox. Overigens stagneert de opkomst van vrouwen in de top van grote Amerikaanse concerns al jaren. Van de besturen van de Fortune 500 bestaat 14 procent uit vrouwen en onder de bestuurvoorzitters is dat 4 procent.

Barra's benoeming zal een belangrijke doorbraak zijn voor de vrouwen. Het autowereldje geldt als zeer macho. Barra treedt in de voetsporen van mannen die benzine door hun aderen hadden lopen en de VS groot maakten, zoals William Durant, Alfred Sloan, Henry Ford en zijn zoon Henry Ford II, Walter Chrysler en Lee Iaccoca.

General Motors was jarenlang veruit het grootste en meest waardevolle concern van de VS. De baas van de autogigant werd soms meer macht toegerekend dan de president van het land. Dat ze twee handen op één buik waren, bleek uit de uitspraak 'wat goed is voor General Motors is goed voor de VS'.

In de jaren tachtig wisten de Japanse concurrenten echter een groot deel van de Amerikaanse markt te veroveren. Op het hoogtepunt van de kredietcrisis moest de Amerikaanse overheid zelfs GM redden, omdat veel Amerikanen de verplichtingen op hun met leningen gekochte auto's niet meer konden nakomen.

De regering van Obama schoot het concern te hulp met in totaal 50 miljard dollar. De verkoop van de aandelen heeft 39 miljard opgeleverd, zodat de Amerikaanse staat er flink bij lijkt te zijn ingeschoten. Maar daarbij moet worden bedacht dat er 1,2 miljoen banen werden gered, waardoor de staat 28,6 miljard dollar aan uitkeringen bespaarde. Daarnaast ontvingen de werknemers sinds 2009 bijna 100 miljard dollar aan salaris, dat ze ook voor een groot deel weer in de economie hebben gestoken.

Akerson heeft GM weer in de goede richting geholpen door het bedrijf op te splitsen in vijftien afzonderlijke businesseenheden die allemaal hun eigen broek moeten ophouden. Dit jaar verkoopt GM weer meer dan tien miljoen auto's wereldwijd. Tot de grootste successen behoort de elektrische Chevrolet Volt. Een ander succes is de Chevrolet Impala, die vooral op de Chinese markt wordt verkocht.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden