'Vroeger waren het de Polen, nu de Roemenen'

Ze staan nu te boek als zakkenrollers, tot grote ergernis van de Roemenen in Rotterdam-Zuid. 'Werkgevers zeggen: O, ben je Roemeen? Laat dan maar.' Tekst

Zeg tegen willekeurige voorbijgangers in Rotterdam-Zuid dat je op zoek bent naar Roemenen en de gepeperde uitspraken vliegen je om de oren. 'Je ziet ze niet tot je met je portemonnee aan een touwtje door deze wijk gaat lopen', grijnst de 51-jarige Michael op de Ebenhaëzerstraat, met een sjekkie in de hand.


'Ik ben nog nooit een goeie Roemeen tegen gekomen', zegt verwarmingsmonteur Wilco, op de Dordtselaan. Hij vertelt hoe hij 'Roma-achtige types' ziet zakkenrollen op de markt; 's nachts gaan ze 'op dievenpad' in de wijken. Een 36-jarige glazenwasser noemt de Roemenen en Bulgaren 'de inbrekers in deze buurt'. 'Ze trekken bovendien de vuilcontainers leeg en daar krijgen de bewoners dan een bekeuring voor.'


Het is duidelijk: Roemenen hebben een slechte naam. Ook in dit relatief arme deel van Rotterdam, waar de bewoners wel wat gewend zijn. Waar zich, na een toestroom van Polen, steeds meer Turkse Bulgaren, Roemenen en Hongaren vestigen. En waar de nieuwkomers met te veel man in te kleine woningen worden gehuisvest, waarvan de groezelige gordijnen altijd gesloten lijken te zijn.


Opnieuw kwamen de Roemenen deze week slecht in het nieuws. Dit keer draaide het om de Roemeense zakkenroller die oprukt op grote evenementen (zie inzet). En grijpt de Roemeen geen smartphones of portemonnees, dan skimt hij wel of steelt hij schilderijen. Althans, dat is het beeld. Maar klopt dit? En wat vinden de Roemenen er zelf van?


De zoektocht naar de Roemeense gemeenschap in Nederland blijkt lastig. Zo staan er op deze zonnige namiddag veel busjes in de straten van de deelgemeente Charlois, waarin groepjes mannen samen bier drinken. Het zijn Polen. Veel bewoners weten niet waar je Roemenen vindt. Ze geven toe: ze hebben wel een negatief beeld van 'de Roemeen'. 'Maar al die nationaliteiten uit het voormalige Oostblok kunnen we niet uit elkaar houden, hoor', zegt de sigarenboer die goede zaken doet met álle Oost-Europeanen. 'Ze houden wel van een rokertje.'


Naar schatting telt Nederland zo'n 30 duizend Roemenen. Hun aantal groeit nauwelijks. Ze zijn grofweg in te delen in twee groepen: degenen die ingeschreven staan bij de gemeenten en voor langere tijd in Nederland verblijven, en degenen die buiten de officiële statistieken vallen.


Littekens van Ceausescu

Volgens de laatste CBS-cijfers hebben zich 17 duizend Roemenen bij gemeenten ingeschreven. 'Vergeleken met andere migrantengroepen zijn veel Roemenen hoogopgeleid en hebben ze goede banen', zegt Erik Snel. Van ict'er tot architect, van de binnenvaart tot de bouw. Bovendien komt deze groep nauwelijks in de criminaliteitsstatistieken voor. Snel is als socioloog verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en doet al jaren onderzoek naar de nieuwkomers uit Oost-Europa.


Naast deze 'geregistreerde groep' zijn er ook naar schatting 10- tot 15 duizend niet-geregistreerde Roemenen. Die verblijven hier vaak tijdelijk en houden zich in leven als seizoensarbeider, straatkrantverkoper, accordeonist óf crimineel.


Van een echte gemeenschap is geen sprake, blijkt uit een rondgang. Roemenen hebben in Nederland nauwelijks winkeltjes of verenigingen opgezet. 'Dat komt omdat Roemenen goed integreren, ze trekken niet naar elkaar toe', zegt de Roemeense ambassadrice Irina Comaroschi.


De groep is klein en verbrokkeld, aldus hoogleraar Dirk Korf van de Universiteit van Amsterdam, toe. In 2011 schreef hij - samen met anderen - het boek Roemenen in Nederland. Wat hem betreft zijn de Roemeense nieuwkomers heel anders dan bijvoorbeeld de Poolse. Die zoeken elkaar op en voelen zich sterk verbonden door onder meer de katholieke kerk, aldus Korf.


De Roemenen dragen daarentegen nog de littekens van het regime van dictator Nicolae Ceausescu. 'Er is daardoor minder groepsgevoel. Bovendien trekken ze door de negatieve verhalen over hun landgenoten juist minder naar elkaar toe. Roemenen worden al snel geassocieerd met zakkenrollers of mensenhandelaars. Uit zichzelf zullen ze daarom niet snel trots zeggen: ik ben een Roemeen. Ze hebben bovendien last van het stigma dat Roma-families hebben. Dat is de groep die verantwoordelijk is voor veel van de criminaliteit.'


In de Rotterdamse Dordtselaan staat een stevige 50-jarige lasser die het wél voor de nieuwkomers wil opnemen. Als een van de weinigen in de wijk. 'Niet alle Roemenen zijn zakkenrollers, skimmers, inbrekers of schilderijendieven', zegt de Surinamer. 'De meesten komen hierheen om een op een eerlijke manier een beter leven te krijgen. Zo zijn wij Surinamers hier ook ooit gekomen.'


Chatforum

Hij is nog niet uitgesproken, of de Roemeense Carmen (36) steekt met haar broer en een Roemeense kennis de brede, multiculturele straat over. Carmen oogt kordaat met haar korte, zwarte haar en haar stevige postuur. Onder haar versleten zwarte broek steken roze ballerina's.


Carmen woont acht jaar in de buurt en heeft er met haar man een klusbedrijf. Omdat haar iets oudere broer in Roemenië zonder werk zat, heeft ze hem voor een paar maanden naar Nederland gehaald. 'Zijn wij dieven?', zegt de broer ongevraagd in moeizaam Engels, en laat ter illustratie zijn ruwe werkhanden met verfspatten zien. 'Nee.'


Carmen komt uit een dorpje in de buurt van Boekarest. Veel contact met landgenoten in Nederland heeft ze niet, behalve op een chatforum voor Roemenen in Nederland. Met hen spreekt ze zo nu en dan af om te barbecuen, een favoriete vrijetijdsbesteding van Roemenen.


Het grootste gedeelte van haar familie is naar Spanje geëmigreerd. Haar man koos voor Nederland en zij volgde hem. Hier worden Roemenen echter gediscrimineerd, vindt ze. 'Werkgevers zeggen: 'O, ben je Roemeens, laat dan maar.'


Uitzendbureaus staan inderdaad niet te trappelen om Roemenen aan te nemen. 'Er zullen best veel goede Roemeense werknemers zijn', zegt Harm Spann van uitzendbureau Worksupport. Net als veel van zijn collega-uitzendbureaus heeft hij weinig interesse. En dat terwijl vanaf volgend jaar Roemenen zonder werkvergunning in Nederland aan de slag kunnen. Ter vergelijking: toen in 2007 de grenzen opengingen voor de Polen stonden de uitzendbureaus te popelen.


'We doen zaken in Polen en Slowakije. Daar zitten nog genoeg goede arbeidsmigranten tussen', zegt Spann. 'Vroeger kleefden er vooroordelen aan Poolse uitzendkrachten, nu staan ze bekend als harde werkers. Op dit moment kleven die vooroordelen aan de Roemenen. Ze komen vaak negatief in het nieuws.'


Claudia Füss deelt die mening. Ze is directeur van de VIA, de koepel van uitzendbureaus die gespecialiseerd zijn in arbeidsmigranten. 'Bij Polen weten de uitzendbureaus wat voor vlees ze in de kuip hebben en dat gaat goed. Bovendien zijn alle systemen ingericht op Polen. En er is meer dan voldoende aanbod.'


Om die redenen verwachten deskundigen dat de toestroom van Roemenen in 2014 niet sterk zal toenemen. Deze verandering zal hoogstens extra werkzoekenden trekken. Snel: 'Voor criminelen maakt het niet uit. Die vragen toch geen vergunning aan.'


Niet iedereen is daar gerust op: Rotterdam is alvast begonnen met een campagne om de kansarme Bulgaren en Roemenen te ontmoedigen zich in de stad te vestigen. Wethouder Hamit Karakus (PvdA) reisde in april naar Roemenië om deze boodschap over te brengen. 'Wij vinden het in Rotterdam uitbuiting als mensen met zijn tienen in een huis van 80 vierkante meter wonen', zei hij na terugkeer in de Volkskrant. 'Maar voor veel Roemenen en Bulgaren is dat een vooruitgang, zelfs als een malafide uitzendbureau de helft van hun uurloon in de zak steekt.'


Wat de Roemeense Carmen betreft zien de uitzendbureaus het helemaal verkeerd. 'Polen hebben een veel betere naam, maar wij drinken veel minder. Roemenen zijn harde werkers. We zijn gastvrij en gul, er is altijd eten voor iedereen die langskomt. We helpen elkaar. Als tien Roemenen stelen en honderd werken, waarom krijgen we dan allemaal een slechte naam?'


Terwijl ze haar betoog over het goede in de Roemeense cultuur kracht bijzet met handgebaren, stopt een Roemeense vrouw op de fiets. 'Je moet niet praten met de pers, die schrijven toch alleen negatief over ons', zegt ze met een verongelijkte blik. Ze kent de vrouw niet, vertelt Carmen. Maar haar wantrouwen is tekenend.


Ook ambassadrice Comaroschi wordt verdrietig van alle berichten. 'De Roemenen die in Nederland wonen zijn vooral aardige mensen, met een goede opleiding. Een kleine groep verpest het voor de rest.'


'Papa is aan het werk in het Westen', heet het

De 'criminele' Roemeen bevindt zich onder de naar schatting 10 duizend tot 15 duizend Roemenen die niet ingeschreven zijn en die meestal tijdelijk in Nederland verblijven. Zo ook de zakkenrollersbendes over wie deze week ophef ontstond. Volgens justitie is het een oprukkend probleem tijdens evenementen. Een groot deel van deze criminaliteit komt voor rekening van de Roma, aldus deskundigen. 'Dat is goed mogelijk', aldus de Roemeense criminoloog Sergiu Bogdan. 'Roma geloven niet dat stelen een misdaad is, het is voor hen een manier van overleven.' De Roemeense zakkenroller is geen nieuw fenomeen: in 2011 bleek al ruim eenderde van de gearresteerde zakkenrollers in Amsterdam Roemeens.


Wat de Belgische hoogleraar Brice de Ruyver betreft komt de discussie over Roemeense criminelen in Nederland traag op gang. Al in 2002 stond dit onderwerp hoog op de agenda in België, aldus de criminoloog van de Universiteit van Gent. Aanleiding waren toen de oprukkende Oost-Europese mobiele bendes. 'Ook bij dit type criminaliteit zijn Roemenen prominent aanwezig. De bendes zijn goed voor 25 tot 30 procent van de vermogenscriminaliteit in België', aldus De Ruyver.


De goedgeorganiseerde bendes - die overigens ook in Nederland opereren - houden zich bezig met onder meer ramkraken, zakkenrollen, autodiefstal en koperdiefstal. 'In hun thuisland is een grote illegale economie, ze stelen op bestelling.'


Uit zijn onderzoek blijkt dat het voor deze criminelen geen probleem is als ze in een Belgische cel belanden. 'In het land van herkomst wordt dan gezegd: papa is aan het werk in het Westen. De criminele organisatie zorgt dat de familie geld krijgt. Als de veroordeelden vrijkomen, moeten ze de schuld aan de bende terugbetalen.' Gevangenschap vinden de criminelen pas erg als ze hun straf moeten uitzitten in Roemenië, zegt De Ruyver. 'Dan valt het plaatje in duigen. Daarom werken we samen met de Roemeense justitie, zodat ze daar hun straf uitzitten.'


Een andere vorm van criminaliteit waarin Roemenen een belangrijke rol spelen, is skimmen - in 2011 goed voor 40 miljoen euro schade. De Roemeense stad Bacau wordt zelfs skimcity genoemd. 'Aan het hoofd van de bendes zitten een paar knappe koppen, zowel op technisch als organisatorisch gebied', zei Ralph Nagelkerke, projectleider van het Landelijk Skimming Point onlangs in politievakblad Blauw. 'Met de buitgemaakte miljoenen worden vaak drugshandel, mensenhandel of illegale prostitutie gefinancierd.'


Roemeense migranten in Nederland

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden