VIJF VRAGENUITSPRAKEN ARIE SLOB

Vrijwel eensgezind werd Slob teruggefloten: ‘Dit gaat niet over de vrijheid van onderwijs’

Een etmaal lang was minister Slob in opspraak door te verdedigen dat scholen zich negatief mogen uitlaten over homoseksualiteit. Totdat hij toegaf dat het vragen van een schriftelijke verklaring een brug te ver is.

Remco Meijer
Minister Arie Slob (Basis- en Voorgezet Onderwijs en Media) maandag tijdens het debat met de Tweede Kamer over een aangescherpte wet voor burgerschapsonderwijs.   Beeld ANP / Phil Nijhuis
Minister Arie Slob (Basis- en Voorgezet Onderwijs en Media) maandag tijdens het debat met de Tweede Kamer over een aangescherpte wet voor burgerschapsonderwijs.Beeld ANP / Phil Nijhuis

Waar kwam de opwinding vandaan?

Maandag debatteerde de Tweede Kamer over de burgerschapsopdracht aan scholen in het basis- en voortgezet onderwijs. Die moet duidelijker in de wet worden vastgelegd. Wat zijn de kernwaarden van burgerschap? Kunnen scholen straks sancties tegemoet zien als zij zich niet aan die waarden conformeren? Uiteraard ging het veel over de moord op leraar Samuel Paty in Frankrijk en de ondergedoken docent in Rotterdam, als recente voorbeelden uit de rauwe praktijk van alledag.

Maar een aantal Kamerleden vroeg ook aandacht voor een bericht in dagblad Trouw van die ochtend. Dat ging over de verklaring die sommige reformatorische scholen van ouders vragen, waarin zij homoseksualiteit als identiteit moeten afwijzen. Het is een punt dat al vaker in de Kamer aan de orde is gesteld, en rechtstreeks botst met de burgerschapsopdracht. Immers, in zo’n identiteitsverklaring staat dat ‘een homoseksuele levenswijze in strijd is met Gods woord en als zodanig wordt afgewezen’. Dat is simpelweg discriminatie, stelt het overgrote deel van de Tweede Kamer.

Waarom mogen scholen dan toch zo’n verklaring vragen?

De betrokken scholen beroepen zich op artikel 23 van de Grondwet, dat de vrijheid van Onderwijs regelt. Aan het onderwijs op bijzondere scholen worden ‘eisen van deugdelijkheid’ gesteld, met inachtneming ‘van de vrijheid van richting’. Minister Slob heeft die grondwettelijke ruimte steeds verdedigd. De bewindsman, van ChristenUnie-huize, antwoordde nog in september op schriftelijke vragen dat deze vrijheid gerespecteerd dient te worden. ‘Ook wanneer het opvattingen betreft over homoseksualiteit die misschien niet door het merendeel van de samenleving worden gedeeld.’

Maandag herhaalde hij dat argument. Scholen hebben het recht aan ouders te vragen de opvattingen van de school te onderschrijven. ‘Maar ze zijn wel verplicht zorg te dragen voor de sociale, psychische en fysieke veiligheid van alle leerlingen’, voegde hij daaraan toe.

We hebben toch ook artikel 1 van de Grondwet?

‘Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook is niet toegestaan’, staat in artikel 1 van de Grondwet. Maar de artikelen 1 en 23 kennen onderling geen rangorde. ‘Tussen die twee bestaat spanning en dat is een onoplosbaar probleem’, zegt emeritus hoogleraar geschiedenis Piet de Rooy. ‘Sinds de grondwetswijziging van 1917 is artikel 23 heilig verklaard. Er zal nooit de benodigde tweederde meerderheid komen om daarin verandering te brengen.’

Dat wil niet zeggen dat er in de praktijk niets mogelijk is, zegt De Rooy. Hij wijst erop dat voor bijvoorbeeld de problemen rondom ambtenaren met gewetensbezwaren tegen het homohuwelijk ook een oplossing is gevonden: de gemeente moet dan zorgen voor een andere ambtenaar.

Wat kan de Kamer afdwingen?

SP-Kamerlid Peter Kwint legde in een motie vast dat de gang van zaken ‘volstrekt onacceptabel’ is, eindigend met de oproep aan het kabinet ‘met spoed een einde te maken aan dit soort verklaringen’. Hij kreeg meteen steun van PvdA, GroenLinks en regeringspartij D66. Dat laatste is pikant, omdat de andere onderwijsminister op het departement, Ingrid van Engelshoven, van D66 is.

Na het debat zette ook VVD-Kamerlid Rudmer Heerema zijn naam onder de motie, waarmee een meerderheid werd bereikt. Binnen de regeringscoalitie liet ook het CDA weten dat Slob te ver was gegaan. ‘Dit heeft niets met artikel 23 te maken’, aldus VVD’er Heerema, ‘dit gaat niet over de vrijheid van onderwijs, maar over hoe je een school inricht. Dan mag je eenvoudigweg zo’n verklaring niet vragen.’ De formele stemming over de motie is volgende week dinsdag.

Gaat Slob als progressieve christen de motie nu uitvoeren?

Hij zal wel moeten, nu drie van de vier regeringspartijen hem afvallen. Bovendien kan hij zich hier niet op het regeerakkoord beroepen. Slob zei dinsdag, in een terugtrekkende beweging, dat hij de precieze teksten van de ouderverklaringen gaat bekijken. ‘Als jonge homo’s denken dat ze niet mogen zijn wie ze zijn, wil ik daar snel duidelijkheid over geven.’

De Rooy ziet een historische parallel. ‘Abraham Kuyper was heel modern, maar op een aantal punten zeer orthodox. Dat zie je nu ook bij de ChristenUnie. Vooruitstrevend op milieu en migratie, maar kom niet aan artikel 23.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden