Vrijheidsstrijd

Veertig jaar geleden werd kunstenaarsdorp Ruigoord gekraakt. De kunstenaars van toen hebben het stokje overgedragen aan hun kinderen.

Li van der Linden werd geboren op de keukentafel. Het was 1985. Zijn moeder, Margrid van der Linden, was een van de eerste vrouwen in het gekraakte kunstenaarsdorp Ruigoord.


Li is nu 27. Hij verliet Ruigoord zes jaar geleden. Hij had afstand nodig, afstand van de vrijheid, het gebrek aan regels, de familie, zijn jeugd. Hij vertrok naar Italië, waar hij in de bouw werkte. Hij reisde door Azië. En nu is hij even terug om te helpen met de voorbereidingen voor het jaarlijkse festival Landjuweel, dat vanaf vandaag vijf dagen wordt gehouden. Het is een extra feestelijke editie, want vandaag is het veertig jaar geleden dat Ruigoord werd gekraakt (zie kader bovenin).


Zijn moeder Margrid heeft nog steeds een huisje in Ruigoord, al mag er in het dorp, inmiddels omringd door zware havenindustrie, sinds tien jaar niet meer worden gewoond. De huisjes doen dienst als ateliers, al doet niemand er geheimzinnig over dat er zeker in de zomer ook wordt overnacht.


Margrid van der Linden had al een kind, Daniël (Boissevain, acteur, red.), toen ze in Ruigoord kwam wonen. Met haar nieuwe geliefde Rudolph Stokvis kreeg ze er een zoon, Nemo, die in 2008 op 33-jarige leeftijd overleed. Uit een verhouding met de Engelse astroloog Lawrence Nutton kwam nog een kind. Dat is Li. Rudolph en zij gingen nadien uit elkaar, maar zijn nog steeds soulmates, zegt Margrid. Hij kreeg later met zijn nieuwe vriendin een zoontje.


Li van der Linden zit op een boomstronk voor de kerk in Ruigoord en legt de ingewikkelde gezinssamenstelling geduldig uit. 'Mijn moeder had een relatie met Rudolph, maar ontmoette mijn vader in Goa. Ze wilde toen een kind van Lawrence. En Rudolph zei: nou, doe je ding, ofzo. De verhouding tussen mijn moeder en Lawrence heeft niet lang geduurd. Uiteindelijk woonden we allemaal hier op Ruigoord, mijn ouders, Rudolph, en ook Guus, de vader van mijn oudste broer. Er zullen vast struggles zijn geweest, maar het lukte toch. Als Ruigoord er niet was geweest, dat ene ding waar ze allemaal in geloofden, had het niet gekund.'


De industrie is inmiddels opgerukt tot aan de dorpsgrenzen. Boven de boomtoppen verrijzen de gigantische opslagtanks van Vopak, die Amsterdam tot een van de grootste benzineopslagplaatsen ter wereld maken. Aan de andere kant windmolens, verderop een muur van opgestapelde vrachtcontainers. Het dorp zelf was, is en blijft een oase, zeggen de oude Ruigoorders, zoals Theo Kley (77). 'We zijn omsingeld, maar door het contrast met de buitenwereld wordt het dorp steeds mooier. Het is ook belangrijk dat die industrie er is. Ik leef nu van mijn AOW, en dat geld komt van de mensen die dáár werken. Als ik het zo bekijk, denk ik: een beetje lawaai mag wel.' Eens in de vijf minuten raast er een vliegtuig over. Dan houdt Kley even stil.


De beeldend kunstenaar met gifgroene snor bestiert de Theetuin, een stuk grond met een grotendeels zelfgebouwd, veelkleurig huisje erop waarin een galerie, atelier, bar en leefruimte zijn ondergebracht. Eromheen fruitbomen met hangmatten, een strandje en een vijver waar eendjes in zwemmen. Andere dorpelingen noemen hem 'estheet' - de plek is zijn kunstwerk.


Kley corrigeert: 'Dit is niet míjn plek. Dit is een aardse plek.' De bomen plantte hij, toen hij in 1999 dit stuk grond betrok. Kley vouwt zijn armen rond een appelboom. 'Moet je zien! Vorig jaar raakten mijn vingers elkaar nog, nu niet. Het is niet normaal hoor, dat een boom zo snel groeit. Ik voer hem met appelmoes. Van de appels pers ik sap, de moes gaat rond de bomen. Daar komen aardwormen en mollen op af. Dat doet de bomen ontzettend groeien.'


Hij kwam in Ruigoord als vriend van de krakers uit 1973. 'We zeiden vogel tegen elkaar. Hé, vogel! En we noemden onszelf homo ludens, spelende mens. Het was heel primitief. In het hele dorp was maar één hamer. Het bezetten van Ruigoord zou een zomer duren, maar de oliecrisis brak uit en de sloop van het dorp kwam stil te liggen. Na de zomer werd het winter, en de krakers bleven.'


Sinds 1991 had hij een vaste plek op Ruigoord, precies waar de Afrikahaven moest komen. 'De hoge pieten van het havenbedrijf vertelden me in 1999 dat ik weg moest. Toen heb ik dit plekje ontdekt. Het was akkerland. Ik heb ze gevraagd hier een houten keet neer te zetten. Toen het stond, kwamen ze vragen of ik tevreden was. Ja, zei ik, zeer, maar zouden jullie ook een vijver kunnen graven met jullie graafmachines? Zodoende. Ik maak snel vrienden.'


De krakers van toen zijn nu oude mensen. De jongere generatie moet het overnemen. Er is het 'serieuze' Ruigoord: de cultuur, de ateliers. Er zijn schrijvers, beeldend kunstenaars, ambachtslieden. Er is een bestuur, een kantoor, een publiciteitsafdeling, een salon waar concerten worden georganiseerd. Maar naarmate de ouderen van Ruigoord meer op de achtergrond zijn geraakt, is een deel van de aandacht verschoven naar het minder 'serieuze' Ruigoord. Naar de housefeesten, bijvoorbeeld, die bijna wekelijks in de kerk plaatsvinden.


Als het daarover gaat, letten veel Ruigoorders op hun woorden en haasten ze zich om te zeggen dat er van 'een schisma' geen sprake is. Tegenstanders van de feesten willen niet met hun naam in de krant, maar wijzen op het drugsgebruik, dat volgens hen niet op de goede manier plaatsvindt. Niet dat ze tegen drugs zijn, maar: 'Drugs zijn ritueel bedoeld, niet om het energieniveau op peil te houden.'


De feesten zijn ook nodig, om nieuwe bezoekers te trekken en inkomsten te genereren. Kley is niet tegen: 'Ik vind het heerlijk om de hele nacht te dansen. Maar het is waar dat het materiele een steeds belangrijkere rol is gaan spelen, in de hele samenleving, en ook hier.'


Opgroeien in Ruigoord was fijn, zegt Li. Vuurtjes stoken, hutten bouwen, reizen naar verre oorden met de Luchtbus, een passagiersbus uit 1958. Maar al die vrijheid had ook een keerzijde. Li: 'Discipline is moeilijk voor mij. Mijn grenzen moest ik zelf opzoeken, want die werden van buitenaf niet opgelegd. Er waren feesten, theatervoorstellingen. En onze ouders zeiden: doe maar mee.'


Li kende 'een donkere periode' in Ruigoord. Niemand die grenzen aangaf, ook - of juist - zijn ouders niet. 'Vanaf mijn 13de tot mijn 21ste was ik zoekend. Ik dook onder in de partyscene van het dorp. Dat heeft mijn leven in een freeze gezet.'


Misschien was het makkelijker geweest in een 'gewoon' gezin op te groeien, zegt Li nu. 'Dat er iemand had gezegd: dit doen we zo niet. Door die tolerantie in Ruigoord kon ik langer doorgaan met mijn gedrag. Nu weet ik: ík moet de grenzen aangeven, anderen doen dat niet voor je.'


Zijn moeder, Margrid van der Linden (67), zegt het over alledrie haar kinderen: ze hadden en hebben veel commentaar op Ruigoord. 'Er was geen strakke gezinssituatie. Geen van mijn kinderen heeft ooit een vader en moeder gehad die om zes uur met het eten klaarzaten. Mijn kinderen waren overal bij, alsof ze volwassenen waren. En er werd nog naar ze geluisterd ook. Het was te vrij, zeggen ze nu. Ze konden te weinig kind zijn.'


Toen geloofde ze heilig in die aanpak. 'Dankzij alle reizen en avonturen hebben ze de mooiste plekken op aarde gezien. Ze hebben vrienden over de hele wereld.' En toch: 'Als ik het over kon doen, zou ik het misschien wel anders doen. Ik zou een veel groter punt maken van regelmaat en structuur.'


Andere Ruigoordkinderen liepen niet tegen problemen aan. Tycho Hellinga (24), zoon van schrijver Gerben Hellinga (een van de eerste krakers) en feng shui-consulente Jinny Thiels, vond het jammer dat hij geen Telekids kon kijken en dat hij zuurdesembrood met geitenkaas mee naar school kreeg, in plaats van boterhammen met pindakaas. Hij wilde, kortom, normaal zijn. Hij ging naar de universiteit en is nu zeer actief in Ruigoord. 'Toen ik opgroeide, hebben mijn ouders me proberen duidelijk te maken dat wij, de Ruigoordkinderen, deel uitmaakten van een belangrijk sociaal experiment.'


Met vrienden bouwt Hellinga nu aan een labyrint, een attractie voor Landjuweel. Dat soort dingen deden zijn ouders vroeger ook - in die zin is er weinig veranderd. Wel veranderd is het politiek engagement: de jonge Ruigoorders zijn, in tegenstelling tot de generatie voor hen, zelden politiek actief. Hellinga: 'Volgens mij ging het in de jaren zestig en zeventig over niets anders dan politiek. Wij hebben niet het gevoel dat we de wereld kunnen veranderen. We zijn cynischer geworden, misschien. Bakstenen gooien naar de politie, een Kabouterpartij oprichten - met dat soort dingen zijn we niet bezig.'


Zijn vriend en oud-huisgenoot Thomas Meijer (26) komt sinds zijn 18de in Ruigoord. 'Ik was geïnteresseerd in de ravecultuur, en hier waren raves met leuker volk dan je in de gemiddelde club tegenkomt. Ik ben zelf filosoof en ik denk na over de wijze waarop politiek en economische orde zich in het subject nestelen. Hier vond ik mensen die niet besmet zijn met de mainstream geestdodende kútcultuur die heerst in dit land. Mensen die weerstand hebben weten te bieden aan de indoctrinatie, aan de platvloersheid op scholen en in de media.'


Hij is er nu meerdere keren per maand, zomers vaker. 'Niet iedereen in Ruigoord is een groot kunstenaar, maar de mensen hier uiten zichzelf tenminste.' Het is wat de meesten hier zeggen: Ruigoord is een vrijplaats, 'een van de weinig plekken in Nederland waar de vrije geest kan waaien', een plek waar een vrijheidsbeginsel geldt dat elders is ingeleverd, een plek waar 'inspiratie' - het woord valt voortdurend - nog steeds het leitmotiv is, en niet de televisieprogrammering.


Li vertrekt na de zomer naar Goa, India, waar zijn vriendin yogales geeft. 'Ik ben nog steeds zoekend. Dat ligt niet aan Ruigoord, het is iets van mezelf. Natuurlijk heb ik momenten dat ik denk: fuck it allemaal, dat hele Ruigoord, ik wil niet meer meeflowen in deze chaos. Aan de andere kant denk ik: het is hier ook magisch en mooi.'








De kraak van Ruigoord


In 1964 besloot de Amsterdamse gemeente dat de Afrikahaven moest komen in het gebied rondom het dorpje Ruigoord. De bewoners werden uitgekocht, er was weinig verzet. Op 24 juli 1973, vandaag veertig jaar geleden, overhandigde de pastoor van de kerk in Ruigoord de sleutel aan de krakers. De sloop kwam stil te liggen; door de oliecrisis werd de aanleg van de Afrikahaven op de lange baan geschoven. De krakers bleven en een deel van de oorspronkelijke bewoners keerde terug. In 1997 werd het gebied rond Ruigoord, na een lange juridische strijd, officieel onderdeel van de gemeente Amsterdam. De gemeente blies de havenplannen nieuw leven in. Het was de bedoeling Ruigoord geheel af te breken, maar uiteindelijk werd er een compromis gevonden: Ruigoord bestaat nog steeds, maar er mag vanwege de ligging in een industriegebied officieel niet meer worden gewoond. De bewoners kregen een huurwoning in de stad toegewezen en de huizen en huisjes in Ruigoord doen nu dienst als ateliers. In de kerk van Ruigoord vinden evenementen plaats.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden