Vrijheid in Indonesië is bedriegelijk

Indonesië staat bekend om het gebrek aan persvrijheid. Toch komt de laatste tijd de crisis veel in het nieuws. Ook kritiek op Soeharto haalt de kolommen....

STEP Vaessen, de correspondent van het NOS Journaal, werd op zes maart door de Indonesische politie gearresteerd vanwege een illegaal interview in een van de gebouwen van het volkscongres. Haar accreditatie werd meteen ingetrokken. Ze kreeg een week om haar spullen te pakken. Haar Indonesië-avontuur zit er na ruim negen maanden al op.

Dit voorval lijkt naadloos aan te sluiten bij het imago dat Indonesië heeft. Een land waar persvrijheid niet bestaat en waar kritiek uit den boze is. In 1994 nog werden drie Indonesische weekbladen verboden omdat ze te openlijk politieke en zakelijke misstanden aan het licht brachten. Verscheidene journalisten vonden de afgelopen jaren de dood omdat hun artikelen te kritisch waren.

Dat beeld is niet onjuist maar wel verre van volledig. Datzelfde geldt voor de samenvatting van wat Vaessen is overkomen. Werken in Indonesië is werken met beperkingen. Maar niet iedere stap van de journalist wordt nagegaan. Niemand kent alle regels, en ze worden ook niet volgens een vast patroon uitgevoerd. Je weet nooit wanneer het fout gaat.

Toch zijn gebrek aan organisatie en ondoorzichtigheid de grootste klachten van buitenlandse journalisten in Indonesië, niet het gebrek aan persvrijheid. Buiten de oppositie is het moeilijk belangrijke personen te pakken te krijgen. Afspraken worden op het laatste moment afgezegd of vergeten. Telefoonlijnen laten je in de steek. Het registreren bij allerlei instanties biedt geen enkele garantie op uitnodigingen voor persconferenties. Informatie is moeilijk te vinden. En daarbij komen nog de eindeloze files in Jakarta.

De censuur komt op de tweede plaats. Alle journalisten vinden het vervelend dat ze niet zonder vergunning kunnen afreizen naar Oost-Timor, Irian Jaya en Aceh. Maar het maakt de bezoeken aan die gebieden, als die wel worden toegestaan, ook spannend. Buiten die speciale plaatsen kun je behoorlijk je gang gaan. Af en toe word je aangehouden, maar als je papieren in orde zijn is er meestal weinig aan de hand.

Iedereen is het erover eens dat de vrijheid sterk is toegenomen tijdens de economische crisis waarin zelfs rechtstreekse kritiek op de positie van Soeharto mogelijk werd. Een jaar geleden was dat nog onvoorstelbaar, zeker in Indonesische kranten. Maar nu is het aan de orde van de dag.

De angst om over politieke zaken te praten, vooral onder de gewone bevolking en het lagere ambtenarenkader, belemmert het werk wel. Het regime-Soeharto heeft in ruim dertig jaar een deken van vrees over het land gelegd. Journalisten met een camera of een microfoon in de aanslag ervaren dat het meest. Mensen zijn gauw bang om iets verkeerd te zeggen, als gevolg van de tot op het laagste niveau feodaal georganiseerde en door de overheid en het leger gecontroleerde maatschappij, gekoppeld aan een cultuur waarin gezichtsverlies dramatisch is. Je weet immers nooit welke nare gevolgen een slip of the tongue kan hebben.

Het gebeurt geregeld dat een geïnterviewde niks meer wil zeggen zodra hij met een microfoon wordt geconfronteerd. Alleen als de journalist het vertrouwen kan winnen en het interview plaatsvindt in een veilige of afgelegen plaats, komt het gesprek op gang.

Een interview met een groep mensen is wel weer mogelijk, binnen de groep wanen zij zich anoniem. Maar werken voor een krant, met alleen een boekje en een pen in de hand, blijft een stuk eenvoudiger.

De vrijheid van handelen is ook bedriegelijk. De Nederlandse correspondent van de Britse krant Financial Times, Sander Thoenes, ondervond dit enkele weken geleden toen hij onverwacht op het ministerie van Informatie werd ontboden. Vermoedelijke aanleiding was zijn aanwezigheid bij een diner van een Chinese zakenman, die werd verdacht van betrokkenheid bij de verboden democratische splinterpartij PRD. Maar ook een van Thoenes' artikelen kan de oorzaak zijn geweest. Plotseling kreeg hij te horen dat er bij zijn aankomst in Indonesië maanden geleden verboden materiaal in zijn bagage was gevonden en dat hij goed op zijn tellen moest passen.

Step Vaessen is tot nu toe het grootste slachtoffer van de bedrieglijke vrijheid. Ze wist dat alle journalisten en andere personen in de gebouwen van het volkscongres een speciale pas moeten dragen. Maar aangezien er die dag geen officiële zitting van het parlement plaatsvond en de bewaking erg ontspannen oogde, waagde ze het om toch een aantal mensen zonder pas mee naar binnen te nemen. Dat leidde tot haar arrestatie en haar uitwijzing. Op een dergelijke harde maatregel had ze niet gerekend.

Maar daarmee lijkt het verhaal niet voorbij. De sanctie tegen Step Vaessen is opvallend streng. De vraag blijft of ook andere factoren een rol hebben gespeeld.

Verdenking van betrokkenheid bij verboden organisaties blijft gevaarlijk in Indonesië. Persoonlijke aanvallen op vooraanstaande personen ook, vooral als de persoon in kwestie ervan op de hoogte is en de naam van de journalist kent. Ook kan je telefoon worden afgeluisterd. En het is ook altijd mogelijk dat iemand je volgt.

Maar het controle-apparaat is niet altijd even sluitend. Ik ondervond dat vorig jaar tijdens rellen in West-Kalimantan. Al snel na mijn aankomst meldde zich iemand op mijn hotelkamer met het verzoek of ik op een formulier mijn plannen kenbaar wilde maken. Maar toen ik het vergat in te leveren, hoorde ik nooit meer iets.

Censuur en gebrek aan vrijheid, je voelt het niet altijd maar je mag het niet uit het oog verliezen. Als iemand het nodig vindt, is de stok om te slaan gauw gevonden.

Gerrit de Boer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden