Vrije energiemarkt heeft toch nut

Liberalisering van de energiemarkt leidt tot lage prijzen, een schoner milieu en concurrentiekracht. Wel is strenge regelgeving noodzakelijk, meent Laurens Jan Brinkhorst....

Op basis van krantenkoppen in de afgelopen weken zou je bijna denken dat Nederland op het punt staat in een diepe energiecrisis te belanden. De schuldige is al aangewezen: 'dé' liberalisering, of erger nog, de 'privatisering' van de stroombedrijven.

In de energiesector voltrekt zich een revolutie. Van een sterk nationaal gericht systeem met centrale planning gaan we naar een Europese energiemarkt. Grote klanten zijn al vrij en de kleine consument is al vrij bij zijn keuze voor groene stroom. De energiebedrijven kunnen dus voor het eerst klanten verliezen als ze geen waar voor hun geld leveren.

Verandering gaat altijd gepaard met kinderziektes. De vraag is: levert het voordelen op en zijn leveringszekerheid, prijs en het milieu niet in gevaar?

Eerst de leveringszekerheid. In 1994 was er ook een zeer warme zomer. De kranten stonden niet vol over 'code rood'. Toch waren de problemen in 1994 groter dan nu. De reden: de energiesector was traditioneel gewend dit soort zaken binnenskamers in stilte op te lossen. In 2003 is er veel meer openheid en daardoor ook meer onrust. Voor deze openheid is bewust gekozen. Hierdoor weten marktpartijen dat de elektriciteit schaars aan het worden is. Door deze schaarste stegen de prijzen op de stroombeurs APX naar een record hoogte. En dat, vreemd genoeg, is een goede zaak.

Door deze hoge prijzen werden marktpartijen geprikkeld tot maximale creativiteit. Grote stroomslurpers in de industrie pasten hun bedrijfsvoering aan en verkochten de uitgespaarde stroom met winst op de APX. Bedrijven met eigen opwekmogelijkheden (zoals Schiphol) haalden het onderste uit de kan. Hierdoor nam de vraag naar stroom af en het aanbod toe.

Dat is precies de bedoeling. De voorziening is dan ook niet echt in gevaar gekomen. Was code rood dan overdreven? Nee, het afkondigen van 'code rood' heeft een goede reactie van de markt bevorderd. Er was overigens geen tekort aan productiecapaciteit maar een uitzonderlijk tekort aan koelwater. We gaan wel goed onderzoek doen naar wat er precies is gebeurd en daaruit lessen trekken voor de toekomst. Als er vaker dit soort warme zomers komen moeten we onze afhankelijkheid van koelwater wellicht verminderen.

Uit onderzoek blijkt dat de betrouwbaarheid van de Nederlandse energievoorziening tot de hoogste van de wereld behoort. Berekeningen van de economische schade als gevolg van stroomuitval tonen aan dat de gevolgen enorm zijn. Ik acht het daarom essentieel om de hoge betrouwbaarheid in Nederland te behouden. Er is geen sprake van een sterke toename van het aantal storingen in Nederland. Er zijn wel aanwijzingen dat alhoewel het aantal storingen zou afnemen het langer duurt om ze te verhelpen. Daar ga ik wat aan doen.

Met liberalisering heeft dit weinig te maken. De betrouwbaarheid hangt immers af van het beheer van de netten en leidingen. Het netbeheer blijft een monopolie dat onder toezicht van de overheid staat. Dit toezicht ga ik verder aanscherpen.

Vorige week ging één van de nieuwe energiebedrijven failliet. Hierdoor moeten duizenden klanten op zoek naar een nieuwe leverancier. Ook op andere markten komen faillissementen voor. Bedrijven proberen in de concurrentiestrijd terecht op het scherp van de snede te opereren. Dat loopt soms helaas verkeerd af. Ik vind het heel belangrijk om te zien of de markt in staat is dit probleem goed op te lossen.

Bij elektriciteit geldt dat niemand zonder mag komen zitten. Daarom krijgen de afnemers van dit bedrijf ook een aantal dagen de tijd om een nieuwe leverancier te vinden. De kleinverbruikers zijn daarbij beschermd tegen hoge prijzen. De grote afnemers zullen zelf moeten onderhandelen over nieuwe contracten.

De toezichthouder voor de energiemarkt, de DTe en ook de Nederlandse Mededingingsautoriteit NMa zijn onderzoeken begonnen. Ook berichten dat bedrijven misbruik maken van de situatie moeten goed worden onderzocht. Dat is natuurlijk onacceptabel. Zonodig zal ik de regels gaan aanscherpen.

Op dit moment is een belangrijk deel van de Europese energiemarkt geliberaliseerd. Over de hele linie is er in Europa sprake van een forse prijsdaling. Het prijsniveau is zelfs zo laag dat investeerders klagen dat de prijzen lager liggen dan de integrale kosten van nieuwe installaties.

Ook in Nederland melden de meeste zakelijke afnemers die al keuzevrijheid hebben dat ze aanmerkelijk beter af zijn dan voor de liberalisering. Dat gaat zelfs zover dat, nadat ik had besloten om de vrijmaking van de consumentenmarkt met zes maanden uit te stellen tot 1 juli 2004, ik werd geconfronteerd met schadeclaims van energieverbruikers wegens het misgelopen voordeel!

Lage energieprijzen zijn geen doel op zich. Het gaat erom dat de energiesector maximaal efficiënt is en Europees in de pas loopt. In Nederland kiest de regering ervoor om elektriciteit fors duurder te maken met de Regulerende energiebelasting (REB). Vooral kleine consumenten merken daardoor weinig van de prijsdalingen die een gevolg zijn van de grotere efficiency van de bedrijven. Uiteraard komt de opbrengst van deze REB consumenten wel ten goede, onder meer door de verlaging van de inkomstenbelasting die stimulerend werkt op de economische ontwikkeling. Hoge energieprijzen stimuleren investeringen in energiebesparing.

De prijs die consumenten voor energie betalen bestaat ook voor een belangrijk deel uit een vergoeding voor het gebruik van de netten en de leidingen. Na aftrek van belastingen is dit bijna de helft van de energieprijs. Het beheer van de netten wordt niet geliberaliseerd. Daarom is er een onafhankelijke toezichthouder die de tarieven vaststelt. Dit heeft in de afgelopen jaren al tot een forse verlaging van de netwerkkosten geleid.

Samenvattend hebben de veranderingen tot flinke kostenverlagingen en een verbetering van de efficiency geleid, die grotendeels gemaskeerd worden door een belastingverschuiving en de stijging van de gasprijzen. De prijzen zijn zelfs zo laag dat in de toekomst een stijging te verwachten is om nieuwe investeringen rendabel te maken.

Energieverbruik en milieu hebben grote invloed op elkaar. Vooral de uitstoot van CO2 heeft de afgelopen jaren daarbij terecht grote aandacht gekregen. Op dit moment wordt hard gewerkt aan het tot stand brengen van een systeem voor verhandelbare emissierechten in Europa. Daarmee kunnen de doelstellingen uit het verdrag van Kyoto en een goede werking van een internationale energiemarkt worden gecombineerd. Er moet nog veel gebeuren maar het gaat de goede kant op.

Door al deze actuele gebeurtenissen zouden we bijna vergeten stil te staan bij de vraag: waarom doen we dit eigenlijk allemaal. Een consument met keuzevrijheid is de beste garantie dat bedrijven alles op alles zetten om de beste prijs-kwaliteitsverhouding en service te leveren. Daar gaat het om, niet alleen in Nederland maar vooral ook bij concurrentie op de wereldmarkt. Een economisch scherpe energiesector is een belangrijke voorwaarde voor een concurrerende economie.

Naast het achterliggende doel van een Europese markt staan er voor mij een aantal prioriteiten centraal die alles te maken hebben met het belang van de Nederlandse consument en het milieu. Ik noem hier de belangrijkste waarvan u en de Kamer de komende tijd actie mag verwachten. Ik leg de laatste hand aan wetgeving:

  • die strenge eisen stelt aan het kwaliteitsbeleid van netbeheerders: ze moeten kwaliteitsplannen publiceren en periodiek de resultaten openbaar maken. Veiligheid van het net maakt daar deel van uit. Ook moet er een centraal punt komen waar consumenten storingen kunnen melden.
  • de eisen aan de onafhankelijkheid van netbeheerders worden verscherpt om zeker te stellen dat ze marktpartijen op gelijke wijze en eerlijk behandelen. Zo zal ook de Gasunie haar netwerk juridisch moeten afsplitsen.
  • de toezichthouder krijgt de mogelijkheid om door het opleggen van boetes die kunnen oplopen tot 10 procent van de omzet van het bedrijf strenger toezicht te houden.
  • de mogelijkheden die de minister heeft om bij wanbeheer het economische eigendom en het beheer van de netten bij een andere netbeheerder onder te brengen worden versterkt.
  • een verbetering van de positie van consumenten met betrekking tot voorwaarden, informatie en klachtenbehandeling. De etikettering van de milieukwaliteit van elektriciteit maakt daar deel van uit.
  • de mogelijkheden voor de overheid om de ontwikkelingen op de energiemarkt goed te monitoren worden aanmerkelijk uitgebreid.
  • een regeling voor een noodleverancier voor kleinverbruikers in geval van faillissement of extreem koude winters.
  • Naast deze concrete wetgeving werk ik aan voorstellen die gericht zijn op het zekerstellen van de energielevering op de langere termijn. Ik stuur daarover spoedig een brief aan de Tweede Kamer waarin aandacht wordt besteed aan:
  • de Europese ontwikkelingen van de voorzieningszekerheid op de langere termijn.
  • het investeringsklimaat voor nieuwe elektriciteitscentrales zodat er ook in de toekomst tijdens piekuren voldoende capaciteit is.
  • het zeker stellen van de voorziening van aardgas ook als het veld in Groningen leger raakt.
  • hoe in geval van een ernstige crisis wordt omgegaan met het afsluiten van verbruikers.

    Als nieuwe minister van Economische Zaken ben ik er van overtuigd geraakt dat Nederland actief moet meewerken aan het realiseren van een geliberaliseerde Europese energiemarkt. In het veranderingsproces moeten we vooral goed leren van de eerste ervaringen, zoals onlangs met het tekort aan koelwater en het faillissement van een energiebedrijf.

    We kunnen bij een complex proces als dit niet alles op de tekentafel voorzien. We moeten wel snel en pro actief reageren op praktijkervaringen. We moeten daarbij de verantwoordelijkheid niet weghalen van de marktpartijen.

    Over privatisering heb ik het nog niet gehad. Privatisering heeft te maken met de vraag wie eigenaar moet zijn van de energiebedrijven. Over deze vraag wil ik de komende maanden graag in discussie met betrokkenen. De regering moet opkomen voor de publieke belangen: het consumentenbelang, het milieubelang en het belang van een ook op de lange termijn betrouwbare energievoorziening als levensader van de Nederlandse samenleving.

    Daarbij geef ik meer ruimte aan keuzevrijheid en aan marktpartijen maar van een terugtredende overheid is geen sprake. Niet te veel maar wel heldere en slimme regels, en een toezichthouder die strak toeziet op de publieke belangen. Als dat goed geregeld is, zou de vraag wie eigenaar is van de bedrijven eigenlijk niet langer relevant mogen zijn.

    Laurens Jan Brinkhorst is minister van Economische Zaken.

  • Meer over

    Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

    Tip hier onze journalisten


    Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
    Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
    © 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden