Vrije assembleur van de nieuwe tijd

Robert Rauschenberg..

amsterdam Screwing things up is a virtue – dingen verprutsen is een deugd. Robert Rauschenberg deed de uitspraak acht jaar geleden. De woorden karakteriseren zijn hele leven en werk, tot aan zijn dood op 82-jarige leeftijd, afgelopen maandag.

Rauschenberg was een typische jaren zestig-kunstenaar, met het bijbehorende idioom dat op vrijheid en ruwheid was gebaseerd. Ongebonden associërend en combinerend; opbouwend, vernietigend en weer assemblerend, maar dan net anders.

De woorden karakteriseren hem tegelijkertijd als een typische níet-jaren veertig en vijftig-kunstenaar: door zijn verzet tegen het hermetische abstract expressionisme van met name Barnett Newman en Mark Rothko. Rauschenberg wilde zich onttrekken aan wat kunst behoorde te zijn, aan de monomanie en dwangmatigheid van theorieën en voorschriften. Kunst was wat in de maatschappij leefde, in de politiek, onder de mensen, in hun actuele belevingswereld – en de zijne.

Vandaar dat zijn werk verwees naar de omliggende wereld. Hij plukte zijn beelden als fragmenten uit die wereld. Reclame-uitingen, opschriften, voorwerpen en foto’s werden als een collage van citaten aan elkaar geplakt en op elkaar gestapeld. Een opgezette Angorageit voorzag hij van een autoband, schilderijen werden beplakt met lakens, waar weer overheen werd geschilderd, een installatie opgetrokken uit een kamerscherm leunde op stoelpoten en op een van zijn sculpturen plaatste hij een stuffed chicken. Het was precies de juiste geest die hem uiteindelijk maakte tot een van de hoofdrolspelers van de Amerikaanse pop art, naast natuurlijk dat andere idool, Andy Warhol.

Leken zijn vroege zwarte en rode abstracte schilderingen, uit het begin van de jaren vijftig, nog op de schilderijen van Jackson Pollock en Willem de Kooning als een soort eerbetoon, in werkelijkheid waren het eerder parodieën. De grote afrekening volgde toen hij De Kooning vroeg om een tekening te mogen uitgummen. De Kooning, ook niet op zijn achterhoofd gevallen, gaf later toe dat hij Rauschenberg een pentekening meegaf, omdat die het moeilijkst uit te poetsen was. Het lukte Rauschenberg uiteindelijk toch. Zijn Erased De Kooning Drawing uit 1953 geldt sindsdien als de ommekeer in zijn oeuvre en denken. Hij had de voorvaders van de Amerikaanse kunst klein gekregen en uitgegumd.

Vanaf dat moment was het tijd voor verandering. Dat gold niet alleen voor zijn werk zelf, maar ook voor zijn kunstenaarschap. Rauschenberg heeft zich, in tegenstelling tot zijn illustere voorgangers, nooit beperkt tot schilderen en beeldhouwen alleen, noch tot het werken in de beslotenheid van zijn atelier. Hij voerde theaterexperimenten, muziekstukken en dansvoorstellingen op met John Cage (naast Josef Albers, een van zijn twee grote leermeesters), Trisha Brown en Merce Cunningham. Hij raakte geïnteresseerd in de overeenkomsten tussen kunst en wetenschap. En hij probeerde grote bedrijven warm te laten lopen voor contacten met kunstenaars omwille van een creatief management.

In die hoedanigheid is hij een voorloper geworden van het kunstenaarstype zoals we dat nu kennen: multidisciplinair, eclectisch, anti-elitair, niet vies van het bedrijfsleven en screwing up oude, vaste patronen.

Rutger Pontzen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden