Vrijdag een uurtje 'hakke' terwijl de ouders borrelen

Kinderopvang op de hockeyclub. Het lijkt slechts een kwestie van tijd. Net als huiswerkbegeleiding voor schoolgaande jeugd. 'En mijn afspraken regel ik tegenwoordig ook steeds vaker op de club, want daar heb je tenminste nog plaats om je auto te parkeren', zegt Johan Wakkie, directeur van de Nederlandse hockeybond....

Tijdens het tweede nationale hockeycongres presenteerde de KNHB zaterdag de nieuwe ledencijfers. De grootste stijging van de afgelopen tien jaar (3,36 procent naar 133.549 leden) is volgens Wakkie echter nog geen reden voor euforie. 'We moeten juist goed blijven kijken hoe we deze stijging vast kunnen houden.'

Het streven is 175.000 leden in 2010. Tegen die tijd moet de hockeyclub functioneren als een commercieel bedrijf. 'Ouders die werken zien hun kinderen uit school het liefst direct naar de hockeyclub gaan. Daar worden ze opgevangen, maken onder professionele begeleiding hun huiswerk en gaan daarna trainen. Ouders halen na het werk een borrel bij de club, blijven een hapje eten en nemen hun kinderen vervolgens weer mee naar huis', zo schetst Wakkie de nabije toekomst.

Terwijl steeds meer sportbonden te kampen hebben met een leegloop, kiest de jeugd steeds vaker voor een carrière op het hockeyveld. Het imago 'kak', dat waarschijnlijk in lengte van jaren aan de sport verbonden zal blijven, is langzaam aan het vervagen. Termen als geborgenheid en veiligheid komen daarvoor in de plaats.

Waren het eerst de kinderen van hockeyende ouders die zich aanmeldden, tegenwoordig volgen steeds meer ouders hun kinderen naar het hockeyveld. Wakkie: 'De waardering voor hockey groeit. Het is geen elitesport meer. Daar hebben de nationale teams aan bijgedragen, Bram Lomans kun je onmogelijk associëren met kak. Daarentegen hechten we wel veel belang aan normen en waarden. Dat is onze kracht.'

Met schoolprojecten, gefinancierd door Shell, tracht de KNHB hockey ook bij de scholen aantrekkelijk te maken. Voor drieënhalve ton levert de sponsor ballen, sticks en hesjes. De clubs stellen hun kunstgrasvelden beschikbaar en in de toekomst mogelijk ook gekwalificeerde trainers. 'We willen af van het imago dat hockey een gevaarlijke sport is, zoals sommige ouders nog altijd denken.'

Vrees dat de jeugd zijn weg naar de hockeyvelden niet kan vinden is er dus niet meer. In het strategisch beleidsplan 2010 wordt daarom vooral ingegaan op de wijze waarop zij ook op latere leeftijd voor de club kunnen worden behouden. 'Zodra ze gaan studeren in een andere stad zijn we ze kwijt. We zouden de overstap moeten vergemakkelijken door de clubs alvast het contact te laten leggen.

'Want een hockeyclub zou juist veel voor studenten kunnen betekenen. Bij sponsors kunnen stageplaatsen worden geregeld. En een bestuursfunctie bij de club staat goed op je cv.'

In een poging meer leden aan zich te binden richten de clubs zich bovendien op een steeds jonger publiek. Tumtummetjes, worden zij bij Rood Wit uit Aerdenhout genoemd. Ze zijn pas vijf jaar oud en mogen op vrijdagmiddag een uurtje 'hakke' terwijl de ouders borrelen. De club werd er dit jaar overigens wel eerste mee op de ranglijst van snelst groeiende hockeyclubs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.