Vrienden

De vraag wordt pas dwingend onder hoogspanning. Zoals in mijn favoriete kinderspelletje. Je mag kiezen, nee, je móet, met het mes op de keel. Wat wil je liever: doof of blind?...

Alles!, zou ik hebberig antwoorden op de vraag wat ik per se wil meeslepen in mijn hutkoffer, enkele reis 2007. De hele rotwereld met z’n moord en doodslag, smeltende ijskappen, ziekte, ontrouw en verraad mag erin. Want in Utopia zouden we ons te pletter vervelen, almaar glimlachend, zonder verlangen of ongemak. Zonder opluchtende woede, vooral. Binnen de kortste keren zouden we elkaar de hersens inslaan. Dat laat ik liever aan anderen over.

En als de duimschroeven klemmender worden aangedraaid? Laat die spullen maar thuis, zou ik zeggen. Het hele huis desnoods. Al die groeiende, schimmelende stapels van wat je ooit hebt verzameld, gelezen, geschreven - melancholiek gelabeld als je verleden - weg ermee. Ik bewaar hun geur en nagalm wel in mijn hoofd.

Maar nu kerft de punt van het mes tergend in mijn slagader. De woorden zondvloed en kernramp vallen, er komt een klein eilandje in beeld met één -bananenboom, drijvend in een bruine, dode zee. ‘Mijn kinderen!’, krijs ik panisch.

Dat zegt iedereen natuurlijk - mag ik hopen. Daar zitten we dan, met onze gezinnetjes, elk op ons drijvende eilandje. Zonder Playstation, zondagavond voetbal, de boeken van F.B. Hotz en een verse Volkskrant op de mat. Na twee weken gaan de vissenlijkjes tranig smaken. De kinderen leggen een bananenschil voor elkaar neer op strategische plaatsen. Man en ik staren tragisch naar de einder. De hele dag seks gaat ook vervelen.

Nee, in het kader van de kerstgedachte zet ik hoog in op vriendschap. Schijnheilig misschien, want veel tijd maak ik niet vrij voor mijn vrienden. Maar dat kan er nog wel bij, in deze week met blije kindergezichtjes rond de boom, een alcoholische gloed van saamhorigheid rond het kerstdiner en vervluchtigende goede voornemens. Alle Menschen werden Brüder en na die plichtpleging stuiven ze weer opgelucht uiteen. We bellen, hè? Even geen gezelligheid meer voor een maand of zes.

Vrienden zijn niet altijd gezellig. Ze kunnen eindeloos zeuren over hun problemen. Ze bellen steevast als je net besloten hebt een avond op de bank te liggen, met wijn en chips, voor niemand thuis, om te zwelgen in een slechte film. Ze gaan scheiden en zetten het mes op je keel: zij of ik? Twee keer hun verjaardag vergeten, drie keer een afspraak verschoven voor dringender zaken, één onbenullige ruzie over geld, en je bent ze misschien kwijt.

Zonder vrienden gaat het niet. In hún hoofd ligt je verleden opgeborgen. Slap zeuren, fijn roddelen en stompzinnig lachen vereisen jarenlange voorkennis. Zonder vrienden verpieter je op een eiland van zelfgenoegzaamheid. Alleen vrienden verlossen je van een leven dat bestaat uit werk, werk en werk. Ze verlossen je van je hinderlijke zelf, in het beste geval. Misschien dat de Verlosser, in zijn symboolzware orakeltaal, dat bedoelde toen hij besloot geboren te worden, in een stalletje in Bethlehem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden