Vrede in Ulster wordt begraven met marsmuziek

Belfast is vrijdag een schizofrene stad. In het protestantse deel marcheren duizenden Oranjemannen achter hun kleurige vaandels en klinken de vrolijke klanken van de trommels, fluiten en accordeons ....

Van onze correspondent

Bert Wagendorp

BELFAST

In de nacht voor de 306de herdenking van de Slag aan de Boyne, worden in het noorden van de stad ware veldslagen geleverd tussen politie en katholieken. In Ardoyne, een IRA-bolwerk, raken drie agenten gewond door sluipschutters. En terwijl in de protestantse wijken de vreugdevuren worden ontstoken, zorgen brandbommen die richting politie worden gegooid in de katholieke wijken voor andere vlammen.

Volgens de politie zijn het de meest gewelddadige rellen in 25 jaar. Ook in Londonderry, Portadown, Armagh en andere plaatsen barst het geweld los met een hevigheid die bijna was vergeten. Loyalisten vallen in Portadown zestien door katholieken bewoonde huizen aan. In totaal raken 110 politieagenten en 120 burgers gewond.

Maar ze marcheren, de Orangemen, ook door de katholieke Lower Ormeau Road. De districtsloge van Ballynafeigh loopt vrijdagmorgen langs lange rijen gepantserde Landrovers, beschermd door honderden agenten en soldaten. De inwoners van de wijk zitten vijftien uur gevangenen in hun eigen huizen. 'Ze behandelen ons als dieren', zegt een bewoonster.

Ongeveer 250 Orangistische loges en 130 muziekkorpsen paraderen vanuit het centrum naar een park in het zuiden van Belfast, het traditionele eindpunt van de parade. Langs de kant kijken tienduizenden toe. Slechts de voortdurend boven de parade vliegende helikopters wijzen erop dat de feestvreugde minder ongecompliceerd is dan hij lijkt.

Tussen de loges loopt een afvaardiging van de Shankill Road, sinds het begin van the Troubles het centrum van protestants geweld. Op een spandoek wordt de vrijlating van de loyalistische 'krijgsgevangenen' van de UDA en de UFF geeist. Die heten Kingo, Jimbo, Big S., Mortie en Bubbles. Het publiek juicht het groepje hartelijk toe. Een oude man verkoopt programma's en speldjes, ten bate van het fonds voor de Oranjeweduwen. Het programmaboekje is een bondige cursus katholieken-haat.

In Edenderry heerst een sfeer die het midden houdt tussen een EO-landdag en een bier- en hamburgerfestijn. Een jonge Orangist verklaart dat hij tot voor kort nog vloekte als een dragonder, zoop als een maleier en stal als de raven, maar dat hij nu de Heer heeft gevonden. 'Oh happy day' zingt een evangelist, vervuld van vreugde.

Even verderop breekt een vechtpartij uit tussen twee jeugdige muzikanten en aan de rand van het terrein dondert een bejaard logelid volkomen dronken in een modderslootje. Enkele jonge Orangisten paraderen in het shirt van het Nederlands elftal. Een stalletje verkoopt sjaals met 'Ulster Freedom Fighters' erop, de verboden loyalistische paramilitie. Ook kan het ingelijste gedicht Ik en mijn geweer worden aangeschaft.

Ondertussen formuleert Grootmeester Robert Saulters op een podium de resolutie van loyaliteit. Van de man die hoogstwaarschijnlijk straks de nieuwe minister-president wordt, Tony Blair, hoeft geen loyaliteit te worden verwacht, predikt hij. Want Blair, toch opgevoed in het enige ware geloof, is getrouwd met een katholieke vrouw, stuurt zijn kinderen naar een katholieke school en heeft, het allerergste, wel eens deelgenomen aan de katholieke communie.

De mannenbroeders voor hem gruwen zichtbaar. 'De toekomst ziet er dus donker uit, broeders en zusters', zegt Saulters. Voor het podium is een groot spandoek opgehangen. 'Belfast Orangemen say NO', staat erop. Nadat de aanwezigen het God save the Queen hebben gezongen wordt de terugtocht naar het centrum van Belfast aanvaard: weer tien kilometer trommelen, fluiten en marcheren - alsof er niets aan de hand is.

Dat is er wel. In het centrum van de stad lopen rond negen uur 's avonds honderden stomdronken jongeren de politie uit te dagen. Continu zijn sirenes te horen. Pantserwagens doorkruisen de stad en overal staan ambulances klaar. Hotels hebben sportschooljongens ingehuurd om de entree te bewaken. Boven het Ormeau-district cirkelen drie helikopters. Het lijken voorbereidingen voor een veldslag.

In Noord-Ierland dreigen de zaken weer totaal uit de hand te lopen. Zelfs politici van de SDLP hebben hun gematigde standpunten verlaten en beschuldigen de Britse regering van 'heulen met de Orangisten'.

Gerry Adams roept zijn achterban in West-Belfast op tot kalmte . Maar de leider wordt voor het eerst sinds lange tijd uitgefloten. 'Het wordt tijd dat we de Struggle hervatten', schreeuwt een man Adams toe. Hij krijgt applaus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden