Vrede in Angola werd Bizimungu noodlottig

Leider genocide

'Wat aardig van ze om aan mij te denken', sneerde generaal Augustin Bizimungu op 1 mei 1994 toen een Amerikaanse onderminister hem over de telefoon meedeelde dat haar superieuren hem persoonlijk verantwoordelijk zouden houden voor de moordpartijen in zijn land, als zijn soldaten de moordenaars niet zouden tegenhouden. Pas nu is Bizimungu gepakt, in Angola, en overgebracht naar de cellen van het Rwanda Tribunaal in Tanzania.

De sneer van Bizimungu staat in Leave None to Tell the Story, een dikke studie door Human Rights Watch over de toedracht van de Rwandese genocide, die zich afspeelde tussen 6 april tot eind juli 1994. Het tekent de situatie in die tijd: de buitenwereld wist niet hoe de slachting te voorkomen. De VN-macht was teruggetrokken, de buitenlanders waren geëvacueerd. De leiders van de genocide deden na het telefoontje uit Washington wel een bevel uitgaan naar de milities, de Interahamwe: niet meer zo opzichtig moorden op straat, breng de Tutsi's naar verborgen executieplaatsen.

Bizimungu was een vertrouweling van Théoneste Bagosora, een topambtenaar op het ministerie van Defensie, die nu algemeen wordt gezien als de hoogste leider van de genocide. Hij trok de macht naar zich toe nadat het vliegtuig van de Hutu-president Juvénal Habyarimana bij het vallen van de avond van 6 april was neergeschoten.

Wie achter deze moord zaten, is tot nu toe onopgehelderd gebleven, maar de sterkste theorie blijft dat het Bagosora en zijn mede-samenzweerders waren. Habyarimana had zojuist onder grote internationale druk een vredesakkoord gesloten met de Tutsi-rebellen van het Rwandees Patriottisch Front (RPF) van de huidige president Paul Kagame. De Hutu-extremisten wilden een vergelijk met het RPF voorkomen en begonnen de genocide.

De rol van Habyarimana's leger (FAR) zou daarbij cruciaal zijn. Als de militairen zich tegen de genocide zouden keren, zou het spel uit zijn voor de extremisten. Het kostte Bagosora tien dagen om het verzet in de legertop te breken. Toen werd zijn man Bizimungu bevorderd tot generaal en benoemd tot stafchef. Bizimungu had, volgens onderzoek van het Rwanda Tribunaal, als kolonel in het noordelijke Ruhengeri al jaren extremistische doodseskaders opgeleid en bewapend. Met hem als legerleider werden soldaten meer en meer ingezet bij het moorden. Hutu-officieren die niet mee wilden doen werden eveneens vermoord.

Een grote meerderheid van de Hutu's werd op deze manier meegesleept in de massaslachtingen, waarbij in drie maanden tijd tussen de vijfhonderdduizend en een miljoen mensen werden gedood. In de burgeroorlog met het RPF - het verzet had de strijd na het begin van de genocide hervat - verloor het FAR slag na slag. Een Franse interventie eind juli, Opération Turquoise, voorkwam dat het vroegere regeringsleger werd vernietigd.

De Fransen waren bevriend met Habyarimana en hadden instructeurs geleverd voor het FAR. In Bizimungu vergisten ze zich echter. De Franse commandant zag in hem de man die met Kagame tot een vergelijk zou kunnen komen. Maar Bizimungu gebruikte de Franse aanwezigheid om zijn leger naar Oost-Congo te evacueren. Zijn soldaten dwongen Hutu's mee te vluchten: een miljoen Rwandezen bevolkten uiteindelijk een reeks vluchtelingenkampen, waar de FAR en de Interahamwe een schrikbewind voerden.

De Franse onderzoeker Gérard Prunier schrijft in zijn boek The Rwanda Crisis dat generaal Bizimungu van hieruit de herovering hoopte te kunnen leiden. Op 18 juli had het RPF heel Rwanda in handen en vormde een nieuwe regering. Bizimungu was in Goma, net over de grens in Congo, en zei volgens Prunier: 'Het RPF zal heersen over een woestijn.'

De wanhopige situatie in Oost-Congo duurde twee jaar. De Hutu-burgers waren aangewezen op voedselhulp uit het buitenland, terwijl de soldaten van het FAR en de overgebleven Interahamwe zich in hun midden opmaakten voor het tegenoffensief. Bemoeienis van de VN en donorlanden om de vluchtelingen te laten terugkeren, veranderden niets aan de situatie. Bizimungu's soldaten hielden hen tegen.

Kagame wachtte eind 1996 niet langer af. Hij gebruikte een Congolese verzetsbeweging onder leiding van Laurent Désiré Kabila als voorhoede voor een invasie in het toenmalige Zaïre van president Mobutu. De manschappen van Bizimungu werden uit de kampen gejaagd en vluchtten het oerwoud naar het westen in. Honderdduizenden vluchtelingen keerden in november 1996 terug naar Rwanda.

Het rijk van Mobutu brokkelde in een paar maanden af, de rebellen stootten in een half jaar door naar de hoofdstad Kinshasa. Onder president Kabila werden de Hutu's die niet naar Rwanda waren teruggekeerd verdreven, waarbij waarschijnlijk duizenden doden vielen. De Rwandese soldaten maakten jacht op de restanten van het FAR en de Interahamwe, die vaak met grote groepen burgers door de wildernis trokken. Volgens onderzoeken van Human Rights Watch (HWR) en andere organisaties speelden zich daarbij gruwelijke taferelen af.

De Hutu-strijders raakten verspreid over een groot gebied. Ze doken op in Congo-Brazzaville. Gewapende Hutu-groepen vochten aan de zijde van Kabila toen die in een nieuwe oorlog met zijn vroegere RPF-vrienden was geraakt. Eind 2001 deden oudgedienden met jonge strijders onder de naam ALIR invallen in Rwanda zelf en werden weer verdreven. Bizimungu was daar volgens een HRW-rapport van een half jaar geleden niet bij. Hij zou toen in Katanga, in het zuiden van Congo, het bevel hebben gevoerd over een Congolese legereenheid.

Nu is hij niet ver daar vandaan, in het noorden van Angola, gepakt. Bizimungu werd, volgens de Angolese regering, met 68 van zijn oud-soldaten en 583 Congolese strijders aangetroffen tussen gedemobiliseerde strijders van het Angolese verzet Unita. Misschien was Bizimungu op de vlucht of door Unita ingehuurd. Maar Unita heeft vrede gesloten met de Angolese regering na de dood van zijn leider Jonas Savimbi eerder dit jaar. Zo werd een vredesakkoord Bizimungu, de man die genocide verkoos boven vrede, noodlottig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.