Vraag van de week

Als uw gehandicapte zoon 18 jaar of ouder is, heeft hij waarschijnlijk recht op een Wajonguitkering. Mogelijk kan hij aangepast werk doen. De vraag is of hij zelfstandig kan omgaan met geld en dus of het verantwoord is hem een erfenis te geven. Als dat niet zo is, dan kunt u beter de andere zoon aanwijzen als zijn bewindvoerder. Die beheert dan het geld en is degene die bij financiële beslissingen het laatste woord heeft.


Op dit moment hoeven Wajongers hun vermogen niet te verrekenen met de uitkering die zij krijgen. Dat gaat veranderen als vanaf 2015 de Participatiewet wordt ingevoerd. De Wajongers worden dan opnieuw gekeurd. Zo mogelijk moeten zij gaan werken of anders krijgen zij een uitkering. Uitkeringen op grond van de Participatiewet zijn lager dan bij Wajong. Bovendien mag de uitkeringsgerechtigde dan maar weinig vermogen bezitten. De Wajongers waarvan duidelijk is dat zij vanwege hun beperkingen nooit kunnen werken, blijven in de Wajong en houden hun uitkering. Dat zal voor ongeveer 40 procent het geval zijn.


Het risico bestaat dat uw zoon onder de nieuwe regeling van de Participatiewet valt. In dat geval is het financieel gezien voordeliger om hem te onterven en al het geld aan de andere zoon na te laten. U kunt hem daarbij wel de verplichting opleggen voor zijn broer te zorgen. Of dit in de praktijk de beste oplossing is, hangt van de situatie af. (RvdH)


Een van mijn twee zonen is verstandelijk gehandicapt. Hoe moet ik de erfenis regelen op een goede en rechtvaardige manier?


Ook een vraag? geldvraag@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.