VPROoit

Van markante bengel naar de marge van het omroepbestel - en, langzaam maar zeker, weer terug. Hoe VPRO is de jubilerende VPRO? En welke kant gaat het op? 'Het moet raarder.'

'Combi van Gerrit Zalm (lid), Arjan Ederveen (tandjes), Wim T. Schippers (drol), Han Reiziger (dood) en Robbie Muntz (voorheen)', twitterde MacDocMan woensdag. Het was een antwoord op de vraag: verzin een personificatie van de VPRO. Er werd druk over getwitterd - andere suggesties van het twittervolkje: een libero, een vrijbuiter en het eigenzinnige zeilmeisje Laura. Iemand bedacht zelfs een naam voor de fictieve Meneer VPRO: Wilfried de Rochebrune, een kruising tussen Walter de Rochebrune, de door Van Kooten en De Bie in het leven geroepen pluizige kluizenaar, en Wilfried de Jong.

De VPRO als mens, wie zou dat zijn? Oospronkelijk stelde de Volkskrant deze vraag aan Lennart van der Meulen, VPRO-directeur. Die had daar niet meteen een antwoord op. Opmerkelijk, vond hij zelf. 'Zit ik hier uren te praten over de VPRO, waar we voor staan, wat we doen. En nu val ik stil.' Dus zette hij de vraag op Twitter.

En dat terwijl de VPRO de laatste tijd juist zoveel over de VPRO discussieert. 'Dat is een goed teken', vindt Huub Wijfjes, mediahistoricus. 'Want ze proberen te duiden wie ze zelf zijn, waarvoor ze er zijn en wat ze goed kunnen. Die reflectie heeft lange tijd bij de omroep ontbroken.'

De VPRO moet wel. Als de Tweede Kamer het vorige week gedane voorstel van NPO-voorzitter Henk Hagoort goedkeurt, ontspringt de VPRO de fusiedans bij de Publieke Omroep. Dat verschaft de VPRO vrijheid, in ruil voor minder geld en minder zendtijd.

De VPRO richt zich op wat ze 'de creatieve klasse' noemt, de drie miljoen hoger opgeleide Nederlanders die cultureel geïnteresseerd zijn. Als ze zouden fuseren met de AVRO, waar een paar maanden geleden nog sprake van was, 'zou het merk VPRO te veel verwateren.'

Van der Meulen stak de VPRO de afgelopen twee jaar in het nieuw: nieuwe bestuurders, een nieuwe huisstijl, een tak voor jongere makers (VPRO Dorst) en een andere slogan: 'Meer VPRO.' Met In Europa, De Beagle, Metropolis en de (samen met VARA en NTR gemaakte) succesvolle serie A'dam - EVA kan de omroep de laatste tijd weer bogen op een aantal markante programma's. Haar 85ste verjaardag, aanstaande zondag, grijpt de VPRO aan om het nieuwe tentoon te spreiden, tijdens het Vrij Denken Festival in de Beurs van Berlage.

'De VPRO heeft de ramen opengezet', zeggen Van der Meulen en directeur televisie Karen de Bok in een interview in de VPRO-gids van deze week. Dat was nodig. De omroep die sinds de jaren zestig bekend stond om zijn diepgravende, spraakmakende en soms provocerende programmering belandde na de eeuwwisseling in de marge van het omroepbestel.

VPRO-programma's werden uitgezonden in de rafelranden van de programmering: 's avonds laat, of 's morgens vroeg. Kijkcijfers van rond de 50 duizend waren geen uitzondering - minder dan er in de Amsterdam Arena passen.

De VPRO was een eiland, een vergeten boorplatform uit het zicht van de radar. Daar werd gewerkt aan radio- en televisieprogramma's waar het gros van de televisiekijkers zijn neus voor ophaalde. Maar de VPRO haalde de neus nog hardgrondiger op voor hen. De massa en kijkcijfers, de stuwende krachten achter de hedendaagse radio en tv, de VPRO wilde daar zo min mogelijk mee te maken hebben.

'Het ontbrak ze aan een vooruitziende blik', zegt Wijfjes. 'Het medialandschap is de afgelopen vijftien jaar volledig veranderd. De omroepen moesten herpositioneren, zich aanpassen. De VPRO vertikte dat in eerste instantie. De sfeer was erg zelfgenoegzaam. Wij leveren nou eenmaal de beste kwaliteit, dat ziet toch iedereen. Zoiets straalden ze uit.'

Wijfjes beschouwt de VPRO als de grote verliezer van de net-hervormingen in 2006. De VPRO was vanaf dat moment niet meer 'thuis op Nederland drie' maar kon op alle omroepen uitzenden. Dat bood mogelijkheden, maar betekende ook een grotere concurrentie op gewilde tijdstippen. De keuze was aan de netcoördinator, niet meer aan de omroep zelf.

In feite ging het al veel eerder mis, meent oud VARA-voorzitter Marcel van Dam. Begin jaren negentig wilde hij een vergaande samenwerking realiseren tussen de omroepen die uitzonden op Nederland 3: VARA, NPS, RVU en VPRO. 'Ik heb de programmadoelstellingen van de VPRO altijd prima gevonden. Haute culture op televisie, een omroep die denkt vanuit het aanbod, niet vanuit de vraag, zo'n omroep hoort thuis in ons publieke bestel.'

De VPRO bleek een lastige partner. 'Nog steeds vind ik het buitengewoon treurig dat de VPRO zich isolationistisch en hautain heeft opgesteld.' In zijn voorstel werd de pluriformiteit gegarandeerd, meent hij. 'Ik denk dat de VPRO nu veel meer concessies moet doen om te overleven.'

'Een grote, aarzelende partij', vindt Wijfjes de VPRO. 'Natuurlijk, de VPRO wil zelfstandig blijven. Maar ik denk ook niet dat er veel omroepen zijn die met de VPRO willen samenwerken, als puntje bij paaltje komt. Als ze de afgelopen twintig jaar iets hebben bewezen, is het wel dat er met hen moeilijk samen te werken valt.'

Tot in de jaren tachtig was dat geen probleem. De grote publieke omroepen (AVRO, NRCV, VARA, KRO, TROS en VPRO) deelden twee zenders. Er waren nog geen commerciële kapers op de kust. De VPRO gaf kleur aan het brave, nog half verzuilde omroepbestel. Er werd geen televisie gemaakt vanuit de volksverheffingsgedachte, zoals de VARA deed. De VPRO was vrijzinnig, markant. Een 'makersomroep,' noemen ze het zelf. Een plek waar televisie werd gemaakt vanuit de wens goede televisie te maken, niet vanuit de behoeften van het publiek.

'De VPRO stond voor het weldenkende deel der natie, zeker in de academische wereld kon je met de VPRO gezien worden, moest je er zelfs mee gezien worden.' Toen Wijfjes in de jaren zeventig geschiedenis studeerde, was de VPRO voor hem de enige omroep die aandacht besteedde aan historische onderwerpen, de enige die interessante documentaires uitzond.

De VPRO was het slimste jongetje van de klas, maar ook de bengel. Bekend voorbeeld: in 1972 interviewde het door Wim T. Schippers gecreëerde karakter Barend Servet - 'pollens!' was zijn favoriete stopwoord - een boontjesdoppende imitatie van k oningin Juliana. Televisiekijkend Nederland sprak er schande van. Maar achter de vitrage werd er hardop gegniffeld.

Dat gebeurde nog steeds toen Kees van Kooten tien jaar later als 'De Vieze Man' verlekkerd lispelend over incest praatte. Vast uithangbord van de VPRO was de zondagavond geworden. 'Het was een speeltuin', zegt Wim de Bie. Kees van Kooten: 'De VPRO kon de zondagavond componeren als een symfonie. Zo'n kans krijg je nu niet meer omdat het nu allemaal zo versnipperd is.'

Toen de VPRO in 1984 meer zendtijd kreeg, ontstond Villa Achterwerk, het kindertelevisiewalhalla op zondagochtend met Theo en Thea, Rembo en Rembo, Achterwerk in de kast en (later) De Daltons.

Van Kooten roemt de omroepbestuurders uit die jaren. 'Zij verstonden de kunst om verstandige, smaakvolle mensen aan te trekken. Roelof Kiers, Arie Kleijwegt en Jan Blokker, allemaal hadden ze iets van een erudiete pater familias.' In die tijd had de VPRO nog lef', zegt Maxim Hartman, sinds 1987 programmamaker voor de VPRO. Hij werd vooral bekend door het legendarisch woeste kinderprogramma Rembo en Rembo. 'Zoiets zou nu nooit meer mogen. Toen kon het gewoon, we probeerden alles uit.'

Het gaat weer beter, maar het heeft de VPRO bijna tien jaar aan visie ontbroken, vindt hij. 'Het werd steeds tuttiger en tuttiger. De mensen aan de leiding hadden geen idee waar ze mee bezig waren. Ze wisten niet hoe ze moesten omgaan met de nieuwe indeling van de netten en met de macht van de zendercoördinatoren. Ze staken de kop in het zand. Ik roep al jaren dat boos worden het enige is wat helpt. Ze moeten daar verlichte despoten neerzetten die als een Berlusconi of Khadaffi hun programma's veiligstellen.'

In de door Hartman visieloos genoemde jaren was Peter Schrurs directeur. 'De hoofdredacteuren hadden het heel zwaar met de netcoördinatoren. Die wereld, dat was hun biotoop niet. Elke keer als ik die kolos van een gebouw inliep, voelde ik me een bedelaar, alsof ik met de pet in de hand om geld kwam vragen.'

Geïsoleerd en in zichzelf gekeerd vindt hij wat ver gaan, maar Schrurs ontkent niet dat zijn VPRO moeite had met het veranderende omroepbestel. 'Je conformeren aan de wensen van het publiek, dat zagen we als zwaktebod. Jullie vragen bloemkolen, wij maken bloemkolen. Zo diep wilden we niet zinken.'

Binnen de VPRO bestonden in die tijd verschillende kampen. Schrurs: 'De VPRO was een voorloper met internet, met de muzieksite 3voor12 als boegbeeld. Die redactie was jong. Daar hielden ze wel rekening met het publiek. Ouderen, vooral bij de radio, waren veel terughoudender. Intern was de VPRO toen zeer verdeeld.'

De VPRO heeft veel uit handen moeten gegeven, vindt hij. 'Vooral op het gebied van kindertelevisie. Daar besteedden wij even veel geld aan als aan televisie voor volwassenen, maar toen de zendercoördinatoren het budget bepaalden, kon dat niet meer. Jammer vind ik dat.' Hartman stelt het sterker: Villa Achterwerk is nu een nicheding dat voor het geweten van de omroep nog mee mag spelen. Maar het is totaal ongevaarlijk.'

Behalve kindertelevisie heeft de VPRO ook haar monopolies op geschiedenis, wetenschap en documentaires verloren. Op het provocatieve vlak werd VPRO eerst ingehaald door BNN en later op rechts door POWNED. Wijfjes: de televisie die POWNED maakt, staat rechtstreeks in de VPRO-traditie.

Zo'n sterk profiel als vroeger zal de VPRO nooit meer hebben, denkt Van der Meulen. 'Maar het is nog steeds een keurmerk voor kwaliteit, vrijheid en onafhankelijkheid.' Dat klopt, vindt programmamaker Tim Haars (29), vooral bekend van New Kids Turbo (uitgezonden op Comedy Central), maar hij maakt ook programma's voor Villa Achterwerk.

'Ik zie de VPRO als een plek waar mensen weinig concessies hoeven te doen aan hun ideeën. De VPRO geeft programmamakers veel vrijheid, neem zoiets als Omroep Maxim, dat is écht VPRO. Maxim heeft overal schijt aan, geweldig.'

VPRO wil vermaken met inhoud', zegt Van der Meulen. Ook deze leus is bedacht door een twitteraar. Met het besluit houdt de omroep vast aan haar eigen traditie: niet mengen, niet verwateren.

Daarmee blijft de VPRO elitair. Niet erg, vinden de door de Volkskrant ondervraagde betrokkenen unaniem. Hartman: 'Het moet juist veel elitairder en raarder. Het moet duidelijk VPRO zijn. Zo'n programma als Goudzoekers is best leuk, maar het had ook van de VARA kunnen zijn. De publieke omroep moet geen programma's maken voor miljoenenpubliek, dat heeft daar niets te zoeken. Als de meerderheid beslist, krijg je slechte televisie.'

Rekening houden met de kijker moet tegenwoordig, zegt Van Kooten. 'Maar dat is niet hetzelfde als meegaan met de massa.' Elitair vindt hij een rampzalig woord. 'Daar heeft Karel van het Reve iets heel goeds over geschreven. Over een man die een hekel had aan meneer Bach, omdat meneer Bach iets deed wat het zelf niet snapt. En daarom moet meneer Bach ophouden met muziek maken.' In zulke sentimenten moet de VPRO niet meegaan, vindt hij.

'Als je er voor alle televisiekijkers en radioluisteraars wilt zijn, conformeer je je te veel aan het referentiekader van iedereen,' zegt Van der Meulen. Of de VPRO zich zal handhaven als zelfstandige omroep moet de komende jaren blijken. Wim de Bie denkt van wel. 'Want de VPRO is nog steeds een sterk merk. Maar wat peper in de diverse achterwerken kan nooit kwaad.'

------------------------

Achterwerk in de Kast

Achterwerk in de Kast was een van de eerste kinderseries van de VPRO. Het is de naamgever van Villa Achterwerk, zoals de kinderblok van de VPRO sinds 1984 heet. Een aflevering van Achterwerk in de Kast duurde twee minuten. In de poppenkast zat een kind dat vertelde over zijn hobby, fascinatie of lievelingsdier. In Palings wil de zesjarige Melle Verhoef praten over palingen, maar de paling ontsnapt voortdurend uit de emmer, zodat Melle niet aan vertellen toekomt. Als de tijd voorbij is schuift hij het gordijntje met een bezwaarde gezichtsuitdrukking dicht. Onvergetelijk.

Zoveel leden had de VPRO in 2010. Tien jaar eerder waren dat er nog 440.463 en twintig jaar eerder 342.670. Het gemiddelde VPRO-lid is 51 jaar.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden