Vorm Vanja

Een perfectionist tot in de toppen van

Nog een keer kijken. Jawel, het is Vanja Rukavina. Maar op een koele doordeweekse ochtend in de lege, lichte schouwburg aan het Markermeer ziet hij er bepaald bijzonder uit. Nauwsluitend vermiljoenrood overhemd met korte mouwen en een al even rode, korte broek; glanzend plakhaar boven een wittig poppengezicht, veel mascara en lipgloss. De afdeling kap en grime van Toneelgroep Amsterdam (TA) is al vroeg met hem begonnen.

Bij nader inzien helemaal niet zo vreemd: Vanja Rukavina speelt in De pelikaan, een regie van Susanne Kennedy die zondag in première gaat. Wie haar voorstellingen kent, verbaast zich niet snel over extremen. Voor Vanja Rukavina (Sarajevo, 1989) is het zijn eerste grotere rol bij TA. Hij is dol op extremen.

Een groep van vijf acteurs repeteert in Hoorn aan het stuk van Strindberg. Rukavina is met zijn 24 jaar de jongste. Vers van de Toneelacademie Maastricht speelde hij bij TA in In ongenade, nam hij rollen over in De Vrek en Opening Night. Daarnaast maakt hij eigen voorstellingen. En leert hij Japans.

Hij is gedreven. In alles. 'Spartaans gedisciplineerd, rookt niet, drinkt niet, eet alleen rode paprika's. Vanja was op school een soort legende', aldus goede vriendin en jaargenoot (regie) Daria Bukvic. Hij maakte daarover zelfs een voorstelling: The Rukavina Method een knallende performance waarin hij als een goeroe oreert over wilskracht, doelen en succes.

De jongen in het rode pakje lacht vrolijk. 'Ja, in The Rukavina Method parodieer ik mezelf eigenlijk. En moet je me dit nou serieus horen vertellen! Maar het klopt hoor. Op school vonden ze dat ook best gek.' Opgewekt: 'Geen idee waar het vandaan komt. Het klinkt nu extreem, maar voor mij is het normaal. Roken en drinken prima, ik vind het alleen een beetje vies en ik heb geen zin om het me aan te leren nu.

'Ik ben inmiddels wel wat rustiger dan op de toneelacademie. Maar nog steeds: als ik iets wil, wil ik het voor honderd procent. Ik hou niet van half, dan heeft het voor mij geen zin. Dat heeft z'n voor- en z'n nadelen. Ik zie resultaat en weet waarom ik zoveel moeite in iets heb gestopt, dat is positief. Maar ik ben perfectionistisch en kan als een gek stressen. Dat betekent: nooit ontspannen, nooit genieten. Ik probeer daar telkens de balans in te vinden en ik geloof dat dat nu wel beter gaat.'

Altijd al deed hij veel toneel, aan de jeugdtheaterschool en later op de middelbare school in Gouda waar hij opgroeide nadat zijn ouders de oorlog in Bosnië waren ontvlucht. 'Eerst was theater mijn hobby, nu heb ik er mijn werk van gemaakt. Dat gaat goed, godzijdank. En ik heb zo uitgekeken naar deze samenwerking met Susanne, zij heeft zo haar eigen 'wijze', eigen energie, die voel je meteen.'

Susanne Kennedy (1977), het is haar eerste voorstelling bij TA, heeft een specifieke stijl van theatermaken. Veel vorm, geen ingeleefd psychologisch spel, geen dialogen in traditionele zin, weinig tekst überhaupt. Als een terugkerend thema zien we, ook nu weer, een vrouw in een andere hoedanigheid dan de gebruikelijke: als een moeder (Marieke Heebink) met monsterlijke trekken. Rukavina is haar schoonzoon.

'Ze maakt Strindberg dienstbaar aan haar ideeënwereld, aan haar visie. Zij wil een wereld tonen buiten de realiteit, een droomwereld, een ander universum. Ze heeft 90 procent van de tekst geschrapt, ik heb meer cues dan tekst. Daarop ben je niet getraind als acteur, dus je moet de dingen opnieuw uitvinden. Niet zo realistisch mogelijk iets vertellen, juist niet. Het is haar fantasie en ik probeer mijn fantasie daaraan te koppelen, zo zie ik het, en daar kan ik heel enthousiast van raken.

'Het is tof om tussen deze acteurs te staan en op hun niveau mee te doen. Hier is het doorwerken. Het eerste dat Hans Kesting tegen me zei, was zijn tekst. Ik moest gelijk mee. Dat vind ik fijn. En het werken met verschillende regisseurs hier. Met Luk Perceval was het heel ontspannen, geen afspraken, niks vastleggen. Ik raakte totaal van m'n apropos en dat is goed, dan ga je doorzoeken. TA is een geweldige leerplek. Soms is het eng, maar eng hoort erbij. Daarom ga je op.'

'Van spelen geniet ik áltijd. Maar bij maken kom ik mezelf echt tegen. Te perfectionistisch. Ik wil álles zelf doen, en tot in de puntjes. Pfff!'

Hij vertelt tussen neus en lippen door dat hij die avond in Almere Bokko speelt. Dat is de uitgewerkte versie van een schoolvoorstelling met performer Karel van Laere. 'Zuid-Koreaanse discodans met videoprojectie in showvorm. We hebben het onszelf geleerd. Van YouTube. Zes weken lang voor de spiegel. De oorspronkelijke versie duurde maar 10 minuten omdat het fysiek niet langer kon.' Lacht: 'De nieuwe duurt maar liefst 17 minuten.'

'Ik houd erg van dansen. Maar dan ben ik er weer zó op gebrand om het perfect te laten zijn. Weet je, ik heb natuurlijk geen opleiding als regisseur. Alleen wat geluk dat de dingen die ik op school heb gedaan, goed werden ontvangen - en daarvan heb ik gebruik gemaakt. Dus ik moet nog zien hoe ik dat aanpak. Want in een eigen stuk kan ik wel m'n eigen verhaal kwijt, dat wil ik toch blijven doen.'

'Langetermijndenken wil ik niet, kan ik misschien ook wel niet. Op korte termijn wil ik bij TA stappen maken als dat kan. En wie weet ga ik uiteindelijk toch Japans gaan studeren en in Japan wonen, wie weet.'

De pelikaan gaat 23/3 in premiere in de Stadsschouwbug Amsterdam: tga.nl

Bokko staat dit jaar op reizend theaterfestival De Parade.

Japan

'Japan fascineert me. Toen ik klein was, keek ik altijd Japanse tekenfilms. In alles zijn ze extremer dan in het Westen, in de tradities, de technologie, dat gekke Tokio: niks is half. Na de academie ben ik begonnen met de taal. Moeilijk, de hel soms, maar ik vind het leuk. Ik heb privéles van een Japanse vrouw. Tekens leren, dat is als tandenpoetsen. Elke week leer ik er tien nieuwe en elke dag herhaal ik de laatste dertig. Ik was onlangs in Japan en meteen merk ik vooruitgang, ik kan een beetje met mensen praten en dingen lezen, nu.'

Ivo van Hove (1958), directeur van Toneelgroep Amsterdam zag Vanja Rukavina tijdens de open audities en was overtuigd: 'Afgezien van een goede tekstbehandeling, zag ik een persoonlijkheid. Een rustig acteur, een collegiale speler, niet egocentrisch. Hij opereert vanuit een inzicht in de gehele voorstelling, kan zich feilloos invoegen, maar brengt ook iets extra's. Hij speelde bij Luk Perceval, meester van het minimalisme, en nu aan de andere kant van het spectrum, bij Susanne Kennedy in haar expressionistische werk. Hij heeft een brede interesse, zoals hij zich verdiept in de Japanse cultuur, ernstig als een monnik.'

Van Hove Over Vanja

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden