Voorsprong van talige en communicatieve meisjes is schijn

Mooi nieuws natuurlijk: volgens de nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) verdienen jonge vrouwen per uur een ietsepietsje meer dan jonge mannen. Hèhè, het mocht ook wel eens, na al die jaren van kwantitatieve vrouwelijke overmacht op havo en vwo en in het hoger onderwijs. Na al die jaren van ijver. Ze doen het geweldig, de meisjes. Ze halen betere resultaten tijdens school en studie, studeren sneller af, met betere cijfers dan de jongens. Die scoren dan weer hoger op probleemgedrag, zittenblijven, vroegtijdig schoolverlaten, werkloosheid, criminaliteit en contact met Jeugdzorg. Ieder z'n kracht.

Meisjes halen betere resultaten tijdens school en studie, studeren sneller af, met betere cijfers dan de jongens. Beeld Marcel Wogram

Nee, geen wonder dat jonge vrouwen een hoger uurloon hebben. Het zijn diplomatijgers. Van de vrouwen die nu 35 jaar zijn, heeft bijna 43 procent een hbo- of wo-opleiding, tegen 38 procent van de mannen. Een mooie inhaalmanoeuvre: van de vrouwen die rond 1960 werden geboren, had nog geen 25 procent hoger onderwijs doorlopen.

Toch is er geen reden voor een vreugdedans: deze uitbarsting van female power is maar van korte duur. Verdient een vrouw van 23 jaar bij de overheid 15 procent meer dan een mannelijke leeftijdgenoot en in het bedrijfsleven 5 procent meer, op hun dertigste verdient de man in het bedrijfsleven alweer 5 procent meer dan zij en als ze 35 jaar zijn is haar voorsprong ook bij de overheid verdwenen. Hopelijk stevent zij - want van een andere, beter opgeleide generatie - daarna niet af op de deerniswekkende en beschamende salarisachterstand van 27 procent die 56-jarige vrouwen hebben, maar zeker is dat helaas niet.

In de loop van hun carrière halen de sukkelende, drukke, lastige jongens van weleer de vrouwen fluitend in. Zie het alarmerende opiniestuk van Anneke van Doorne en anderen in de Volkskrant van maandag 21 november: vrouwen bekleden zelden topfuncties, in raden van bestuur is 93 procent man, slechts de helft van de vrouwen is economisch zelfstandig en vrouwen hebben 40 procent minder pensioen.

Komt dat allemaal doordat vrouwen kinderen krijgen en dan in deeltijd of onder hun niveau gaan werken? De omslag in salaris na hun dertigste wijst daar wel op. De dure en niet gegarandeerd goede kinderopvang helpt ook niet mee. Het is idioot dat kinderopvang bij ons geen basisvoorziening is en dat we zoiets belangrijks overlaten aan de grillen van de markt. Dat gemis draagt zeker bij tot de droevige arbeidsparticipatie van vrouwen, waardoor we zo'n beetje de risee van het Westen zijn. Maar het is niet de enige verklaring.

Een hoog uurloon zegt niet alles; wie weinig uren werkt, verdient nog weinig. Uit cijfers van het CBS van vorig jaar blijkt dat jonge mannen tot 27 jaar twee keer zo vaak voltijd werken als hun vrouwelijke leeftijdsgenoten: 71 procent tegenover 37 procent. Daardoor is het gemiddelde jaarinkomen van jonge mannen (21 duizend euro bruto) veel hoger dan dat van jonge vrouwen (17 duizend euro bruto).

Dat vind ik schokkend. Want vrouwen onder de 27 jaar hebben doorgaans nog geen kinderen. Waarom zouden ze dan toch parttime werken? Omdat werken geen aantrekkelijke bezigheid is? Omdat werk in de eerste plaats 'leuk' moet zijn? Omdat ze toch kinderen zullen krijgen? Gebrek aan ambitie wellicht?

Daar lijkt het helaas toch een beetje op. Een mentaliteitskwestie; de nog niet uitgeroeide verwachting, bij mannen en bij vrouwen, dat voornamelijk mannen het gezinsinkomen moeten verdienen. Dat zit diep in de opvoeding van Nederlandse kinderen, nog altijd. Dat verklaart het vreemde verschil van 7 procent tussen het salaris van mannen en het salaris van vrouwen in het bedrijfsleven, ook als je corrigeert voor opleidingsniveau en deeltijdwerk.

De enorme voorsprong van talige, communicatieve en gezellig samenwerkende meisjes is schijn. Zij zorgt vooral voor aangepastheid op school en voor kortetermijnsucces. Op den duur zijn zelfvertrouwen, zelfbeeld en toekomstbeeld doorslaggevend. Neuropsycholoog Jelle Jolles heeft gelijk, in een interview in deze krant: we benadrukken de verschillen tussen jongens en meisjes te veel. Het meisjesbrein is niet minder geschikt voor wiskunde en techniek.

Treurig is ook dat van de meisjes die wél een technische opleiding doen, slechts dertig procent in een technisch beroep terechtkomt. En dat van de mannen die de pabo hebben gedaan 63 procent nooit voor de klas komt te staan, terwijl er om hun komst wordt gesmeekt. Het is hoog tijd dat jongens en meisjes in hun school- en studietijd van de hinderlijke, neerdrukkende stereotypie van hun sekse worden verlost.

Aleid Truijens is schrijfster, literatuurrecensente en biografe. Reageren? opinie@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden