Vooroordelen zijn altijd juist en onjuist tegelijk

Volkskrantjournalist Thomas Erdbrink woont in Teheran. Hij bericht op deze plek meestal over het dagelijks leven in zijn land.

Beeld Newsha Tavakolian/Magnum

Goedemorgen! Het wordt weer een mooie dag in Teheran. Ik sla mijn tentdoek open. Daar staan mijn kamelen al, van mijn schoonvader gekregen. Aardige vent. Mijn lange witte jurk zit als gegoten, heerlijk, die wind tussen je benen. Newsha is al brood aan het bakken, natuurlijk wel met haar boerka aan, want dit is wel de islamitische republiek hè.

Toen ik in 2001 in Iran ging wonen, hadden mijn vrienden en kennissen geen flauw idee waar ik naartoe vertrok. Iran, dat is een woestijnland, zo dachten de meesten. De mensen spreken Arabisch, vertelde de bakker me, en vervoer gaat daar nog steeds per kameel of hebben ze ook auto's daar?

Veel mensen probeerden zich een voorstelling te maken van het land, maar kwamen vaak niet verder dan Lawrence of Arabia-achtige visoenen waarbij ik inderdaad als een nomade in een karavaan van oase naar oase zou trekken, af en toe een stukje schrijvend voor de krant.

Andries Knevel, presentator van de Evangelische Omroep, vroeg me ooit live op televisie of ik in Iran in 'een huis' woonde. Ik had natuurlijk moeten zeggen dat Newsha en ik een leuke grot hadden betrokken ('lastig schoonhouden, maar wel veel ruimte') maar ik legde toch maar uit dat ik in een flat van 26 verdiepingen woonde. Knevel deed zijn hand onder zijn kin en zei: 'Ja ja, is het heus?'

Het is menselijk vooroordelen te hebben. Je kunt ook niet alles weten natuurlijk. Zelfs Andries niet. Maar als je aan het ontvangende eind staat van die vooroordelen is het niet altijd makkelijk. Ambtenaren zijn lui. Nederlanders gierig. Vluchtelingen zijn gelukzoekers. Wilders een schreeuwlelijk. Iedereen weet dat het altijd net iets ingewikkelder is. Vooroordelen zijn altijd juist en onjuist tegelijk. Maar na wat uitleg en verduidelijking kun je ze niet blijven herhalen.

Dat Iran een veel moderner land is dan velen lang dachten, weten we onderhand wel. Ik heb helaas geen kameel en zelfs geen leuk ezeltje, want die passen niet in de lift. Newsha zei laatst dat ze echt graag een aapje zou willen hebben. Ik knik dan altijd maar. Ik neem aan dat ze eigenlijk een kind wil. Iraniërs spreken Perzisch en niet Arabisch en, op wat nomaden na, niemand woont er in tenten. O ja, en Newsha kan geen brood bakken.

De grootste verrassing voor mensen die nooit echt over Iran hebben nagedacht, is dat je er geweldig kunt skiën. Sneeuw in Iran, hoe kan dat nou in de woestijn? Weer een vooroordeel van tafel.

Iedere bezoekende tv-journalist die origineel wil zijn, doet dan ook graag een stand-up in de sneeuw en zegt vervolgens met zware, sexy stem: 'Welkom... in Iran!' (Dat had u niet gedacht kijker!) Vervolgens zoeft er dan een meisje zonder hoofddoek door het beeld, waarop de journalist zegt (schuin hoofd naar de camera): 'hier... in de sneeuw... gelden andere regels.'

Bij mij gaat het altijd kriebelen als rond 1 november de toppen van het hoge Alborzgebergte, dat de stad omarmt, weer wit kleurt van de eerste sneeuw. Er zijn vier skigebieden bij Teheran, waarvan een midden in de stad. Althans de lift, een van de langste kabelbanen ter wereld, begint in de stad en gaat dan 3.933 meter omhoog naar het Tochalgebied. Eerst rij je in ski-outfit door de stad, je snowboard of ski's nonchalant door het open achterraam van de auto gestoken, en vervolgens stap je in een ouderwets gondeltje voor twee personen.

Het mooiste moment is als je al stijgend langzaam uit de laag smog in de frisse lucht terechtkomt. De rest van de dag roep je tegen elkaar hoe heerlijk het wel niet is om eindelijk weer eens frisse lucht in te ademen. Na een dag skiën in poedersneeuw daal je dan lachend af naar de verstikkende tombe waarin we de rest van het jaar wonen.

Het skidorp is Shemshak, wat mijn vrienden hier ook wel 'Shibiza' noemen, naar feesteiland Ibiza. Het is een soort erenaam voor de vrijplaats die het ski-resort eigenlijk is. Er zijn drank, drugs en illegale feestjes en het is in feite een vluchthaven voor degenen die de uitzondering op de regel willen zijn.

Want sommige vooroordelen over Iran zijn gewoon waar: alcohol is verboden, net als feestjes. De staat heeft het liefst dat iedereen thuis zit. En waar iedereen in Teheran dus maar achter gesloten deuren doet wat elders niet mag, gebeurt dat allemaal in Shibiza net wat openlijker.

Op de piste rook ik constant een geur die me herinnerde aan het Leidseplein. In de liftjes zag ik mensen met plastic flesjes waar volgens mij helemaal geen water in zat. 'Hier is iedereen vrij om te zijn wie die wil zijn', zei een zweverig meisje tegen me. Vervolgens zag ze een vrouw in een traditionele zwarte chador. 'Gatver, die wil ik hier niet', klaagde ze. Vooroordelen zijn ook in Iran heel gewoon.

Twitter: @thomaserdbrink

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden