Vooral voedseltekort kwelt Egyptenaar

Kiezers in Egypte liggen wakker van de dreigende armoe, niet van academische discussies over al dan niet een seculiere grondwet.

Islamitische partijen hebben bij de verkiezingen in Egypte een grote overwinning behaald, waarbij de enige werkelijke verrassing het succes van de salafistische Partij van het Licht was. Hiermee wordt de trend gecontinueerd die in Tunesië in gang werd gezet, waar de islamitische Al-Nahdapartij eveneens hoge ogen gooide. Slechts voor degenen die de afgelopen jaren op een andere planeet hebben geleefd, kwamen deze resultaten als een donderslag bij heldere hemel. Deze ontwikkelingen hebben een logica.

De islamitische partijen in zowel Tunesië als Egypte verkeerden in een comfortabele uitgangspositie. In beide landen hadden de oude regimes de seculiere en liberale oppositie volledig monddood gemaakt, omdat die veel gevaarlijker werd geacht dan de islamisten. De seculiere oppositie had scherpe kritiek op de ondemocratische aard van de autoritaire regimes, terwijl de islamisten geen moeite hadden met de autoritaire staatsvorm zelf, maar deze slechts meer door de godsdienst geïnspireerd wensten.

Toen de Egyptische president Abdel Nasser in 1952 alle politieke partijen verbood en hiermee de Egyptische democratie om zeep hielp, juichten de Moslimbroeders dit van harte toe.

De islamisten kregen in de oude situatie dus veel meer ruimte dan de seculiere oppositie. Bovendien konden de oude regimes de aanwezigheid van deze islamisten instrumentaliseren om zichzelf te legitimeren door er bij het Westen voortdurend op te hameren dat het enige alternatief voor hun dictatoriale regimes een islamitische machtsovername was. De oude regimes hebben dit islamitische alternatief dus zelf voorbereid door de derde weg van werkelijk democratische partijen stelselmatig af te snijden.

Zo kregen islamitische groeperingen decennialang de tijd om zich uitstekend te organiseren, wat ze thans kunnen verzilveren. Daarom drongen ze zowel in Tunesië als in Egypte aan op snelle verkiezingen om de seculiere oppositie de kans te ontnemen zich ook te organiseren.

De verkiezingsoverwinning van islamitische partijen was ook het resultaat van de hopeloze versplintering van de seculiere oppositie die de afgelopen maanden heeft verspild met onderlinge strijd over weinig essentiële detailkwesties. De seculieren leken veel minder dan de islamisten te begrijpen wat er op het spel stond, dat er verkiezingen moesten worden gewonnen die de koers van hun land zouden bepalen.

De seculiere en socialistische oppositie leed bovendien - in tegenstelling tot de islamisten - onder een identiteitsprobleem, omdat ze zich evenals de oude afgedankte regimes identificeerden als én seculier én socialistisch, waardoor het er de schijn van had dat de boodschap van deze seculiere en socialistische oppositie wezenlijk oude wijn in een nieuwe verpakking was.

In de 20ste eeuw is in de Arabische wereld met vrijwel alles geëxperimenteerd: van nationalisme tot socialisme, van communisme tot privatisering. De Arabische kiezer, die begin 21ste eeuw de balans opmaakt, kan slechts concluderen dat al deze experimenten rampzalig hebben uitgepakt, waarbij de boodschap van de islamisten de enige is die nog nooit is uitgeprobeerd. De positie van de islamisten werd nog versterkt, doordat hun slogan dat 'de islam de oplossing is' het idee gaf dat het hier ging om iets van eigen bodem en niet om een uit het Westen geïmporteerde ideologie.

Bovendien hadden de islamitische partijen van de bestrijding van corruptie een hoofdthema gemaakt in de wetenschap dat dit een van de eerste prioriteiten van de kiezers is. De Palestijnse Hamas haalde bij de verkiezingen in 2006 bijna 85 procent van de stemmen, wat niet betekende dat de Palestijnen plotseling allemaal Moslimbroeder waren geworden. Het was voor veel Palestijnse kiezers een proteststem tegen de door en door corrupte Fatahpartij.

De economische prognoses voor grote delen van de Arabische wereld zijn uitermate somber. Zowel in Tunesië als in Egypte slinken de buitenlandse reserves van de schatkist in snel tempo. Volgens sommige experts heeft Egypte nog net voldoende geld in kas om drie maanden de noodzakelijke import van voedselproducten te financieren. Er heerst massale werkloosheid en bijna de helft van de bevolking leeft onder de armoedegrens van 2 dollar per dag.

Dit zijn de problemen die zowel in Tunesië als in Egypte de kiezers wakker houden, niet de academische discussies over wel of niet een seculiere grondwet.

De vraag is of de islamitische partijen die door de kiezers aan de macht zijn geholpen, dit hebben begrepen. Het gevaar bestaat dat ze zich vooral interesseren voor de morele aspecten van de samenleving. Een Palestijn die onlangs terugkeerde uit de Gazastrook vertelde me dat een van de laatste acties van Hamas bestond uit het sluiten van alle kapsalons voor vrouwen. Of dit is wat de kiezers verwachtten die in 2006 hoopvol op Hamas stemden, valt sterk te betwijfelen.

MARTIN JANSSEN is arabist. Hij woont en werkt in Damascus.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden