Vooral gelijke vlieghoogte is gevaarlijk

Misschien geen bijna-ramp, maar hoe dan ook kwamen twee vliegtuigen op 13 november erg dicht bij elkaar. Is dat normaal?

Is het onverantwoord te spreken van een 'bijna-crash', zoals de luchtverkeersleiding woensdag stelde?

'Een beetje sensationeel is het wel om te spreken van een bijna-crash, zolang het onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid niet is afgerond', zegt luchtvaartdeskundige Hans Heerkens van de Universiteit Twente. Ook een gepensioneerde luchtverkeersleider noemt het per mail voorbarig om nu al van een bijna-crash te spreken. Er is uiteindelijk niets gebeurd.

Dit laat onverlet dat de Onderzoeksraad voor Veiligheid een onderzoek instelt omdat de twee passagiersvliegtuigen die op exact dezelfde hoogte vlogen elkaar al op minder dan een mijl (1,6 kilometer) waren genaderd. De vliegtuigen moesten landen op de naast elkaar gelegen Zwanenburgbaan en de Polderbaan. De transpondergegevens van de vliegtuigen wekken de indruk dat beide op weg waren naar de Polderbaan.

Hoe vaak komen bijna-botsingen in de lucht voor?

Dat is onduidelijk. Vast staat dat botsingen in de lucht zeldzaam zijn. De Nederlandse luchtverkeersleiding is verplicht de Onderzoeksraad voor Veiligheid in te seinen op het moment dat vliegtuigen elkaar te dicht naderen. Het 'overschrijden van het separatieminimum' heet dit in jargon. De onderzoeksraad krijgt 'een aantal van deze meldingen per jaar', zegt een woordvoerder.

Niet alle meldingen zijn even ernstig. Het kan gaan om sportvliegtuigjes die Schiphol net iets te dicht naderen en snel omkeren. Maar 13 november was serieuzer: de onderzoeksraad spreekt van 'een ernstige overschrijding van het separatieminimum'.

Vliegtuigen kunnen tegenwoordig zo precies navigeren dat wanneer een piloot per ongeluk de verkeerde koers intoetst, de kans bestaat dat hij in precies dezelfde baan terecht komt als een ander toestel. 'Maar deze kans is wel heel klein', zegt Heerkens. 'Moderne vliegtuigen zijn uitgerust met alarmsystemen die de piloten tijdig waarschuwen voor eventuele botsingen. Ik ken eigenlijk maar één vliegongeval dat zo tot stand is gekomen en dat was hoog in de lucht.'

Wat houdt het onderzoek van de onderzoeksraad in?

Onderzoekers van de raad verzamelen zo veel mogelijk informatie over het incident. In dit geval ligt het voor de hand dat ze een analyse maken op basis van radarbeelden, het radioverkeer tussen de vliegtuigen en de verkeerstoren en interviews met de piloten en verkeersleiding.

'Het onderzoek zou niet alleen antwoord moeten geven op de vraag of en waarom de vliegtuigen elkaar gevaarlijk dicht zijn genaderd', zegt Heerkens, 'maar bijvoorbeeld ook of er wel voldoende veiligheidsmarges zijn ingebouwd in de aanvliegroutes.' Daarnaast vindt Heerkens het belangrijk te weten wanneer de piloten elkaar voor het eerst hebben opgemerkt en welke instructies ze hebben gehad. 'Was dit alleen een kwestie van een te ruim genomen bocht van vliegers die elkaars positie kenden, of merkten ze elkaar pas op toen ze al parallel naar de baan vlogen?'

Hoe gebruikelijk is het om twee landingsbanen naast elkaar te leggen, zoals op Schiphol?

Dat is de gewoonste zaak van de wereld. Zelfs vliegvelden met drie parallelle landingsbanen zijn geen uitzondering meer. De truc is vliegtuigen op verschillende hoogtes hun laatste bochten te laten draaien. Zolang dat gebeurt, kunnen vliegtuigen nooit botsen. Op 13 november ging dit mis, zegt ook de Onderzoeksraad. De passagierstoestellen van KLM en Garuda manoeuvreerden ieder op 625 meter hoogte met slechts ruim een kilometer onderlinge afstand naar de luchthaven.

Sander Heijne

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden