Voor 'zwarte duivel' Bill Ramakers was deelnemen aan de Veteranendag het hoogtepunt van zijn leven

Het eeuwige leven: Wiel ('Bill') Ramakers (1922-2018)

Bill Ramakers heeft lang moeten wachten op een uitnodiging voor Veteranendag. Die dag in 2014 werd dan wel het hoogtepunt van zijn leven.

Bill Ramakers, premier Mark Rutte en toenmalig minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert tijdens Veteranendag op 28 juni 2014. Foto ANP

Wiel Ramakers was 17 jaar toen hij als lid van het Korps Mariniers in de meidagen van 1940 heldhaftig de Maasbruggen in Rotterdam verdedigde. De Duitse troepen aan de overkant spraken van de 'die schwarzen Teufel' vanwege de donkerblauwe uniformen die de mariniers droegen.

Na de oorlog zou hij nog vechten in Nederlands-Indië. In 1951 emigreerde hij naar Canada waar hij zichzelf William ('Bill') Ramakers noemde. In Nederland was hij al helemaal vergeten. Maar in 2014 schreef hij uit het verzorgingshuis in de Canadese stad London een brief aan het ministerie van Defensie, in de hoop een keer aan de Veteranendag te mogen deelnemen. 'My wish before I pass away is to notify the Korps Mariniers and the Ministry of Defence of my status.' ('Mijn wens voordat ik er niet meer ben is het Korps Mariniers en het ministerie van Defensie op de hoogte te stellen van mijn verleden').

Hoogtepunt

Het leidde tot een uitnodiging om naar Nederland te komen. Het was gezien zijn hoge leeftijd tegen de zin van zijn dochters Beth en Mary. Maar hij liet zich daardoor niet weerhouden. 'Ik sterf nog liever in het vliegtuig, dan dat ik het niet probeer', zei hij tegen het AD. In de zomer van 2014 was hij op 92-jarige leeftijd aanwezig bij de Rotterdamse Veteranendag in de Van Ghent-kazerne en de landelijke Veteranendag in Den Haag.

Ramakers werd daar toegesproken door premier Rutte ('Wat een held, ik ben ontroerd door zijn verhaal') en minister Hennis van Defensie (Meneer Ramakers, het is een grote eer om u vandaag in ons midden te hebben. U heeft mij verteld: 'I am supposed to be a hero, but I am just an ordinary guy...') en ontmoette ook koning Willem-Alexander. Hij zag het als het hoogtepunt van zijn leven. 'We werden echt als koninklijke gasten ontvangen. Het was overweldigend', zegt zijn dochter Beth.

Uiteindelijk overleed hij op 5 februari dit jaar in London, Canada. 'OLD SOLDIERS NEVER DIE' stond onder de overlijdensadvertentie in de lokale krant.

Krijgsgevangen

Ramakers werd geboren in een katholiek gezin van negen kinderen in Vaals. Zijn vader was handarbeider en toen die werkloos werd, raakte het gezin in grote armoede en woonde in een zelfgetimmerd hutje dat uiteindelijk omwaaide.

In 1931 vond zijn vader een baan bij Philips en verhuisde het gezin naar Eindhoven. In februari 1940 meldde de pas 17-jarige Wiel zich als vrijwilliger bij het Korps Mariniers. Hij werd gelegerd in de marinierskazerne aan het Oostplein in Rotterdam. Daar werden ze op 10 mei 1940 's morgens vijf uur ruw gewekt door Duitse vliegtuigen. Met 25 mariniers moesten ze de Duitsers weghouden van de bruggen. 'We schoten maar we wisten niet of we iemand raakten', zei hij bij zijn bezoek aan Nederland. Ze verschansten zich in het het Witte Huis waar ze brood vonden en boter dat smaakte naar stopverf. Toen vier dagen later het bombardement op Rotterdam plaatsvond waren ze al krijgsgevangen gemaakt. Tijdens de oorlog zou hij drie keer worden opgepakt en drie keer weten te ontsnappen.

Richting Canada

Na de oorlog kreeg hij een verdere mariniersopleiding in Camp Lejeune in de VS, waarna hij werd uitgezonden naar Nederlands-Indië. Na terugkeer in Nederland was de situatie niet ideaal. Hij kon geen huis vinden en tot overmaat van ramp overleed - na zijn huwelijk met Anneke Linders - zijn eerste kind. In Canada kon hij werk vinden als instrumentenmaker en later als hoofdtechnicus bij de University of Western Ontario.

'Hij sprak veel over Nederland maar nooit over zijn tijd bij de mariniers, totdat onze moeder overleed', aldus Beth Linders.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.