'Voor vrouwen in Irak komt het gevaar uit alle hoeken'

Naam: Shirouk Al-Abayachi..

Janny Groen

In oktober 2003 ging Shirouk Al-Abayachi even 'sfeer proeven' in Bagdad. Ze was sinds haar vlucht, eind jaren zeventig, niet meer in Irak geweest. En het kriebelde. Shirouk had zoveel gehoord over moedige vrouwen die, chaos en gevaar trotserend, zich inzetten voor hervormingen in Irak, die strijden voor meer vrouwenrechten. Ze wilde met hen praten, van hen zelf horen wat hen inspireert.

Het korte bezoek verstevigde haar verlangen voorgoed terug te keren. 'Ik kon mijn vaderland niet opnieuw in de steek laten', zegt ze, tijdens een bliksembezoek aan Nederland. 'Het Irak dat ik had gekend, was volledig vernield. Natuurlijk, het is er verschrikkelijk gevaarlijk, voor alle burgers. Er zijn bomaanslagen, mensen worden vermoord en gekidnapt. Niet alleen door terroristen, vooral ook door criminele groeperingen. Gijzeling is big business. Vrouwen worden zelfs uit hun huizen geroofd. Het land is volstrekt ontredderd. Ik durf te beweren dat Irak er erger aan toe is dan Europa na de Tweede Wereldoorlog.'

Maar juist omdat Irak 'helemaal van de grond af moet worden opgebouwd' zijn er nieuwe kansen, denkt Shirouk, die werkt voor de vrouwenorganisatie Al-Amal (een partner van het IKV). Ze nam het moeilijke besluit zich, na ruim 25 jaar ballingschap, weer in Irak te vestigen en haar 17-jarige zoon in Europa achter te laten. 'Voor hem is het in Irak veel te gevaarlijk.'

Shirouk woonde in Oostenrijk. Na haar vlucht uit Irak verbleef ze enige tijd in Libanon. 'Ik dacht dat ik na enkele maanden wel weer kon terugkeren.' Dat viel bitter tegen. De burgeroorlog in Libanon dreef haar naar Praag. Ze leerde Tsjechisch en voltooide haar studie bouwkunde. Intussen werd ze verliefd op een Irakees uit Oostenrijk. Ze verhuisde opnieuw, leerde Duits, kreeg een zoon en werd actief in de vrouwenbeweging. 'Ik heb het feminisme in mijn genen', zegt ze.

Haar moeder en grootmoeder waren pioniers in de Iraqi Women's League, die in 1952 is opgericht. Irak heeft altijd een sterke vrouwenbeweging gehad. Iraakse vrouwen waren beter opgeleid dan die van andere landen in de regio. Maar toen kwam Saddam en hoewel vaak wordt gesuggereerd dat vrouwen het in het seculiere Irak veel beter hadden dan hun seksegenoten in de omringende moslimlanden, zegt Shirouk dat de dictatuur de vrouwenbeweging 'minstens een halve eeuw in de tijd heeft teruggeworpen'.

Van een levendige beweging was geen sprake meer. 'Wat restte was een dociele vrouwenafdeling van de Baath-partij, die geen enkele bewegingsvrijheid had, slechts een instrument was in handen van Saddam.'

Natuurlijk, veel vrouwen hadden een baan tijdens het bewind van Saddam en ze doken op in de politiek, zegt Shirouk. 'Maar tijdens de oorlog met Iran werkten de meeste vrouwen zestien uur per dag. Thuis en buitenshuis. De mannen waren aan het vechten.' Na de oorlog werden de vrouwen weer naar de keuken gestuurd. Door de internationale sancties verslechterde de economie in rap tempo.

Shirouk: 'Daar hadden vooral vrouwen onder te lijden. Sinds 1991 worden steeds minder meisjes naar school gestuurd, jongens hebben voorrang in het onderwijs.' Toen Saddam in 1996 'om politiek-strategische redenen het masker van de islam opzette', werd het voor vrouwen nog beroerder. Strenge varianten van de islam wonnen aan invloed. Eerwraak stak de kop weer op en wanhopige vrouwen, die zichzelf en hun familie volgens fundamentalisten te schande hadden gemaakt, gingen over tot zelfverbranding.

De positie van vrouwen is nog altijd zeer slecht in Irak, zegt Shirouk. 'Als je puur naar de veiligheid kijkt, was het tijdens Saddam rustiger. De mensen wisten hoe ze problemen konden omzeilen.' Maar nu komt het gevaar uit alle hoeken. Shirouk: 'Iedereen kan de vijand zijn: Amerikanen, Al Qa'ida, het Mahdi-leger van Muqtada al-Sadr.' Voor vrouwen komen daar nog de gevaren bij die dreigen vanuit fundamentalistische hoek. Nu de shi'ieten niet meer onderdrukt worden, manifesteren hun vrouw-onvriendelijke leiders zich openlijk. En ook soennitische scherpslijpers laten zich niet onbetuigd.

En toch koestert Shirouk hoop. 'De allereerste demonstratie na de Amerikaanse invasie werd georganiseerd door vrouwen. De pioniers van weleer liepen mee, 70-jarige vrouwen met stok. Maar ook jonge vrouwen. Sommigen waren gesluierd, maar ze hebben wel politiek elan.'

Met een delegatie van Al-Amal bezocht ze dit voorjaar Najaf. Ze sprak daar met de vrouw van Al-Sadr over een vorm van samenwerking en de wens de religieuze verschillen te begraven. 'We hebben niets bereikt. De Amerikanen zijn alleen maar in Irak om de islam te vernietigen, zei mevrouw Al-Sadr op verbeten toon. De deur zit daar potdicht.'

Ontmoedigen laat ze zich niet. Shirouk zal niet opnieuw vluchten. 'Als we nu niet blijven vechten voor hervormingen, dan kunnen we het wel vergeten. Dat heeft het tijdperk-Saddam ons geleerd. Nu worden de nieuwe wetten geschreven. We moeten blijven.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden