Voor Syrië wordt de beurs niet getrokken

De ellende is groot: honderdduizenden Syriërs zijn op de vlucht geslagen en zitten in een oud schoolgebouw in eigen land, of in een lek tentje in een ijzig vluchtelingenkamp. Ze hebben niets meer: geen schoenen, geen dekens, geen eten. Toch is er in Nederland geen grote actie op gang gekomen om hen te helpen.

AMSTERDAM - 'Het klinkt verschrikkelijk', zegt Herman Volker van de Stichting Vluchteling, 'maar bij een natuurramp is het veel gemakkelijker om geld te werven dan bij een lopend conflict. Mensen denken bij Syrië aan vechtende partijen omdat ze daarover in de krant lezen. Voor de humanitaire nood is echter weinig aandacht, en daardoor wordt het publiek voorzichtiger met donaties. Want ja, naar wie gaat die hulp dan?'


Ook andere organisaties merken dat mensen graag willen helpen na een overstroming of een aardbeving, maar zodra ergens wordt gevochten, gaat de hand op de knip. 'Waarom?', verzucht Merlijn Stoffels van het Rode Kruis. 'Allereerst is een conflict nogal onoverzichtelijk: het duurt lang, mensen vragen zich af of je überhaupt kunt helpen als er nog wordt gevochten en niemand wil natuurlijk dat zijn geld bij een bepaalde partij terecht komt.'


Maar het publiek lijkt vooral niet te zien dat er gewone burgers worden getroffen. Hulporganisaties kunnen wel degelijk iets voor deze mensen doen. Stoffels: 'We moeten constant met alle strijdende partijen onderhandelen om onze konvooien op weg te krijgen, maar uiteindelijk bereiken we de slachtoffers wel.'


Alle organisaties die de Volkskrant heeft gesproken, verlenen hulp aan Syrische vluchtelingen. Ze hebben bij de eigen achterban aandacht voor de situatie gevraagd: op de websites is Syrië terug te vinden, er zijn brieven naar de vaste donateurs gestuurd, er is getwitterd, en er zijn kleine advertenties geplaatst. Ze zeggen dat hier goed op is gereageerd, maar uiteindelijk blijft het een druppel op de gloeiende plaat. 'Er is zoveel geld nodig', zegt Martin de Beer van Unicef. 'We hebben 68 miljoen dollar nodig om alle kinderen in de vluchtelingenkampen echt te kunnen helpen, en daar is 20 procent van binnen.'


Hoe hoog de nood ook is, een grote campagne zit er voorlopig niet in. Cordaid is op dit moment voorzitter van de Samenwerkende Hulporganisaties en natuurlijk, zegt woordvoerder Jos de Voogd, is er ook binnen dit verband over Syrië gesproken. Maar giro 555 wordt vooralsnog niet opengezet. 'Dat heeft niets te maken met de ernst van een ramp', zegt De Voogd. 'Maar hoe hard het ook klinkt: we moeten wel het idee hebben dat een campagne geld gaat opleveren.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden