Nieuws Asielzoekers

Voor het eerst in twee jaar meer asielzoekers in Nederlandse azc's: hoe kan dat?

Na een dalende trend van twee jaar is het aantal asielzoekers dat in Nederlandse azc's verblijft weer gestegen. Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) heeft de afgelopen maanden tweeduizend flexibele slaapplekken vrijgemaakt. Deze drie redenen liggen hieraan ten grondslag.

Een groepje ontevreden vluchtelingen verlaat opvangcentrum Heumensoord bij Nijmegen Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

1. Het aantal asielaanvragen is toegenomen

Hoewel de vluchtelingencrisis over zijn hoogtepunt heen is, vormen Syriërs nog altijd de grootste groep asielaanvragers in Nederland. Vorig jaar vroegen 2.200 Syriërs asiel aan, dit jaar stond de teller in augustus al op iets meer dan 3.500. Ter vergelijking: tijdens de piek in 2015 vroegen 27.700 Syriërs asiel aan. Na Syriërs voeren Eritreeërs, Iraniërs en Irakezen de lijst aan.

Opvallend is de toestroom van vluchtelingen uit Algerije, Turkije, Marokko en Moldavië. Hoewel in al deze landen sprake is van politieke onrust, worden Marokko en Algerije door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) als ‘veilig’ aangemerkt. Vluchtelingen uit deze landen moeten via een verkorte procedure met extra zware bewijslast aantonen waarom het land voor hun écht onveilig is. ‘Het merendeel van deze personen maakt geen aanspraak op een verblijfsvergunning’, aldus een woordvoerder van de IND. Soms wordt een uitzondering gemaakt, bijvoorbeeld voor lhbt’ers die in eigen land moeten vrezen voor vervolging.

‘Ook mensen uit veilige landen hebben tijdens hun procedure recht op opvang’, zegt Jan Willem Anholts, woordvoerder van het COA. De opvangorganisatie voor vluchtelingen heeft tweeduizend extra opvangplaatsen beschikbaar gesteld voor de jongst gearriveerde groep vluchtelingen. Dit zijn zogenaamde ‘reserveplekken’; plekken die zijn ingericht voor het geval er acute vraag ontstaat naar bedden. Onder meer de azc’s in Harderwijk, Rotterdam, Weert en Ter Apel hebben ruimte om op te schalen.

2. Statushouders krijgen minder makkelijk een huurwoning

Zodra een asielzoeker een verblijfsvergunning krijgt, wordt hij aan een gemeente gekoppeld. Die zoekt vervolgens passende woonruimte. Vrijwel altijd wordt een beroep gedaan op sociale huurwoningen van woningcorporaties, maar het aanbod in deze sector is schaars. Dit komt omdat er weinig doorstroom is, zegt een woordvoerder van de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG). ‘Het aanbod van koopwoningen en in het middenhuursegement laat te wensen over.’

Het gevolg is dat vergunningshouders – en met name de grote gezinnen, alleenstaanden en mensen met een medische beperking – langer moeten wachten. Namelijk: 14 weken. Kort geleden bedroeg de gemiddelde wachttijd nog tien weken. Statushouders verblijven in deze periode in de azc’s. Momenteel maken 22 duizend mensen gebruik van de opvang, van wie er 6.500 een verblijfsvergunning hebben en dus aanspraak maken op een huurwoning.

Geen voorrang

Er is nog een reden waarom de doorstroom naar huurwoningen minder soepel verloopt: gemeenten zijn na een wetswijziging vorig jaar niet langer verplicht om statushouders voorrang te geven op sociale huurwoningen. 

‘Meer dan in het verleden zijn er concurrerende urgente groepen’, zegt de woordvoerder van de VNG. ‘Te denken valt aan dak- en thuislozen en jongeren die uitstromen uit de ggz. Het lijkt erop dat gemeenten na twee tot drie jaar vrijwel absolute voorrang aan vergunninghouders nu vaker ook voor huisvesting van deze groepen kiezen.’

De gemeente Castricum kondigde vorige week aan daadwerkelijk navolging te geven aan de mogelijkheid om statushouders als urgentiegroep op de woningmarkt te schrappen. Ook in Purmerend zijn er plannen in die richting.

Het COA is momenteel in gesprek met de gemeenten om alternatieven te bedenken voor het huisvestingsprobleem van statushouders. Zo wordt bijvoorbeeld gekeken of alleenstaande statushouders die wachten op nareizende familieleden toch alvast een woning toegewezen kunnen krijgen.

3. Het afhandelen van de asielaanvraag duurt langer

De IND, de organisatie die beoordeelt of een asielzoeker recht heeft op een verblijfsvergunning, kampt met een personeelstekort. ‘Er zijn recent zeventig vacatures opengesteld’, aldus een woordvoerder. De al aangenomen medewerkers worden nu opgeleid. De komende maanden zal het aantal vacatures alleen maar oplopen, is de verwachting.

Vanwege het personeelstekort loopt de wachttijd voor het afhandelen van een asielaanvraag op – nog een reden dat asielzoekers langer in de azc’s verblijven. 

In de wet is opgenomen dat de IND binnen zes maanden een beslissing moet nemen over een asielaanvraag. Verlenging tot 18 maanden is mogelijk. De gemiddelde wachttijd van alle eerste asielaanvragen die in juli en augustus van dit jaar zijn ingediend is zo’n 19 weken, laat de IND desgevraagd weten. 

De duur is afhankelijk van de complexiteit van de aanvraag. Sommige aanvragen, met name uit de ‘veilige’ landen, worden binnen drie weken al afgerond. Bewerkelijke aanvragen, waarvoor veel bewijslast moet worden aangedragen, duren soms 44 weken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden