Voor fundamentalist bestaat Satan echt

Geruststellende woorden over het moslimfundamentalisme zijn niet op zijn plaats, meent Leon de Winter. Bij vrije verkiezingen zouden in de meeste Arabische landen de fundamentalisten een goede kans maken te winnen....

IN HUN artikel 'Een nieuwe Koude Oorlog' (Reflex, 15 september) maken Pieter Hilhorst en Hans Wansink een onjuiste balans op van de rol van het fundamentalisme in de Arabische wereld. Zij noemen Samuel Huntington, de schrijver van The Clash of Civilizations - waarin hij wijst op het nabije gevaar van de botsing van religieus-culturele machtsblokken - niet minder dan 'gevaarlijk'.

Het gedachtengoed van het fundamentalisme wordt echter door een groot deel van de moslimwereld gedragen. Nog steeds wenst een meerderheid een bestaan in symbiose met de moderniteit van het Westen. Er zijn ook moslims die pogen de islam te moderniseren, maar dat is in de Arabische wereld zo goed als onmogelijk. Een vrij discours naar westerse normen over religie is er een taboe, net als het waardenvrij bedrijven van wetenschap.

In hun artikel vergeten Hilhorst en Wansink te wijzen op het gevecht om de hegemonie in de Arabische wereld. Dat is voorlopig door het fundamentalisme verloren, maar de ontwikkelingen wijzen erop dat dit slechts een slag was in een oorlog die eindeloos lang zal aanhouden en waarin het Westen sinds 11 september met huid en haar betrokken is.

Net als het pre-diaspora jodendom is de islam een agressieve, pan-tribale religie, die het leven in een groot aantal wetten en regels reguleert om eenheid, orde, sociale cohesie en uitzicht op een leven na de dood tot stand te brengen. Deze wetten bestrijken elk onderdeel van het menselijke bestaan. Zoals het ultra-orthodoxe jodendom is de islam een manier van leven, niet een westers geloof dat als een jas op zondag wordt aangetrokken en de rest van de week in de kast hangt.

Deze religieuze cultuur kon zich binnen een enkele generatie tot een grote militaire, economische en culturele macht ontwikkelen, die buiten de Koran om - in de echte aardse wereld - een milennium lang de wereld beheerste.

De opkomst van christelijk Europa in de zestiende en zeventiende eeuw verliep parallel aan de teruggang van de Arabische cultuur, die zich niet kon vernieuwen door het uitblijven van hervormende bewegingen vergelijkbaar met het protestantisme, de Verlichting, en later het socialisme.

Toch bleef de islam zichzelf zien als een superieure religieuze cultuur, wat ook niet anders kan omdat dit aspect een wezenlijk onderdeel is van de leer. De islam verschaft de arme en machteloze zelfrespect en identiteit. Het feit dat de islam ruim tweehonderd jaar geleden zijn economische en militaire greep begon te verliezen, kan met de leer van superioriteit en uitverkorenheid niet worden verenigd. De conservatieve islam sluit uit dat minderwaardige religies, laat staan ongelovigen, de wereldheerschappij verwerven. Om de moslims op achterstand te zetten heeft iemand vals spel gespeeld, en over de vraag wie die valsspelers zijn, kan geen misverstand bestaan: de verachtelijke christenen en joden.

De praktijk van de islam sluit niet uit dat de valsspeler over bovennatuurlijke krachten beschikt. De historicus Emmanuel Sivan, een van de grote onderzoekers van het fundamentalisme, schrijft in Radical Islam (Yale, 1990) over de wereld van de conservatieve islam (iets dergelijks had hij trouwens ook over het ultra-orthodoxe jodendom kunnen schrijven): 'Een wereld bevolkt door geesten, de zielen van de doden, jinn (onzichtbare wezens) van het schadelijke en vriendelijke soort; een wereld belaagd door de magie van de Verleidende Satan en zijn demonen, waar de gelovige kan worden bevrijd door heilige mannen en engelen en, als het nodig is, door wonderen; een wereld waar communicatie met de doden (vooral van de eigen familie) een alledaagse gebeurtenis is en waar de aanwezigheid van het bovennatuurlijke als echt, bijna tastbaar, wordt beschouwd.

In deze magische wereld, die voor vele conservatieve moslims een levende realiteit vormt, zijn natuurlijke en bovennatuurlijke samenzweringen aan de orde van de dag. En wat in het Westen door niet-moslims tot stand is gebracht, kan niet anders dan op rekening van Satan worden geschreven. De termen Grote Satan (VS) en Kleine Satan (Israël) die fundamentalisten gebruiken, moeten letterlijk worden begrepen.

Bij hun terugtrekking uit de Arabische en islamitische wereld gaven de Europese koloniale mogendheden de macht over aan traditionele autocratische vorstenhuizen, die vervolgens in meerderheid door militaire coups sneuvelden. Voor de massa's maakte dat weinig uit. Armoede en gebrek bleven de levens van de meeste Arabieren kenmerken.

De wrok en haat tegen het decadente Westen, dat de superieure islamitische wereld door zijn overheersing beledigd en verminkt had en na zijn terugtrekking aan egoïstische regiems had overgeleverd, namen hierdoor niet alleen toe, zij werden erdoor, zoals psychologen zouden zeggen, geïnternaliseerd.

De fundamentalisten ontfermden zich over deze woede (door de grote arabist Bernard Lewis 'the moslim rage' genoemd) en leerden de gelovigen dat hun armoede en onmacht samenhingen met het niet of gebrekkig toepassen van de shari'a, de islamitische wetten, die streng maar goddelijk zijn. Van het ontbreken van de shari'a hadden de ongelovigen, gesteund door Satan, geprofiteerd. De fundamentalisten zetten hulpgroepen op, creëerden netwerken, boden steun aan de talloze armen, die vaak analfabeet waren. De aanhang van het fundamentalisme, dat zich met name organiseerde in de Moslim Broederschappen, nam hierdoor gigantisch toe.

In elke Arabische staat staan de heersende - verwesterde - elites op gespannen voet met bewegingen als de Moslim Broederschappen, die regelmatig coups plegen, terreur uitoefenen, sociale spanningen stimuleren. In Egypte bij voorbeeld vormt de Moslim Broederschap, na een strijd in het begin van de jaren negentig die Moebarak optisch heeft gewonnen, een belangrijke maatschappelijke kracht die concessies van de elites afdwingt en de staat in de richting van de invoering van de shari'a duwt.

Het is binnen dit kader van belang op te merken dat een vrije Palestijnse staat door fundamentalisten net zo hevig zal worden bestreden als Syrië of Egypte; alleen een fundamentalistisch Palestina, als onderdeel van een fundamentalistisch Pan-Arabië, kan worden geduld. Het argument dat de huidige crisis vooral samenhangt met het Israëlisch-Palestijns conflict, vervalt hierdoor.

Toch slagen de radicalen er niet in, op Soedan, Iran en Afghanistan na, in een Arabisch land de staatsmacht te grijpen. Het is ironisch (en angstaanjagend) dat juist het ontbreken van democratische staatsstructuren, in combinatie met vaak zeer bloedige repressie, voorkomt dat het fundamentalisme aan de macht komt. Bij vrije verkiezingen zou in elk Arabisch land de Moslim Broederschap of een beweging die daarop lijkt de staatsmacht kunnen veroveren. Dit dreigde in juni 1991 in Algerije te gebeuren, waar bij vrije verkiezingen de radicale FIS won. Het - verwesterde - leger draaide de uitslag terug en een verwoestende burgeroorlog begon.

De extreem gewelddadige variant van het islamitisch fundamentalisme wordt belichaamd in de terrorist van het Bin Laden-soort. Wat Bin Laden nastreeft, verschilt slechts in nuancen en taktisch opzicht van de Moslim Broederschappen, die zich primair op Arabische landen richten. In de magische denkwereld van het fundamentalisme is in de oorlog die gevoerd wordt alles geoorloofd: het strijdt tegen een kosmisch kwaad, dat met letterlijk alle mogelijke middelen moet worden vernietigd.

Aangezien het nauwelijks mogelijk is om de elites in de Arabische staten van binnenuit te slopen, heeft Bin Laden zich gericht op hun beschermheren, de Satans in het decadente Westen. Als het mogelijk is om het Westen te ontregelen, door zijn economische centra te verlammen, dan zullen ook de Arabische staatsstructuren instorten en kan de shari'a worden ingevoerd.

Ook Arabische en islamitische leiders hebben zich gehaast de aanslag te veroordelen, schrijven Hilhorst en Wansink opgewekt zonder te nuanceren. Deze nuance luidt: zonder westerse steun kunnen de autoritaire leiders van de Arabische staten hun machtsstructuren niet in leven houden.

De fatale ontwikkelingen in de fundamentalistische islam wijzen dus wel degelijk - helaas - op het gelijk van Samuel Huntingtons theorie over de nabije oorlog tussen beschavingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden