Reportage Kinderpardon

Voor dit Armeense gezin kwam het kinderpardon net te laat. Hoe vergaat het hun nu?

Voor het Armeense gezin Grigoryan kwam het coalitieakkoord over een kinderpardon twee dagen te laat. Correspondent Tom Vennink laat zien wat er na hun uitzetting gebeurde en zocht ook andere gezinnen op die na jarenlange verblijven in Nederland moesten vertrekken.

Hovik Grigoryan, zijn vrouw Naira en hun kinderen Shushan (9), Vrej (5) en Jemma (4) zijn terug in in Gjoemri waar Grigoryan geboren is. Beeld Yuri Kozyrev

De 9-jarige Shushan is al een paar weken niet naar basisschool Het Anker in Emmen geweest en vandaag komt ze weer niet opdagen. Ze zit met haar ouders op de achterbank van een rammelende Opel in het noordwesten van Armenië. ‘Ze moeten hier wat witte strepen in het midden van de weg trekken’, zegt ze. ‘Dan gaan de auto’s niet zo, boem, tegen elkaar.’

Ook de bestrating kan beter. ‘Helemaal kapot, allemaal gaten en overal ijs’, luidt haar oordeel.

Wegens de reis naar de hobbelwegen van Armenië komt Shushan deze week ook niet naar het zwembad van Emmen om af te zwemmen. Terwijl ze maanden geoefend heeft. Een handstand op de bodem van het bad is geen enkel probleem voor haar.

Waarom ze zo nodig naar Armenië moest? Shushan haalt haar schouders op. ‘Ik begrijp niet wat we hier doen.’

Voor het gezin Grigoryan kwam het coalitieakkoord over een kinderpardon twee dagen te laat. Er was al een meerderheid in de Tweede Kamer toen ze van het asielzoekerscentrum in Emmen naar het detentiecentrum in Zeist werden vervoerd. De advocaat van de familie eiste uitstel. Tevergeefs. Op 21 januari werden Shushan (9), Vrej (5), Jemma (4) en hun ouders per vliegtuig naar Armenië gedeporteerd, na negen jaar Nederland.

Het gaat vaak over Armeense families in het debat over het Nederlandse uitzettingsbeleid. De ternauwernood ingetrokken uitzetting van de tieners Lili en Howick gaf de aanzet tot een nieuw kinderpardon. Andere Armeense gezinnen moesten wel weg, vaak na meer dan tien jaar in Nederland, met kinderen die er opgegroeid zijn. Of zulke gezinnen voortaan mogen blijven is onduidelijk – de nieuwe criteria van het kinderpardon zijn nog niet bekend.

Dit is een verhaal over wat er na uitzetting gebeurt. Waar belanden de gezinnen die na jarenlange verblijven in Nederland moeten vertrekken?

Hmayak Gasapayan heeft geen geld meer voor zijn huurwoning in Jerevan. Beeld Yuri Kozyrev

In de rammelende Opel van een taxichauffeur is het gezin Grigoryan bezig aan het eerste uitstapje in Armenië. ‘Ik ga opa en oma voor het eerst van mijn leven zien’, zegt Shushan verheugd. ‘Ze wonen op de begraafplaats.’

Shushans grootouders zijn omgekomen tijdens de aardbeving van 1988 in het noordwesten van Armenië. Naast het graf ligt de rest van de familie. Nee, haar vader Hovik Grigoryan heeft niemand meer over hier. ‘Als we in Armenië blijven, ligt papa daar straks ook’, zegt Grigoryan tegen zijn 9-jarige dochter.

Radeloos is hij. Het geld, 800 euro bij aankomst, is bijna op. Uitgegeven aan hotelovernachtingen in de eerste dagen in hoofdstad Jerevan. Aan eten. En aan het bestelbusje naar Gjoemri, de tweede stad van Armenië.

Grigoryan is terug in de straat waar hij geboren is. Dertig jaar geleden kwam hier een einde aan het gezin van zijn ouders, nu moet hij voorkomen dat hetzelfde gebeurt met zijn eigen gezin. Destijds ving een familie in Wassenaar hem op, nu staat hij er alleen voor.

Een oude vriend van zijn ouders heeft tijdelijk een kamer ter beschikking gesteld. Het is er koud, vies en het dak is lek. Niet te vergelijken met hun oude woning in het asielzoekerscentrum in Emmen. ‘Daar had ik mijn hele leven kunnen wonen’, zegt Grigoryan.

Zijn enige hoop is om hier paspoorten te regelen voor zijn kinderen. Dan kunnen ze misschien naar school in Jerevan, zegt hij. Armeens leren, want dat spreken en lezen ze nauwelijks. Maar dan moet hij wel verblijf regelen. Hoe? In kansen op een baan gelooft hij niet. ‘Mensen hebben hier al twintig jaar geen werk’, zegt hij terneergeslagen.

Meer dan een kwart van de Armeense bevolking leeft onder de armoedegrens en dat zie je. Autowrakken langs de kant van de weg. Wegroestende marktkraampjes. Nooit afgebouwde huizen.

Toch lukt het Hmayak Gasapayan (43) om hier te overleven. Nederland zette hem en zijn gezin in oktober uit, na tien jaar in azc’s. Gelogen over zijn identiteit bij aankomst in Ter Apel, hij heeft er nu spijt van. ‘In Ter Apel zeiden andere Armenen tegen me dat ik een andere achternaam moest opgeven. Ik wist niet hoe zo’n procedure werkt’, zegt Gasapayan, die naar eigen zeggen voor corruptie vluchtte.

Zijn voordeel bij terugkomst in Jerevan: zijn financiële buffer. Verdiend als schilder, timmerman, klusjesman. Bij de garage waar hij zwart werkte, zouden ze hem zo weer aannemen, zegt hij. ‘De jonge generatie in Nederland wil niet klussen, maar computeren.’

Van het geld huurde hij een woning in Jerevan. Zijn kinderen konden al snel naar school. Arsen (8), geboren in Arnhem, ‘kan overal wel aarden’ volgens Gasapayan. Annahit (13) vindt het moeilijker. ‘Ze wordt gepest omdat ze Armeense woorden niet goed uitspreekt’, zegt haar vader. En ze was zo graag naar de middelbare school in Nederland gegaan. Dierenarts worden, dat was haar droom.

Hovsep Khachatryan pakt van alles aan om zijn gezin te onderhouden. Zijn huis is warm, maar hij zou zo terugverhuizen. Beeld Yuri Kozyrev

Gasapayan praat graag over zijn kinderen, maar laat ze liever niet zien. Hij schaamt zich voor zijn thuissituatie. Het geld voor de huurwoning is op. Nu verblijft zijn gezin bij de ouders van zijn vrouw en bij zijn eigen ouders, waar ook nog andere mensen verblijven. ‘Veel mensen, kleine plek.’

Een groot probleem volgens de teruggekeerde gezinnen zijn de werkomstandigheden in Armenië. ‘Met het betegelen van badkamers verdiende ik in Nederland 15 euro per uur, nu 13 per dag’, zegt Gasapayan. Niet genoeg voor levensonderhoud en woonruimte voor een gezin.

‘Wie geen stabiele inkomstenbron vindt, gaat uiteindelijk opnieuw emigreren’, zegt Lusine Stepanyan. Ze werkt bij Caritas Armenië, een stichting die jaarlijks de honderd kwetsbaarste terugkeerders ondersteunt, voornamelijk met overheidsgeld uit de Europese Unie. Ze zegt begrip te hebben voor het Nederlandse uitzettingsbeleid, maar pleit voor meer ondersteuning in het eerste jaar na uitzetting. ‘Gezinnen hebben vaak niets als ze hier komen. Geen plek om te wonen, geen inkomstenbron, geen sociaal leven.’

Krijgen ze daar meer hulp bij, dan is een nieuw leven in Armenië voor sommige mensen wel degelijk mogelijk, zegt ze. ‘Ik houd er niet van als mensen met de reputatie van Armenië spelen om in een Europees land te blijven.’

Als er iemand is die niet klaagt, dan is het Hovsep Khachatryan. Bij de ingang van zijn flatgebouw in een buitenwijk van Jerevan blijft hij maar handen schudden van voorbijgangers. Iedereen kent de vrolijke Khachatryan in zijn blauwe werkoverall van Marel, een machinebedrijf in Boxmeer.

‘Je moet blijven lachen’, zegt Khachatryan.

In Nederland werd hij een voorbeeldige immigrant genoemd. Vaste baan als lasser bij het machinebedrijf, hoekwoning in Boxmeer, vrouw, kinderen, vrienden. ‘Huisje-boompje-beestje, zeg je dan, hè’, lacht Khachatryan. Maar toen hij in 2016 naar het gemeentehuis stapte om op te biechten dat hij in 1999 een valse achternaam had gebruikt, zette de Immigratie- en Naturalisatiedienst een uitzettingsprocedure in gang.

Met lassen in Jerevan krijg je geen huisje-boompje-beestje. Dus doet hij er sinds zijn komst halverwege 2016 van alles naast: riolen ontstoppen, afval opruimen. De opbrengsten zijn net genoeg om te voorzien in levensonderhoud en huur van de flat. Bij hem thuis is het warm.

Vrienden en kennissen in Nederland maken nog steeds regelmatig geld over. ‘Nu kunnen we af en toe iets leuks doen met de kinderen.’

Maar toen de kinderen met Sinterklaas een wens mochten doen, was het toch weer: ‘Papa, breng ons alsjeblieft terug naar Boxmeer.’

Als het zou kunnen, zou Khachatryan morgen verhuizen. ‘Hoe zeg je dat ook alweer zo mooi in het Nederlands’, peinst hij in zijn woonkamer. ‘O ja: Als je stilstaat, ga je achteruit.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden