Volgrechtgeld maakt rijke kunstenaars rijker

Met de volgrechtregeling uit 2006 moesten kunstenaars geld verdienen aan de doorverkoop van hun schilderijen. In de praktijk is dat nauwelijks het geval.

AMSTERDAM - Vincent van Gogh verkocht in zijn leven één schilderij, De rode wijngaard, voor 400 francs. Vandaag de dag is het werk miljoenen waard. 'Van Gogh zou nooit enige vrucht hebben gehad van deze waardestijging', zei toenmalig minister van Justitie Piet Hein Donner in 2006. Daarom werd in dat jaar het volgrecht ingevoerd, een uitbreiding op de auteurswet die bepaalt dat de kunstenaar een vergoeding krijgt als zijn werk wordt doorverkocht. Voor de kleine kunstenaar zou het een welkome extra bron van inkomsten zijn.


Nu, zeven jaar later, blijkt dat de modale kunstenaar nagenoeg niets verdient aan het volgrecht. 'We vinden het niet leuk om toe te geven, maar het is zo', zegt Sander van der Wiel van Pictoright, de stichting die voor veel Nederlandse kunstenaars het volgrecht int.


Oorzaak is de relatief hoge drempel van 3.000 euro die Nederland hanteert. Er zijn maar weinig kunstenaars die hun werk voor die prijs of meer verkopen. In België ligt die op 2.000 euro, in Duitsland op 400 euro.


Kunstenaarsvakbond FNV Kiem en de Beroepsvereniging voor Beeldend Kunstenaars (BBK) willen daarom dat de drempel wordt verlaagd naar 1.000 euro. Ze stuurden onlangs een brief aan minister Jet Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.


Volgens schattingen van Pictoright kon in 2012 1,1 miljoen euro worden verdeeld over vijfhonderd kunstenaars en erven. Door het verlagen van de drempel kunnen drie- tot vijfhonderd kunstenaars meer profiteren. 'Kunstenaars die goed in de markt liggen, maar niet tot het topsegment behoren', aldus Jonna van 't Hof, consultant bij het BBK.


Om grote bedragen zal het meestal niet gaan. Van de eerste 3.000 euro moet nu 4 procent worden afgestaan, dus 120 euro. Voor hogere bedragen is dat percentage lager. Het maximale bedrag dat een kunstenaar kan ontvangen is 12.500 euro.


Wie worden rijk van het volgrecht? 'Grote namen als Marlene Dumas, Erwin Olaf en de erven van Karel Appel. In een goed jaar kunnen zij 10.000 euro of meer verdienen', zegt Van der Wiel. De helft van het geld over 2012 ging naar 10 procent van de kunstenaars. Precies waarvoor de kunsthandelaren hebben gewaarschuwd.


Toch zullen zij zich verzetten tegen een verlaging van de drempel uit angst voor administratieve rompslomp. 'Het is een administratieve taak waar je u tegen zegt', aldus Guus Broos, voorzitter van de Nederlandse Galerie Associatie.


Op dit moment wordt dus niemand blij van het volgrecht. Oorzaak is de manier waarop de overheid het heeft ingevoerd. Nederland verzette zich jaren tegen de Europese richtlijn. Doordat Nederland een relatief grote kunstmarkt heeft, was er de angst dat die zich naar landen zonder volgrecht, zoals Amerika zou verplaatsen.


Toen de regel in 2006 in werking werd gesteld, koos men voor de hoogst mogelijke drempel en werd geen verplicht collectief beheer ingesteld. Hierdoor is de kunsthandel niet verplicht verkoop te melden en ontbreekt overzicht. In de praktijk is het volgrecht daarom een kwestie van goed vertrouwen. 'Voor mij is het overzichtelijk. Ik heb twee kunstenaars op wie het van toepassing is', zegt galeriehouder Fred Wagemans. 'Ik werk nauw samen met de families. Je wilt die relatie niet bezoedelen.'


Kunsthandelaar Frank Buunk van Simonis en Buunk heeft net een schilderij verkocht van een beroemde Nederlandse kunstenaar. 'De vergoeding heb ik zelf naar hem gebracht. De relatie is meer waard dan het geld.'


Maar niet alle kunsthandelaren zijn even eerlijk. Pictoright vermoedt dat sommigen geld achterhouden. 'Van de zeshonderd werken waarover in 2012 volgrecht is betaald, waren slechts veertien afkomstig uit de kunsthandel', zegt Van der Wiel. De rest kwam van de veilinghuizen waarvoor het vanwege het openbare karakter onmogelijk is te sjoemelen.


Wagemans en Buunk zijn niet tegen het volgrecht, maar vrezen wel dat een drempelverlaging de administratieve last zal verhogen. Het is vaak lastig te bepalen wie de erfgenamen van overleden kunstenaars zijn. Als een handelaar een schilderij met verlies verkoopt, moet hij volgrecht afdragen als de verkoopprijs meer dan 3.000 euro bedraagt. Ook is het volgrecht gebonden aan nogal wat uitzonderingen. Daarom staan Wagemans en Buunk positief ten opzichte van een verplicht collectief beheer.


Pictoright, dat nu al 65 procent van de vergoedingen int, zou die rol graag op zich nemen. 'Het zou veel rompslomp schelen. Bovendien kunnen we de markt dan beter in de gaten houden', zegt Sander van der Wiel.


Pictoright heeft zelf ook een belang bij de uitbreiding van het volgrecht. De stichting krijgt een kleine provisie van 5 tot 10 procent over de geïnde vergoedingen. Bij een kunstwerk dat voor 3.000 euro wordt verkocht, komt dat neer op 12 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden