Volgend jaar moet alles weer gewoon zijn

Volendam gaat de pijnlijkste week van het jaar tegemoet. Voor dorpelingen die een kind verloren of hun verbrande zoon of dochter dagelijks zien worstelen, is vrede op aarde niet meer dan holle retoriek....

Tandarts in opleiding Jan Zwarthoed heeft alleen het examen tandsteen verwijderen niet gehaald. Daarvoor mist hij nog de kracht in zijn handen. De vingers van de 20-jarige Volendammer staan in een hoek van negentig graden. De strekpezen zijn doorgebrand, zijn handen zullen altijd kromgebogen blijven. Of dat een onoverkomelijke handicap voor het vak betekent, moet hij nog ondervinden. 'Aan mijn inzet zal het niet liggen.'

Zijn broer Jaap (17) maakt zich zaterdagmorgen op voor een oefenwedstrijd met de B3 van de RKAV Volendam. Na een jarenlange turncarrière aan de Nederlandse top besloot hij vorig jaar te gaan keepen. Laatst heeft hij weer eens geprobeerd te duiken, maar dat viel niks mee. Op zijn rug en zijn rechter arm en -been is huid getransplanteerd. 'Dat gras leek wel beton.' Daarom bezet hij voorlopig even de positie van linksbuiten. Het ijzelt. Als die wedstrijd nou maar doorgaat.

Na de brand in café De Hemel lagen ze bijna vier maanden in het ziekenhuis. Jan in Groningen, Jaap in Rotterdam. Hun ouders reden heen en weer. Drie dagen na elkaar kwamen ze thuis. Dat ze erg slecht hebben gelegen, dat Jan zelfs een paar keer in levensgevaar heeft verkeerd, ze blijven er ontstellend nuchter onder. Jan denkt vooral met afschuw terug aan de verplichte zesmaal daagse dosis fortimel om aan te sterken: 'Cakebeslag in een pakkie.' Terwijl broer Jaap een paar honderd kilometer verderop notabene aan een Big Mac zat.

Erg? 'Weet je wat erg is?', zegt Jaap. 'Dat andere mensen er zo'n drama van maken. Dat ze je verbrande handen zien en je dan behandelen als een klein kind.' Toen hij met de voetbalclub een paar dagen naar Maastricht ging, zeiden zijn vrienden later dat iedereen op straat naar hem had gekeken. Hij had er niks van gemerkt. 'Jongen, wat zie jij eruit', zei de buschauffeur toen Jan voor het eerst weer richting de universiteit ging. 'Nou en? Dat maakt mij niet uit, hoor. Ik kijk toch ook naar iemand met een gebroken been?'

In de hoek van de huiskamer staat een grote kerstboom. Moeder Elly vertelt hoe bij het optuigen 'het gevoel van toen' weer bovenkwam. De kerstboom van vorig jaar is door de buren opgeruimd. Nog even en ze kunnen niet meer tegen elkaar zeggen: vorig jaar rond deze tijd was alles nog gewoon.

Nu pas heeft ze tijd om alles rustig te overdenken. 'We zijn zo lang bezig geweest met de kinderen en met het regelen van praktische zaken. En het afgelopen jaar zijn we voortdurend aan de ramp herinnerd. Omdat er een slachtoffer uit het ziekenhuis kwam of omdat een ander vanwege complicaties weer terug moest.'

Oud-profvoetballer en dorpsgenoot Wim Jonk memoreerde het al in het gedicht dat hij voor aanvang van de wedstrijd van verbondenheid in het stadion van FC Volendam voordroeg: 'Maanden zijn voorbijgegaan/ Het lijkt wel alsof de tijd hier heeft stilgestaan.' Elly Zwarthoed zegt: 'Ik kan maar niet begrijpen dat die kerstboom er nu alweer staat.'

Volendam gaat de pijnlijkste week van het jaar tegemoet. De eerste herdenking van de brand in de nieuwjaarsnacht, die aan veertien jongeren het leven kostte en tientallen ernstig verminkte, werpt zijn schaduw vooruit. Uitbundige kerstversiering is niet gepast, in de wetenschap dat de ramp in het café op de dijk werd veroorzaakt door brandende kersttakken.

Ook de kerstgedachte lijkt dit jaar aan het Noord-Hollandse dorp niet besteed. Vrede op aarde, het is holle retoriek voor de Volendammers die een kind verloren of hun verbrande zoon of dochter nog dagelijks zien worstelen. En dat allemaal door toedoen van een kroegbaas die nauwelijks aan brandpreventie deed en een gemeente die laks was bij de controle daarop.

'Toen tientallen kinderen nog lagen te vechten voor hun leven, werd in de gemeenteraad een debat gevoerd waarbij iedereen zijn straatje schoonveegde', zegt Albert Binken, wiens zoon Martin maandenlang zwaargewond in een Belgisch ziekenhuis lag. 'Als je hoort hoeveel steken ze hebben laten vallen, is het uitermate stuitend dat de meerderheid gewoon blijft zitten.' Klaas Smit, vader van Marga die voor 77 procent is verbrand, heeft geen goed woord over voor café-eigenaar Jan Veerman: 'Hij zat op 1 januari al met zijn advocaat om de tafel, wij stonden in het ziekenhuis bij een onherkenbaar kind.'

Journalist en Volendammer Eddy Veerman kwam die boosheid tegen toen hij het afgelopen jaar voor het plaatselijke weekblad Nieuw Volendam bijna wekelijks dorpsgenoten interviewde. Uit die gesprekken stelde hij een boek samen, dat twee weken geleden verscheen. Het verdriet van Volendam (BZZTÔH, f 29,75; de opbrengst van het boek komt ten goede aan de slachtoffers) vertelt het verhaal van slachtoffers en ouders, van nuchterheid, wilskracht en optimisme, maar ook van verlangen, onbegrip en woede.

De ouders van de 18-jarige Edward Jonk, die hun zoon op nieuwjaarsmorgen in de ijskoude, donkere kerk van Edam moesten identificeren, spreken in het boek een felle aanklacht uit. Hun kind is vermoord, zeggen ze, door gemakzucht en nalatigheid van volwassenen.

Even bestond de hoop dat die nalatigheid voor de rechtbank tot een spijtbetuiging zou leiden. Maar de negen getuigen die twee weken geleden door de advocaten van de slachtoffers voor de rechter-commissaris in Haarlem werden opgeroepen, probeerden vooral aan te tonen dat het niet aan hen had gelegen. De gemeenteambtenaar beklaagde zich over gebrek aan personeel, de burgemeester kwam met felle kritiek op de lokale partij Volendam '80, en horeca-ondernemer Jan Veerman hield helemaal zijn mond.

Tot verbijstering van de ouders van Anja Kok, die in juli als laatste slachtoffer overleed, werd Veerman aan het einde van de zitting ook nog gevraagd of hij kosten had gemaakt om naar Haarlem te komen. 'Ongelooflijk, wat is dit krom.'

Nooit een kaartje van de gemeente, geen excuus van eigenaar Veerman, de Volendammers voelen zich in de steek gelaten. Medeleven blijkt juridisch gezien ongeveer een schuldbekentenis. Voor de plaatselijke krant sprak Eddy Veerman een paar maanden geleden uitgebreid met de eigenaar van De Hemel, maar die besloot na lezing van zijn bijdrage op advies van zijn advocaten van publicatie af te zien.

Pastoor Jan Berkhout zegt begrip te hebben voor de boosheid die rondwaart. Eens in de maand komen de ouders van de overleden kinderen samen in de pastorie naast de Vincentiuskerk. De ouders bedachten daar de tekst voor het monument: 'Door gemakzucht en nalatigheid zijn wij onze kinderen en daarmee de vreugde van het leven kwijt.' Berkhout realiseert zich dat die aanklacht voor eeuwig in het zwarte marmer zal blijven staan, maar zegt: 'Ik had niet het recht hun tekst te corrigeren.'

Berkhout hoopt dat het dorp ooit kan vergeven. Misschien, zegt hij, kan hij daarin zelf een bemiddelende rol spelen. Voorlopig is het daarvoor nog veel te vroeg, weet hij. 'Ik gebruik het woord vergeving niet eens. Dat zou kwetsend zijn, een ontkenning van wat slachtoffers en ouders hebben meegemaakt. De pijn moet eerst door alle registers van hun gevoel heen, willen ze toekomen aan vergiffenis.'

Toch zou enige zelfreflectie het dorp niet misstaan, vindt hij. 'Volendam zoekt een zondebok, maar zou zichzelf ook de vraag moeten stellen: hoe heeft het zover kunnen komen?' De bezinning was weg, zegt Berkhout. Na eeuwen van armoede kwam het succes in de muziek, de voetbal, het toerisme, de visserij, maar die rijkdom had een keerzijde. 'De Volendammers, ik hou veel van ze, maar ze waren vooral bezig met hard werken, veel geld verdienen, stevig uitgaan en grenzen verkennen.'

Vorig jaar schreef hij de gemeenteraad een open brief waarin hij zijn zorgen uitte over het toenemende drugsgebruik onder jongeren. Hij kreeg woedende reacties: hoe hij het in zijn hoofd haalde daarmee naar buiten te komen, zijn aantijgingen waren slecht voor het toerisme. 'Nu is de voorzichtigheid gekomen.'

Psychiater Matty Hakvoort, die betrokken is bij de nazorg voor de slachtoffers en hun familie, zegt dat niet iedereen in Volendam hetzelfde over de schuldvraag denkt. 'Dorpelingen die niet direct bij de brand betrokken waren, zien Jan Veerman als een exponent van de gedoogcultuur en beseffen dat deze ramp in veel meer kroegen had kunnen plaatsvinden.'

Veerman is 'communicatief onhandig', zegt Hakvoort, maar dat maakt hem nog niet meteen de verpersoonlijking van het kwaad. 'Wat er is gebeurd, is heel moeilijk te accepteren, maar alle boosheid die daaruit voortkomt, komt nu bij die man terecht. Natuurlijk is het onverdraaglijk dat je je kind op zo'n vreselijke manier verliest, natuurlijk is de woede begrijpelijk. Achteraf roepen dat dingen voorkomen hadden kunnen worden, geeft meer greep op het leven. Alles beter dan de angst dat dergelijke rampen gewoon kunnen gebeuren.'

Hulpverleners verwachten pas volgend jaar grote psychologische problemen. Fricties in gezinnen waar jongeren die bezig waren van thuis los te komen, nu weer compleet afhankelijk zijn van hun ouders. Problemen met broers en zussen van slachtoffers die maandenlang aandacht tekort zijn gekomen. De ramp zal wellicht zelfs tot scheidingen leiden.

De afgelopen maanden zijn alle slachtoffers en hun naaste familie benaderd met de vraag of ze hulp wensen. Wie wil, wordt gekoppeld aan een supporter uit het dorp. De meeste jongeren hoeven niet zo nodig, weet maatschappelijk werkster Annemarie Vriesenga. Voor hen is een speciaal systeem bedacht: 'Organiseer wat, zet ze op een boot, als ze er maar niet met elkaar over hoeven te praten, dan praten ze wel.'

Vriesenga, coach van twee supportersgroepen, is vol respect voor de manier waarop de Volendammers elkaar helpen. 'Het bijzondere is dat ze nu eindelijk gaan praten. Volendammers waren altijd mensen van twee banen, niet zeuren en een flinke borrel. Maar wat is gebeurd, is zo erg, daar kun je niet níet over praten.'

Zorgen maakt ze zich alleen over de 'ongezonde pikorde' die dreigt te ontstaan. De meeste aandacht gaat naar de jongeren met zichtbare verwondingen, daarna volgen de slachtoffers met brandwonden onder hun kleren. De cafébezoekers die niet zijn verbrand, worden geacht geen problemen te hebben.

Eddy Veerman interviewde onlangs voor Nieuw Volendam zes slachtoffers zonder zichtbaar letsel. 'Zij worstelen met problemen die niet onderschat mogen worden, maar die cijferen ze weg omdat aan hen niets is af te zien. Het gevaar bestaat dat jongeren er voor elkaar uit stoerheid niet voor uit durven te komen dat ze hulp nodig hebben.'

Hij merkt dat de kloof tussen betrokkenen en niet-betrokkenen in Volendam groeit. Uit piëteit met de slachtoffers werd de kermis dit jaar al overgeslagen en tijdens de jaarwisseling blijven de kroegen dicht. Volgend jaar moet alles weer gewoon zijn, hoort hij om zich heen.

De scherpte die vlak na de ramp ontstond, ebt alweer weg, zegt hij. Er zou strenger gecontroleerd worden op het aantal bezoekers en op hun leeftijd, maar als de broers Zwarthoed zaterdagavond in café 't Gat van Nederland komen, zien ze daar niets van. 'Het is daar op allebei de verdiepingen mudvol.'

Ook onderwijzer Loek Kras constateert dat Volendam weinig heeft geleerd. Laatst las hij dat een dorpsgenoot zonder bouwvergunning een muur had neergezet. 'En wat zei de gemeente? Eens kijken hoe we die zo snel mogelijk kunnen legaliseren.' Uit een onderzoek dat onlangs in de plaatselijke krant is afgedrukt, blijkt dat het vertrouwen van de Volendammers in de politiek naar een dieptepunt is gezakt. Dat heeft alles te maken met de bestuurscultuur, zegt Kras. 'Politici blijven veel te lang zitten en daardoor wordt de speelruimte kleiner om objectief politiek te bedrijven.'

Kras richtte twee weken geleden samen met twee vrienden een nieuwe politieke partij op: Recht door Zee. Veranderen is moeilijk na zoveel jaar, zegt hij, maar het móet gebeuren. 'Het is in Volendam het gesprek van de dag.'

Jaap Zwarthoed is vorige maand teruggegaan naar De Hemel. Maar de barkrukken stonden opgestapeld langs de kant en het muurtje waar hij naast had gestaan, was weggesloopt. Jan Veerman bouwt naast de rampplek aan een nieuwe horecagelegenheid. Toen Eddy Veerman er laatst was, lagen er bouwspullen in een hoek en werkhandschoenen op de bar. Tactloos, vindt Elly Zwarthoed. 'Toen wij nog in het ziekenhuis zaten, was hij alweer bezig met een nieuwe kroeg. Om nou te beweren dat die man veertien doden op zijn geweten heeft, gaat me te ver. Maar hij had zich heel anders moeten opstellen.'

Pastoor Berkhout wil Veerman niet veroordelen. 'Dat is aan de rechter. Maar ik vraag me af of zijn advocaten hem wel helpen door alleen zijn financiële belangen te behartigen.'

Hij vertelt het verhaal van de Amerikaanse soldaat die tijdens de Vietnam-oorlog op het punt stond een tegenstander neer te schieten. 'Vlak voordat hij de trekker zou overhalen, keek hij de Vietnamees in de ogen en zag toen een mens zoals hij zelf was. En hij gooide zijn geweer op de grond.' Hij zegt: 'Ik hoop dat er in Volendam ooit zo'n moment komt.'

Een jaar na 'de brand met een hoofdletter', zoals de rechter-commissaris in Haarlem het verwoordde, wordt het verdriet van Volendam in besloten kring verwerkt. Er is een herdenkingsmis en een nachtwake waar jongeren samen gedichten lezen. Het kerkhof is de hele nacht verlicht, in de pastorie staat een pot koffie en zijn hulpverleners aanwezig.

Jan Zwarthoed brengt oudejaars avond door in het AMC, bij zijn vriend Fred Smit, die niet naar huis mag omdat zijn luchtpijp grotendeels is verbrand. Jaap zit bij vrienden. En dan zullen ze rond tien voor halfeen wel naar de klok kijken, denken ze.

Op de begraafplaats waar de veertien jongeren rusten, ligt een grafkrans met een groen-geel lint. Ervoor een bosje bloemen met een verregend kaartje: 'FC Den Haag-supporters hebben ook gevoel.' Het kerkhof is een toeristische trekpleister geworden; gidsen loodsen busladingen bezoekers van het rampcafé naar het hoekje naast de kerk. 'Gelukkig gebeurt dat allemaal op eerbiedige wijze', zegt Berkhout.

Op het graf van Edward Jonk staat een kerststukje van zijn vrienden. Vlak bij de pastorie ligt een kerstboom in de mist. De klasgenoten van Peter Veerman hebben ter gelegenheid van zijn zestiende verjaardag een gedicht neergelegd: 'This is the end, my only friend, the end. Ik zou willen schreeuwen maar mijn stem is weg.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden