Voetbalstad verdeeld in rood en blauw

Met de vele miljoenen van sjeik Mansour kocht Manchester City een kampioensploeg. Maar de Engelse titel lijkt voor de twintigste keer naar stadgenoot United te gaan. Clubiconen over de strijd tussen rood en blauw.

Als Les Chapman nog niet zo lang geleden op trainingskamp ging met Manchester City viel het hem op dat de spelers nauwelijks werden herkend in het buitenland. Nu schieten ze de 63-jarige materiaalman, een cultheld die sinds 1992 werkzaam is voor de club, continu aan. Of hij kaartjes of shirtjes kan regelen.


'We krijgen aanzien in Europa. De tijd dat we ergens neerstreken en niemand naar ons omkeek ligt definitief achter ons', zegt hij. 'Chappie', zoals iedereen hem liefkozend noemt, was zelf jarenlang prof en ook korte tijd manager.


Hij gaat voor op het schitterende trainingscomplex Carrington, waar coach Roberto Mancini zijn auto precies voor de deur kan parkeren. 'Maar hij komt bijna nooit met de auto, Roberto is vrijwel altijd met de racefiets', zegt de receptionist.


Chapman laat horen dat de Nederlandse schuttingwoorden, die oud-speler Paul Bosvelt hem leerde, nog niet zijn weggezakt. En hij informeert naar Gerard Wiekens, de oud-verdediger die de club tussen 1997 en 2004 diende. Het noemen van de naam alleen al. Ja, het zijn andere tijden, zegt Chapman als hij buiten een sigaretje opsteekt.


'Zonder het geld uit Abu Dhabi had ik dit allemaal nooit zien gebeuren', zegt hij. 'In de beleving van anderen hebben wij het succes gekocht. Dat is correct, maar daarmee is de ziel nog niet uit de club verdwenen. Ik koester het verleden. Maar ik ben blij dat we weer een serieuze bedreiging zijn voor United. En ik ben de enige niet in de stad.'


Na het veroveren van de FA Cup in 2011, de eerste trofee in 35 jaar, is het binnenhalen van de landstitel nu in ieders gedachte. Dat bleek bijvoorbeeld, op tamelijk komische wijze, rond de Europa League-wedstrijd tegen FC Porto (4-0) van vijf weken geleden.


Op de videoschermen in het stadion waren interviews te zien met supporters, die kort voor de wedstrijd bij de eetkraampjes waren opgenomen. Wie er ook in beeld kwam, steeds was het verhaal dat de Europa League niet zo interessant is.


Velen hadden het eerste duel in Portugal zelfs niet eens op tv bekeken. 'Was het wat?', vroeg ene Leroy aan de presentatrice van het clubkanaal. Haar verbouwereerde blik was onbetaalbaar.


Vorig jaar de FA Cup, dit seizoen de Premier League, volgend seizoen de Champions League: zo zagen de fans het voor zich. Ze dromen ervan als Blue Moon, hun clublied, door de speakers weerklinkt in het Etihad stadion. Daar hangt een spandoek, waarop sjeik Mansour wordt bedankt voor al zijn investeringen. De lijst van aankopen, met daarop ook Nigel de Jong, is eindeloos.


Vuistslag

Bij de stadgenoot wordt het groeiproces bij City nauwlettend in de gaten gehouden. Lou Macari, de Schotse oud-speler van Manchester United (van 1973 tot 1984) die als analist werkzaam is voor het clubkanaal, kan zich nog herinneren dat hij moest lachen om al die aankopen.


Beleid was er niet in te ontdekken. 'Toen City voor het eerst zoveel geld te besteden had, dacht iedereen dat het tijd zou kosten voordat ze hun plannen konden realiseren. Er waren geen tekenen dat het ging gebeuren', zegt hij.


'Maar nadat ze flink met geld hadden gesmeten, is de club gekalmeerd. Tenminste, ze zijn selectiever geworden.' Hij lacht, zich realiserend dat er in tijden van recessie nog steeds enorm wordt geïnvesteerd door City.


'Toen ze ons in oktober met 6-1 versloegen op Old Trafford was dat, na hun winst in de FA Cup van vorig seizoen, het tweede signaal van betekenis. City is geen eendagsvlieg.'


Die wedstrijd is cruciaal geweest voor de omslag in het denken bij de City-fans. United werd die middag niet alleen de grootste thuisnederlaag in 56 jaar toegebracht. 'Ze konden niet meer om ons heen', zegt de 69-jarige clubambassadeur Mike Summerbee. 'Het was een vuistslag op tafel. Dit viel niet meer te ontkennen.' Summerbee is een voormalig Engels international, die tussen 1965 en 1975 uitkwam voor Manchester City. Vorig seizoen, nadat Wayne Rooney de derby voor United had beslist met een formidabele omhaal in de kruising, was hij als tv-analist te gast bij Sky Sports.


Het werd, zacht uitgedrukt, geen succes. Terwijl de andere studiogasten Jamie Redknapp en Dwight Yorke United prezen, veranderde Summerbee in een verbitterde zuurpruim die riep dat City het duel had gedomineerd en de beste kansen had gekregen. 'Buzzer', in zijn tijd als speler al een heetgebakerd heerschap, keerde nadien niet meer terug bij Sky.


'De rivaliteit is onveranderd', zegt hij met gevoel voor understatement. 'Ik zie wat dat betreft geen verschil met 1969, toen we eerste en tweede waren op de ranglijst. Ons zelfvertrouwen is nu enorm groot. Dat zie je door de hele club heen. Als ik ons nu zie voetballen, moet ik denken aan het grote Ajax met Cruijff, Neeskens en Krol. Die straalden ook altijd iets uit van: wie maakt ons wat?'


Toch heerst nu de gedachte dat Manchester United binnenkort zijn twintigste landstitel zal gaan begroeten. Net toen de fans van City voorzichtig begonnen te dromen van een kampioenschap, werd het maart en veranderde alles. Wat begon met een nederlaag tegen Swansea City, werd gevolgd door remises tegen Stoke City en Sunderland. Zeven punten gingen verloren, en daarmee waarschijnlijk ook de titel.


Want weg was United, met bepaald niet de sterkste ploeg uit al die jaren onder Sir Alex Ferguson. Maar als het aankomt op zaken als vasthoudendheid en kunnen pieken als het erom gaat, dan hoef je zelfs deze jeugdige generatie Red Devils niets uit te leggen. Dan staan ze er gewoon.


Gevecht

Omdat het moet. Omdat ze niet anders zijn gewend. En omdat manager Ferguson hen bij de les houdt. Met een restprogramma, waarvan zelfs de grootste sceptici toch echt niet staan te trillen op hun benen, moet United de voorsprong van vijf punten op zijn rivaal eenvoudig kunnen handhaven.


En dat in de wetenschap dat liefst tien van de laatste elf competitiewedstrijden werden gewonnen. Blijven beide teams uit Manchester de komende wedstrijden in evenwicht, dan lonkt voor United het vooruitzicht van een beslissend gevecht op het veld van City, op 30 april.


Wie de verbijsterende 1-6 van eerder dit seizoen op Old Trafford in herinnering roept, weet dat er nog een rekening openstaat. Macari, van United: 'Die uitslag was een schok voor ons allen, supporters en clubmensen. Misschien heeft het ons wakker geschud, al geldt dat in mijn ogen meer voor de uitschakeling in de Champions League door FC Basel. Die dreun was niet meer te repareren, de nederlaag tegen City wel.'


Michel Vonk is trainer van Sparta. Hij speelde tussen 1992 en 1995 voor Manchester City.

'Als je blauw geboren bent, blijf je blauw. Die les is me altijd bijgebleven van mijn tijd in Manchester. City stond toen zo ver in de schaduw van United, daar heeft de jeugd van nu geen beeld bij. Die ziet al die internationals, waarmee City twee Premier Leagueteams kan opstellen, en denkt verder niet na.


'Maar ik herinner me ons bescheiden team en Moss Side, de wijk waar stadion Maine Road lag. Een kansarme buurt met veel criminaliteit. Daar moest je 's avonds echt oppassen. Nu is er het nieuwe stadion, zijn er de sterren gekomen en straks dus misschien ook het succes.


'Ik ben blij voor mijn oude vrienden, met wie ik nog steeds contact heb. Die 1-6 van begin dit seizoen op Old Trafford, weegt heel zwaar voor die mensen. Daar kunnen ze even op teren. En dromen van een titel, dat was heel lang ondenkbaar.'


Alfons Groenendijk is coach van FC Den Bosch. Hij speelde in het seizoen 1993-1994 voor Manchester City.

'Ik kan me een feestje met Kerst herinneren dat ontaardde in een vechtpartij. In Denton, vlak bij Manchester, was het. Ik was door mijn buren, schatten van mensen die niets met voetbal hadden, uitgenodigd. Van de rivaliteit tussen beide clubs waren zij niet op de hoogte.


'Toen het besef doordrong dat er een City-speler binnen was, werd de sfeer een stuk minder vreedzaam. Ik heb de tent via een achteruitgang verlaten, waar ik in zo'n bolhoedje werd geduwd. Tja, aparte ervaring.


'Ik heb vijftien maanden in Manchester gezeten en vond het een verademing qua sportbeleving. Het publiek van City is een afspiegeling van de gemiddelde Engelse woonwijk voor de lagere sociale klasse. United aftroeven, daar draait het om. Maakt niet uit hoe, dus die Arabieren zijn er meer dan welkom.'


Gerard Wiekens is assistent-trainer van Veendam. Hij speelde tussen 1997 en 2004 voor Manchester City.

'United had in die hele periode een beetje het idee: allemaal leuk en aardig die rivaliteit, maar City bedreigt ons toch niet. De kloof was enorm. Ik woonde ten zuiden van Manchester, in Bramhall, een wijkje voor voetballers. Andy Cole, Dwight Yorke en Jaap Stam waren mijn buren.


'Ik kan me vooral de laatste derby op Maine Road herinneren, toen we met 3-1 wonnen. Bij het omroepen van de namen van de United-spelers, onder wie Van Nistelrooij, werd zo hard gefloten dat je niets hoorde. Kippenvel. Daar hebben ze het nu nog over als ik terug ben in de stad.


'Dat ik bij City nog een keer speler van het jaar ben geweest, is een ander hoogtepunt dat ik koester. Het zegt ook veel over wat er allemaal is veranderd. Nu heb je daar geweldige spelers als Silva, Agüero en Nasri.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden