Voetbal, teken van vrijheid en nieuwe hoop

Natuurlijk waren ook de bewoners van Spangen in de afgelopen winter wanhopig op zoek naar brandstoffen. Geen wonder dat zij daartoe zelfs het gravel van de tennisbanen wegschepten, om zodoende bij de brandbare sintels eronder te komen....

Eindelijk, na ruim negen maanden, hebben de inwoners van Rotterdam en Schiedam weer kunnen genieten van een partij voetbal. Dat zij het initiatief van de zes eerste-klasverenigingen op prijs stelden, bleek duidelijk uit de grote belangstelling die zij voor de eerste wedstrijden van het toernooi om de Bevrijdingsbeker betoonden.

Uit alle delen van de stad waren de voetballiefhebbers zondag 20 mei naar Spangen getrokken om daar getuige te zijn van de ontmoeting tussen Sparta en RFC, zodat het Kasteel met circa twaalfduizend toeschouwers gezellig gevuld was. Vele vooraanstaande mannen uit de Rotterdamse voetbalwereld gaven acte de présence: links en rechts zag men oude bekenden elkaar de hand schudden en naar het wel en wee van familie en kennissen informeren.

Op het roemruchte Kasteel, voor de oorlog een van de mooiste stadions van Nederland, waren de in de laatste oorlogsmaanden aangerichte vernielingen goed te zien. Er was getracht een en ander provisorisch te repareren, maar de gevolgen van wat 'de winterveldtocht der Spangenbewoners' is gaan heten, zijn zo ernstig dat het nog geruime tijd zal duren voor zij volledig zijn hersteld.

Citaat uit de notulen van de buitengewone algemene ledenvergadering van 17 februari : 'Omheining weggebroken door buurtbewoners. Populierenaanplant (ongeschikt voor elke stookin– richting) volledig uitgeroeid door de buurtbewoners. De heesters aan de voorzijde gedeeltelijk opgeruimd door de buurtbewoners, vier (de mooiste!) van onze tennisbanen volkomen vernield en omgeploegd en het hekwerk gesloopt door de buurtbewoners, een kleedlokaal ontmanteld, de kranen geroofd en de ruiten ingegooid door de buurtbewoners, gedeelten van twee tribunes, chocolade- en controlehuisjes, urinoirs, reclameborden, verscheidene houten hekken op het veld, alle meegenomen door de buurtbewoners.'

Natuurlijk waren ook de bewoners van Spangen in de afgelopen winter wanhopig op zoek naar brandstoffen. Geen wonder dat zij daartoe zelfs het gravel van de tennisbanen wegschepten, om zodoende bij de brandbare sintels eronder te komen. Geen wonder dat de begin februari door de club ingestelde bewaking onvoldoende bleek. Een bewaker moest zijn liefde voor de club bekopen met een aframmeling door twee buurtbewoners en belandde in het ziekenhuis.

Wie de laatste maanden van de oorlog in de stad meemaakte, wie de kou heeft gevoeld en de honger, weet waarom die zaken, hoewel niet goed te praten, voorvielen. Maar daarom deed het de ware Spartaan niet minder pijn zijn Kasteel zo zwaar gehavend te zien liggen.

Volgens de voorzitter van Sparta, Overeynder, beschikt de vereniging niet over het materiaal en de werkkrachten om de aangerichte schade te herstellen. Maar Overeynder voegde daaraantoe dat spelers en publiek weer van vo etbal kunnen genieten en zich na angstige tijden met iets anders dan oorlog en oorlogsomstandigheden kunnen bezighouden.

Wat heeft zich de afgelopen jaren niet allemaal afgespeeld, op en rond het Kasteel? Na het verschrikkelijke bombardement van 14 mei 1940 dat het centrum van de stad in een ruïne veranderde, diende het hoofdgebouw als lazaret. Daarna sloegen Duitse soldaten hun kampement onder de tribunes op. In de daaropvolgende jaren werd op het Kasteel gewoon gevoetbald, zelfs toen op bevel van de bezetter palen op het speelveld moesten worden aangebracht als afweer tegen zweefvliegtuigen. Een ingenieus systeem, waarbij de palen werden geplaatst in betonnen kokers die konden worden afgesloten, zorgde ervoor dat het veld niettemin bespeelbaar bleef. En momenteel speelt het Kasteel een rol in de voedselvoorziening: elke dag krijgen vijfhonderd kinderen uit Spangen hun voedsel in de grote zaal.

Het Kasteel dat lange tijd niet voor elke Rotterdamse burger toegankelijk was. Welke Spartaan herinnert zich niet het enorme bord 'Verboden voor Joden' dat op 27 september 1941 boven de gehele breedte van de hoofdingang bleek te zijn aangebracht? Natuurlijk, de bezetter had op 15 september bepaald dat joden niet meer in het openbaar mochten sporten, een verordening die volgens het Sparta-bestuur zo moest worden begrepen, 'dat de toegang tot ons terrein onder alle omstandigheden verboden is, dus ook voor het deelnemen aan of het bijwonen van van oefeningen', zoals het in een circulaire aan alle leden werd uitgelegd. Weliswaar konden joodse spelers hun al betaalde contributie voor het lopende seizoen terugkrijgen, maar uiterst pijnlijk was het, zeker voor de Rotterdamse club die voor de oorlog de meeste joodse spelers onder haar leden telde.

Ook bij de club leidde die kwestie tot heftige debatten. Maar het was, zei administrateur Jan Wolff (die het 'Verboden voor Joden'-bord had opgehangen) op de jaarvergadering van 27 september, 'verre van hem enige antipathie tegen joden te hebben, integendeel, hij telt onder hen vele vrienden en hij betreurt het dat zij door het verbod te lijden hebben. Hij deed alleen zijn werk.' Dat hebben er de afgelopen jaren meer gezegd.

Op 23 oktober 1941 vaardigden de Duitsers voor joden een officieel verbod op het lidmaatschap van sportverenigingen uit, en toen dat door sommige clubs werd genegeerd, volgde op 11 juni 1942 een verdere aanscherping: vanaf die datum was het officieel verboden voor joden om te roeien, te hengelen en te voetballen. Bij Sparta speelden toen al geen joden meer. In oktober 1941 liet de club de NVB weten 46 joodse spelers te hebben geroyeerd. In totaal waren dat er vermoedelijk meer dan tachtig. Het is gemakkelijk oordelen, nu de vrijheid om te spreken en schrijven wat men wil, is teruggekeerd. Maar een fraai hoofdstuk in de geschiedenis van Sparta is het vanzelfsprekend niet. Op 23 april 1943 stelden de Duitsers vast dat Rotterdam officieel was gezuiverd van joden.

Was het een wonder dat het zondagmiddag menig hart van vreugde deed opspringen toen om drie uur het eerste fluitsignaal weerklonk? Was het een wonder dat het rollen van de bal verschrikkelijke herinneringen voor even naar de achtergrond drong, en het hollen van de 22 spelers gezien werd als een teken van vrijheid en nieuwe hoop? Nee, vanzelfsprekend niet.

De vreugde werd gedempt door de wetenschap dat in beide teams spelers ontbraken, omdat zij nog niet waren teruggekeerd uit Duitse Arbeidsdienst – of erger. Bij RFC ontbraken zelfs acht eerste-elftalspelers, onder wie Apon, Van Walsum en Benningshof. Sparta miste doelman Van den Draay, oud-aanvoerder Seton en Weber.

Aan degenen die wel aanwezig waren, waren de afgelopen zware maanden ook niet ongemerkt voorbij gegaan. Het was de spelers goed aan te zien dat zij vele maanden onder moeilijke omstandigheden en zonder training hebben geleefd. Dit wil geenszins zeggen dat het een slechte en slappe wedstrijd was. Integendeel, vooral de eerste helft was het aanzien volkomen waard en er werd werkelijk met enthousiasme gestreden.

We mogen niet vergeten dat het gisteren nog maar achttien dagen was geleden dat in de Kralingse Plaslaan voedseldroppings voor de uitgehongerde bevolking plaatsvonden. De Zweedse weldoeners kregen inmiddels het eerbetoon dat zij verdienden. De Duitsestraat – welke Rotterdammer zou daar na alles wat zich de afgelopen vijf jaar voordeed nog willen wonen? – werd inmiddels omgedoopt tot Zweedsestraat. Veertien dagen terug, op 5 mei, arriveerden in de Rotterdamse haven pas de eerste schepen, de Engelse Lesto en de Empire Scout, volgeladen met biscuit, soep-in-blik, suiker, melk en zout. Pas morgen wordt het eerste Nederlandse schip in de haven verwacht, de Van der Capellen.

Zaterdag werd eerst de Maastunnel heropend, na vier maanden te zijn gesloten. Dat was al een mooi signaal van nieuwe tijden. En dat waren de duizenden bezoekers bij Sparta-RFC, net als die bij Hermes DVS-Xerxes, de andere wedstrijd in de Bevrijdingscompetitie. Men kwam veelal lopend naar de stadions. De RET kan nog geen trams laten rijden, en veel fietsen zijn er in de stad ook niet meer te vinden. Het was alsof de terugkeer van Koning Voetbal voor velen het signaal was voor de hervatting van het gewone leven, waar menigeen de afgelopen jaren zo naar snakte.

In Schiedam, waar Xerxes Hermes DVS met 1-4 aan de zegekar bond, verzorgde het muziekcorps 'Oefening Baart Kunst' de muzikale omlijsting. Voor het begin van de wedstrijd werd het Wilhelmus gespeeld. Daarna werd een minuut stilte in acht genomen voor hen die in de vrijheidsstrijd het leven lieten.

De 5-0 overwinning van Sparta op RFC was, zonder iets aan de prestaties van de rood-witten te willen afdoen, iets geflatteerd; RFC, dat nog al eens met de buitenspelregel overhoop lag, had een tegendoelpunt verdiend .

Ongetwijfeld gingen op de tribune de gedachten naar de Spartanen die niet meer zullen terugkomen. Naar de clubleden die omkwamen bij het bombardement van 31 maart 1943, waarbij ook clubarts Vader en zijn gezin stierven, samen met 340 anderen. Het lot van veel weggevoerde joodse Spartanen (Querido, Knap, Mogendorff, Zwarenstein, Salmanowitz en Van Gelderen, Van Leer) is nog onbekend. Het Sparta van voor de oorlog zal nooit meer terugkeren.

De wedstrijd werd voorafgegaan door een wedstrijd tussen de junioren van Sparta en RFC. Ook daar waren de gevolgen van de oorlog goed zichtbaar. Menig speler speelde op te kleine dan wel veel te grote voetbalschoenen – en dat waren dan nog de gelukkigen die over kicksen beschikten. Voor veel jeugdspelers is trainen nog onmogelijk, bij gebrek aan geschikte schoenen en sportkleding. Ook zijn velen nog te zwak om zich aan al te zware lichamelijke trainingsarbeid te onderwerpen. Overigens zijn ook de meeste velden in de stad nog ongeschikt voor voetbal. Het Gemeentelijk Bureau voor Lichamelijke Opvoeding hoopt de meeste terreinen nog voor 1 juni zover te hebben hersteld dat zij tenminste voor trainingsdoeleinden kunnen worden gebruikt.

Vergeleken met de vernielingen aan havens en stad betreft het hier zorgen van klein kaliber. Heeft de Herstelcommissie van de stad niet eergisteren nog verklaard dat het herstel daarvan zeker twee jaar in beslag zal nemen. In Pernis is nog slechts één opslagtank intact, Maas-en Rijnhaven zijn onbruikbaar, Waalhaven en Wilhelminakade zijn beschadigd. In totaal is in september en oktober 1944 door de bezetter zeven kilometer kadelengte moedwillig vernield. Bij de immense taak die bij het herstel wacht, mag echter de ontspanning niet worden vergeten. En daarbij kan de sport, die geest en lichaam staalt, een belangrijke taak vervullen.

Daar wij, met het oog op de voedingstoestand, geen oordeel willen geven over de prestaties van de spelers, vermelden wij slechts de namen van de doelpuntenmakers. Het waren Sparta's rechtsbinnen Aad Doornheim, die voor rust Sparta een 2-0 voorsprong gaf, centervoor Henk Mostert, die na de pauze het derde en vijfde doelpunt maakte en rechtsbuiten Kees Mensch, die een hoekschop zo scherp nam dat de bal, zonder door een anderen speler te worden geraakt, voor de vierde keer in het net van RFC vloog.

Zaterdag aanstaande speelt een Sparta-combinatie tegen een elftal van de Royal Air Force. Zondag speelt Sparta in de Kuip het volgende duel om de Bevrijdingsbeker tegen aartsrivaal Feyenoord.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden