Column

Voetbal te vaak van afzichtelijk niveau

Column Willem Vissers

In de auto terug, van voetbalverkrachting Kroatië - Portugal, welde de gedachte op aan gemiste kansen op andere hobby's: punniken voor en met buurtgenoten, de verzorging van vingerplanten in de winter. Want het voetbal op het EK is iets te vaak van afzichtelijk niveau.

'Dat aanstellerige gedrag van al die stoere mannen, die proberen elkaar te naaien, die voortdurend expres op elkaars voeten trappen.' Beeld getty

Het was een zwarte zaterdag. Eerst Zwitserland - Polen, dat ging nog net, hoewel met de verkeerde winnaar. Maar goed, het feit dat geregeld de verkeerde wint is een van de aantrekkingskrachten van het spel.

In het perpetuum mobile van de voetballawine kregen we daarna de tweede divisie van Groot-Brittannië opgediend, een staaltje Brexitvoetbal tussen Wales en Noord-Ierland, waarbij het weer tot vervelens toe over Will Grigg ging, de jongen die nooit meedeed, maar zo intens werd bezongen. En daarna, het affront, de belediging, Kroatië - Portugal.

En het weekeinde was zo mooi begonnen. Zaterdagochtend, na even in Nederland te zijn geweest (300 kilometer van Lille), was ik vertederd door het EK-schema dat de jongste zoon bijhoudt. Niets digitaal, helemaal op papier. Alle uitslagen ingevuld. Hij, 10 jaar jong, kijkt ondanks school ook naar wedstrijden om 21.00 uur, en dan krijg je zoiets te zien op zaterdag. Vooral: dat aanstellerige gedrag van al die stoere mannen, die proberen elkaar te naaien, die voortdurend expres op elkaars voeten trappen.

En dan al die statistieken die de UEFA aanbiedt en waaraan menigeen in de industrie geld verdient. Het aantal goede passes tellen van centrale middenvelders die zich laten zakken naar de linie van hun twee centrale verdedigers en vervolgens een pass geven over acht meter die de centrale verdediger ook had kunnen geven.

Gelukkig keken zoon en ik zaterdagochtend een uur naar een samenvatting van de Copa América, naar de wedstrijden tot de finale. Er was meer voetbal te zien dan in drie EK's bij elkaar.

Ik dacht aan de tijd dat ik zelf 10 was, toen ik het Panini-plaatjesboek over het WK van 1974 beschreef met de uitslagen, toen Nederland de wereld bijna veroverde. Want nee, 'we' wonnen niet in 1974. Ik snap best dat het voor de direct betrokkenen nog steeds schrijnt, die nederlaag tegen de Duitsers, maar we praten er nu nog over, zo mooi was het voetbal.

Niemand heeft het nog over de Europees kampioen van 1996 (Duitsland, met Dieter Eilts), of over die van 2004, behalve in Griekenland zelf dan. Voetbal is groot geworden door spelers met fantasie, lef en creativiteit, door elftallen die tot de verbeelding spreken, niet door bange, nietszeggende coaches aangestuurde ploegjes die we hier in Frankrijk te vaak aan het werk zien.

Net voordat de printer het aanmeldingsformulier voor de cursus punniken voor (en mét) buurtgenoten uitspuugde, wandelde ik zondagochtend over de Grote Markt in Kortrijk. De eerste Belgen maakten zich vrolijk voor het avondmaal, België - Hongarije. Het warme gevoel was opeens terug. Is dat niet waarom het draait, niet alleen in voetbal: om hoop, om verwachting?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.